Sattelliet steunt theorie "Big Bang'

WASHINGTON, 24 APRIL. Amerikaanse astronomen hebben bevestiging gevonden voor een deel van de "Big Bang'-theorie, volgens welke het heelal veertien miljard jaar geleden in een "Oerknal' ontstond.

Rimpelingen die zijn waargenemen in de zogeheten kosmische achtergrondstraling, de echo van de "Big Bang', zouden de juistheid bevestigen van modellen voor het ontstaan van sterrenselsels. De waarnemingen stroken met de hypothese van de zogeheten "donkere materie' en met een "inflatoir' (korte tijd, zeer snel uitdijend) heelal. De resultaten zijn gisteren in Washington bekend gemaakt op een bijeenkomst van de American Physical Society.

De waarnemingen zijn gedaan door de eind 1989 gelanceerde onderzoeksatelliet Cobe (Cosmic Background Explorer). Op een hoogte van 900 kilometer boven de aarde meet deze ruimte-radiosatelliet de zogeheten 3 Kelvin (K) kosmische achtergrondstraling. Deze radiostraling, ontdekt in de jaren zestig, is de oudste straling uit het heelal. Ze dateert van minder dan enkele honderdduizenden jaren na de "Big Bang'.

Bij de meetnauwkeurigheden die tot nu toe werden gehanteerd, was de kosmische achtergrondstraling op alle punten aan de hemel steeds geheel homogeen. Dat vormde een groot probleem voor modellen voor het onstaan van sterrenstelsels. Om zulke "klonteringen' in de materie te krijgen zou namelijk volgens de theoretici ook de kosmische achtergrondstraling een "gerimpelde' samenstelling moeten hebben gehad - dat wil zeggen kleine temperatuursfluctuaties moeten hebben vertoond.

Cobe heeft nu dergelijke fluctuaties, met een grootte van dertig miljoenste graad, inderdaad gevonden. Deze waarde, aan de uiterste grens van de meetnauwkeurigheid van de Cobe-radiometer, zou een bevestiging vormen voor de bestaande modellen voor het ontstaan van sterrenstelsels. Ook zou ze volledig stroken met de hypothese van het bestaan van "donkere materie', materie waarvan we in het heelal wel de zwaartekracht ervaren maar die niet kunnen zien. Tevens zou de waarneming overeenstemmen met modellen voor een "inflatoir' heelalmodel, waarbij het zeer jonge heelal in de eerste 1/10³5 seconde van zijn bestaan een enorme versnelde extra uitdijing ondervond.

Astronomen in de Verenigde Staten en elders hebben het nieuwe resultaat enthousiast verwelkomd. De Britse "Astronomer Royal' Arnold Wolffendale maande echter in een commentaar tot voorzichtigheid: “We willen niet een tweede koude fusie.