VN staan onder druk meer te doen voor zaak van vrede in Bosnië

PARIJS, 23 APRIL. Van verschillende kanten is de Verenigde Naties gevraagd meer te ondernemen om de burgeroorlog in Bosnië-Herzegovina te beëindigen. VN-secretaris-generaal Boutros Boutros Ghali heeft gisteren ingestemd met de stationering van honderd VN-waarnemers in de regio rond Mostar, in het zuiden van de republiek. De stationering was aanbevolen door de commandant van de VN-troepen in Kroatië, de Indiase generaal Satish Nambiar.

De VN-waarnemers gaan in groepen van tien patrouilleren in het gebied rond Mostar, waar het geweld van de afgelopen weken vooral de vorm heeft aangenomen van bombardementen van de federale Joegoslavische luchtmacht.

De Franse minister van buitenlandse zaken Dumas heeft gisteren de VN gevraagd snel in te grijpen in Bosnië. “De VN moeten zich haasten en tussenbeide komen om nog grotere tragedies en nieuwe rampen te verhinderen”, zo zei Dumas volgens regeringswoordvoerder Martin Malvy in een zitting van het Franse kabinet. Malvy zei er niet bij in welke vorm de VN volgens Dumas in actie zouden moeten komen.

Ook de Islamitische Conferentie Organisatie wendde zich gisteren tot de VN. De groepering, waar 45 islamitische landen bij zijn aangesloten, vroeg gisteren de Veiligheidsraad “urgente maatregelen te nemen om de bevolking van Bosnië-Herzegovina te beschermen”. In een in Tunis uitgegeven verklaring veroordeelde de ICO “de Servische strijdkrachten” wegens “hun poging, te verhinderen dat Bosnië-Herzegovina vrij en onafhankelijk wordt”. De bezorgdheid van de islamitische wereld over de strijd in Bosnië - diverse landen, vooral Saoedi-Arabië, hebben de afgelopen dagen bezorgd commentaar geleverd op de burgeroorlog - is ten dele te verklaren met het gegeven dat de bevolking van Bosnië-Herzegovina voor voor 44 procent uit moslims bestaat.

De Verenigde Staten hebben zich gisteren niet alleen - zoals al eerder - kritisch uitgelaten over de bemoeienis van Servië met de strijd in Bosnië, maar ook kritiek geleverd op een andere partij in het conflict, de moslims. Woordvoerder Margaret Tutweiler zei gisteren in Washington dat “geen enkele partij” in de burgeroorlog onschuldig is. Volgens haar zijn “onregelmatige moslim-strijdkrachten betrokken bij acties die indruisen tegen een vreedzame oplossing van de crisis”, al bleef ze erbij dat “de Serviërs de duidelijkste agressors zijn”. Een andere Amerikaanse woordvoerder zei gisteren dat de moslim-milities in Bosnië betrokken zijn bij “ontvoeringen en martelingen”.

De Duitse christen-democraten hebben gisteren de EG opgeroepen economische sancties tegen Servië af te kondigen als straf voor het optreden van de Serviërs in Bosnië. Een CDU-woordvoerder zei dat de Europese Veiligheidsconferentie CVSE zich bij de bestraffing moet aansluiten door Joegoslavië - in feite Servië - uit de CVSE te zetten. (Reuter, UPI, AP)