Overgave

In haar column "Gereguleerde Overgave' stelt Christien Brinkgreve (NRC Handelsblad, 18 april) dat “vrouwen van mannen kunnen leren om zich niet met huid en haar aan de ander over te leveren en haar eigen bezigheden te behouden”.

Met deze stelling ben ik het eens. Ook stelt ze: “Liever af en toe het risico van (seksuele) overgave, dan een al te behoedzaam en aangeharkt bestaan. Want dat geeft (voor vrouwen) alleen maar weer nieuwe tralies”. Hoewel ik het in principe ook met deze stelling eens ben, maakt het artikel mij toch kwaad, en wel om de eenzijdige nadruk op "sekse-verschil' als verklaring voor het aangehaalde gedragsverschil tussen mannen en vrouwen.

Brinkgreve veronachtzaamt maatschappelijke variabelen zoals opvoeding en rollen. Deborah Tanne vermeldt in haar boek "You just don't understand' hoe meisjes opgevoed worden tot de verantwoordelijkheid voor de relaties met de mensen om zich heen, in het bijzonder de (seksuele) partnerrelatie. Onze moeders (mijn moeder is geboren in 1930) haalden hun status, hun zelfwaardering, vooral uit hun bewaakfunctie van dit emotionele netwerk. Een externe status of zelfwaardering via betaalde arbeid buitenshuis was voor deze generatie een zeldzaamheid.

Dochters van deze generatie moeders zijn vaker opgegroeid tot "als je later groot bent word je moeder, moet je een goede echtgenote voor je man zijn', dan "Als je later bent groot word je een goede advocate of een vakvrouw'.

Zonen daarentegen worden opgevoed tot "als je later groot bent word je een goede brandweerman, dokter of ingenieur'. Dat ze ook een goede vader of echtgenoot moeten worden, werd hun doorgaans niet ingeprent.

Brinkgreve vermeldt wat vrouwen van mannen kunnen leren, maar niet wat mannen van vrouwen kunnen leren: namelijk het durven tonen van emoties - ook in de (seksuele) partnerrelatie - en de bereidheid om hieraan in hun eigen leven vorm te geven, door bijvoorbeeld de zorgfunctie in relaties op zich te nemen, te beginnen bij de partnerrelatie en de gezinsrelatie.