Fabels over het derde leven

Een lezeres uit Barendrecht staat samen met haar man aan het begin van een nieuw leven. Ze zijn onlangs beiden met pensioen gegaan en willen graag een financieel plan opstellen. “Hoe doe je dat en zijn we daar niet rijkelijk laat mee”, vraagt mevrouw, “kunt u een vingerwijzing geven?”

Te laat bent u nooit, want ieder moment is geschikt om alle financiële lusten en lasten op een rijtje te zetten. Zestig plussers, die gemiddeld nog twintig jaar voor zich hebben, moeten dat zeker doen. Het is onjuist om te denken dat bij de pensionering het leven vol financiële zorgen eindigt en geruisloos overgaat in een leven met zon en uitstapjes. Financiële deskundigen helpen mee om die mythe in stand te houden door in hun advies vaak toe te werken naar een comfortabel pensioen en voor de tijd erna de zaken op z'n beloop te laten.

Het is even onjuist om 60-plussers op één hoop te gooien en ze te beschouwen als een groep die blij is met een bustocht naar de Floriade met een kopje koffie, een koekje en een plasstop in een uitspanning langs de snelweg. Hèt schrikbeeld van een horeca-exploitant, vooral als iedereen zelf moet betalen.

Nee, je moet de groep onderverdelen naar leeftijd, burgelijke staat, gezondheid, wijze van wonen, werkzaamheden enzovoort. Ieder van die vele subgroepen heeft eigen wensen, behoeften, soorten uitgaven en bronnen van inkomsten, die veranderen als men noodgedwongen of vrijwillig verandert van groep. Dan moeten ook de plannen, als die er zijn, worden bijgesteld.

Pensioen- en lijfrentetrekkers hebben ook wel eens het idee dat ze bepaalde beslissingen moeten nemen. Bij voorbeeld het mijden van ieder risico op beleggingen door alle aandelenbeleggingen te vervangen door waarden die een rente-inkomen garanderen. Dat is een merkwaardige strategie, want aandelen geven op den duur, mits goed belegd, een betere bescherming tegen inflatie dan obligaties. Als de gemiddelde geldontwaarding per jaar 3,5 % bedraagt moet je netto inkomen in die twintig pensioenjaren verdubbelen om hetzelfde te kunnen blijven kopen.

Ontvang je een pensioen dat (ten dele) stijgt met de inflatie of zelfs met de welvaart, dan neemt de verzekeringmaatschappij of het pensioenfonds de rol van belegger op zich. Wie niet zo gelukkig is en van een vaste uitkering leeft, als aanvulling op de AOW, moet goed nadenken over zijn financiële toekomst.

Verkopers van levensverzekeringen en beleggingsfondsen houden de misvatting van het risico mijden in stand door te adviseren tien tot vijf jaar voor de pensioendatum het belegde kapitaal over te hevelen naar veilige fondsen. Dat advies houdt geen rekening met de financiële situatie na die datum.

En dan nog die kinderen. Je hebt ze verwekt, verzorgd, overal mee naar toe genomen, jaren geholpen met hun huiswerk, door de studentenjaren geduwd, getrokken en gevloekt en dan staan ze eindelijk op eigen financiële benen. Rust? Vergeet het maar, want dan begint de volgende cyclus: baantje zoeken, trouwen, kleinkinderen krijgen, eigen huis kopen, een echtscheiding, ontslag, eigen zaak opzetten enzovoort. Ze weten hun ouders altijd te vinden en de juiste snaar te raken. Je komt er niet vanaf. Dus zitten ze in het financiële pensioenplan. Of niet?

In ieder geval loopt het nageslacht al een beetje vooruit op de toekomstige erfenis. Heus niet omdat ze het geld broodnodig hebben, maar het is zonde als de belastingdienst straks meer ontvangt dan nodig is. Dus beginnen gevoelige ouders al vast met uitdelen en belastingvrij schenken. Maar wanneer begin je daarmee? Iemand van zeventig jaar kan negentig worden en ook nog honderdacht. Als je te vroeg en te gul voor Sinterklaas speelt, moet je misschien later lenen bij de kinderen om goed te kunnen leven.

Er zijn nog meer veronderstellingen over het derde leven niet helemaal juist of moeilijk te voorspellen. Enkele voorbeelden: 1. Gepensioneerden betalen veel minder belasting dan tijdens hun actieve leven. 2.De AOW zal voor altijd blijven bestaan en volgt de inflatie. 3.Een gepensioneerde geeft minder uit dan iemand die werkt.

Uit de opgesomde vingerwijzingen mag je de conclusie trekken dat plannen tijdens de pensioenjaren even belangrijk is als in iedere andere levensfase. Maar hoe doe je dat? Allereerst moet iedereen zijn eigen gegevens verzamelen en daarna proberen om een balans en een jaaroverzicht van inkomsten en uitgaven op te stellen. Dat is de basis voor een blik in de toekomst. Hulp van een deskundige - notaris, pensioenadviseur, tussenpersoon in verzekeringen, accountant, bank - zal deze rekenpartij zeker kunnen vereenvoudigen.