Lubbers en Kok oneens over denivellering; Akkoord kabinet al op losse schroeven

DEN HAAG, 25 APRIL. Het akkoord dat het kabinet gisteren heeft gesloten over de begroting voor volgend jaar staat al weer op losse schroeven. Minister-president Lubbers en vice-premier Kok waren het na afloop van de ministerraad oneens over de gevolgen die het kabinetsbesluit voor de inkomensverhoudingen mag hebben.

Voor PvdA-leider Kok is het onaanvaardbaar dat de laagste inkomens er volgend jaar één procent in koopkracht op achteruit dreigen te gaan, terwijl de hogere inkomens er anderhalf procent op vooruitgaan. Lubbers tilt daarentegen niet zwaar aan de denivellerende effecten van de maatregelen. Ze zijn volgens hem “in zekere mate onvermijdelijk”. Hij had er “tot op zekere hoogte ook geen bezwaar tegen”, omdat er een positief effect op de werkgelegenheid van kan uitgaan.

Volgens de premier is de achteruitgang van één procent voor de laagste inkomens “een grens die niet doorschreden mag worden” en moet worden geprobeerd het koopkrachtverlies verder te beperken. Maar over dit laatste wilde hij “geen illusies wekken”.

Met die presentatie toonde Kok zich gisteravond ontevreden, al wilde ook hij geen garanties geven dat er van koopkrachtverlies geen sprake zal zijn. Maar volgens de minister van financiën zijn er in het kabinet, in tegenstelling tot wat Lubbers zei, geen cijfermatige afspraken gemaakt over de koopkrachtontwikkeling. In de PvdA-fractie werd gesproken over “een absoluut onacceptabel beeld” dat deze zomer zeker zal moeten worden bijgesteld.

Lubbers meende gisteravond dat de coalitie van CDA en PvdA “versterkt” uit de onderlinge onderhandelingen te voorschijn was gekomen. Hij onderstreepte, net als Kok, het belang dat het kabinetsbesluit heeft voor de beteugeling van de inflatie.

In principe heeft het kabinet besloten volgend jaar de btw met één procent te verlagen, de uitkeringen van de lonen te ontkoppelen en de inflatiecorrectie in de belastingschijven voor de hogere inkomens te beperken. Daarmee heeft het de hoofdlijnen voor de begroting van volgend jaar uitgezet. Eerder deze week besloot het kabinet al 1,4 miljard gulden te bezuinigen.

De CDA-fractie reageerde gisteravond instemmend op deze kabinetsvoornemens. Weliswaar heeft het CDA zich steeds verzet tegen het schrappen van de inflatiecorrectie, maar nu dit slechts gedeeltelijk gebeurt neemt de fractie daarmee wel genoegen. Zij wijst erop dat de middeninkomens er bij deze operatie op vooruitgaan.

De uitkeringen worden ontkoppeld voorzover de loonstijgingen de twee procent te boven gaan. Via belastingmaatregelen wil het kabinet het koopkrachtverlies voor de laagste inkomens beperken. Daarvoor wordt in elk geval het gedeeltelijk schrappen van de inflatiecorrectie benut. De ontkoppeling leidde gisteravond tot woedende reacties bij de vakbeweging.

Voor de verlaging van de btw, van 18,5 naar 17,5 procent, heeft het kabinet geen financiële dekking aangegeven. Daarover moet het deze zomer nog duidelijkheid verschaffen. Kok onderstreepte gisteren dat de kans op btw-verlaging groter wordt naarmate de loonstijgingen in het bedrijfsleven meer binnen de perken blijven.

De grootste oppositiepartij, de VVD, concludeerde dat het kabinet “voortmoddert” en laakte het niet volledig toepassen van de inflatiecorrectie. Zij vindt dat Kok de zaken omdraait. Eerst moeten de lasten worden verlicht, en dus de btw verlaagd, wil er van loonmatiging sprake kunnen zijn, aldus de VVD-fractie.