Tijd voor uitstapjes naar Lavaland

ZAFFERANA, Sicilië, 23 APRIL. Het lijkt wel feest, op de Etna. Bumper aan bumper kruipen de auto's 's avonds naar boven, de berg op. De weg slingert tussen de woeste, zwart-bruine brokken lava van eeuwen geleden. En boven, op een natuurlijk "balkon' met uitzicht op de vallei die van de vulkaan naar Zafferana voert, staat iedereen zich te vergapen.

Rechts de lichtjes van de vlakte, en heel in de verte een vuurtoren van het vasteland, van Calabria. Links de besneeuwde toppen van de Etna, met twee verdwaalde wolken er tegenaan. En daar tussenin een donkere massa met krakende, sissende en rokende linten van rood-gloeiende lava.

Er hangt een lichte brandlucht, een geur als van aangebrande aardappels. Uit een van de ondergrondse tunnels springt een rivier van lava op die uitwaaiert over de brede vallei. Hier stroomt de lava, je ziet de rotsen bewegen. Elders is de kleur minder fel, is geen beweging zichtbaar. Af en toe stuitert een brandend stukje rots een paar meter naar beneden.

“Wat is dit mooi”, zegt een vrouw. Voor haar en voor de meeste mensen die de rit naar boven hebben gemaakt is dit een uitstapje naar lavaland: woest maar ongevaarlijk, de lava stroomt maar langzaam. Nu nog komen de meeste mensen uit de directe omgeving, met een enkele Duitse en Franse toerist. Maar voor het weekeinde zijn de hotels volgeboekt met gasten van elders uit Italië. “Het is een goudmijn voor ons”, zegt een van de kelners in hotel Primavera. Bij de receptie is een grote foto van de brandende lava opgehangen, en het hotel had deze weken net zo goed Lavazicht kunnen heten.

Het hotel ligt veilig, op een helling waar de lava altijd omheen zal gaan. Wat verder naar beneden, meer de vallei in, is de sfeer grimmiger. De lavastroom is dinsdagavond afgeremd, maar niet tot staan gebracht, en niemand durft te voorspellen hoelang de eruptie van de Etna nog doorgaat. De lava gaat al een week nauwelijks meer vooruit en beweegt zich vooral in de breedte. Maar tegen de helling hangen dreigend de rokende en gloeiende lavalinten, als de tentakels van de vulkaan die zich uitstrekken naar de stad. Nog is Zafferana niet veilig.

Een paar honderd meter buiten de bebouwde kom is het "front', de voorste lijn lava. Langs de kant staan de graafmachines die een aarden wal hebben opgeworpen. Daarachter ligt bewegingloos een smalle strook lava van ruim twee meter hoog, die een week geleden over de dam kroop en het eerste en tot nu toe enige huis heeft vernield. Het dak steekt nog uit boven de grillige, zwarte blokken en hardgeworden kruimels steen, en de lucht erboven trilt: deze lava is nog niet afgekoeld.

Pag.4: De Berg geeft en de Berg neemt; "Het is een goede vulkaan. Hij heeft nog nooit mensen gedood'

Honderd meter verder is de dam. Vogels fluiten en in de verte klinkt een koekoek, regelmatig overstemd door een overvliegende helikopter. Groepjes boeren en militaren staan te kijken hoe in een hoek van de aarden wal de gloeiende lava er langzaam maar onstuitbaar overheen kruipt. De donkere massa vol rood-gloeiende stenen rookt, kraakt en verspreidt een enorme hitte.

“Het is een monster”, zegt mevrouw Manciano, een oude boerin met drie hectare appel- en perebomen die op de weg van de lava liggen. Drie keer per dag perst ze zich met haar man in het knetterende driewieler-vrachtwagentje om aan het front te kijken hoe het gaat. Haar huis is vernield bij een aardbeving een paar jaar geleden, en pas zes maanden geleden kon ze er weer in. Nu is ze het natuurgeweld beu. “Als onze fruitbomen worden vernield, zijn we erg veel geld kwijt. Laten we hopen en bidden tot de Madonna dat die ons bevrijdt van dit monster.”

Ook veel andere toekijkers aan het front, mensen die bang zijn voor hun huis, hun boom- of wijngaard, het stukje land waar ze hun tomaten en andere groenten hebben geplant, hebben weinig vertrouwen in de pogingen de lava te stoppen. De plannen van vulkanologen om met de hulp van Amerikaanse mariniers de lavastroom een andere kant om te buigen, weg van Zafferana, naar niet-bewoonde gebieden, zijn volgens hen gedoemd te mislukken. De Berg, zoals de Etna in Zafferana heet, laat zich niet dwingen.

“Het is een gat in het water”, zegt een vrouw. “Als de lava heeft besloten dit spel te spelen, kan je daar niets tegen doen. De natuur is groter en sterker dan de mens.” Een boer valt haar bij. “Alleen de Berg kan Zafferana redden”, zegt hij. “Als de Berg niet wil dat de lava stopt, kan niemand die stoppen: geen dammen en geen bommen.”

Dit groepje boeren heeft al zijn hoop gevestigd op de Madonna van de Voorzienigheid, een groot beeld dat is meegedragen in een plechtige processie. Twee eeuwen geleden heeft die Zafferana gered na een eruptie, nu kan ze dat weer doen, als er maar hard genoeg wordt gebeden.

Sommigen zijn wel vol lof over de Amerikaanse mariniers die zijn ingevlogen via de Amerikaanse basis op het nabijgelegen Sigonella. Met bewondering is in het stadje gevolgd hoe die zware tochten bergop hebben gemaakt met tientallen kilo's explosieven op de rug, hoe de piloten van de kolossale Black Stallion helikopters alle veiligheidsregels hebben overschreden in hun poging om de lavastroom hoog op de Etna met een snoer van blokken cement te stoppen.

Volcano Buster staat er met grote letters op de zware helikopters geschreven. In de kranten zijn de Amerikaanse mariniers liefkozend de "cowboys van de Etna' gedoopt. Met pasen zijn een paar mensen uit het stadje naar boven geklommen, naar waar de Amerikanen zaten, om hen paaseieren te brengen.

Maar ondanks de bewondering voor die inspanningen kijken de meeste inwoners van Zafferana met een zeker fatalisme aan tegen deze nieuwste eruptie, die is begonnen in de nacht van 14 december. “De Etna geeft en de Etna neemt”, zegt een jonge boer. “Als je je daar niet bij neerlegt, kan je hier niet leven. We zouden gek worden als we dit niet zouden aanvaarden zoals andere natuurverschijnselen.”

Ook Giuseppe Fichero, de kalende ambtenaar van het elektriciteitsbedrijf wiens beeltenis de wereld heeft gehaald toen zijn buitenhuis als eerste en voorlopig enige werd verzwolgen door de lava, is geen verslagen man. Hij stond vanochtend te kijken bij het lavafront, en vertelde dat hij zijn huis zal herbouwen. Een plaatselijk bedrijf heeft al aangeboden gratis de lava voor hem weg te halen.

Toen vorige week duidelijk werd dat de lava op zijn huis afkroop, was Fichero om vijf uur 's ochtends naar zijn buitenhuis gegaan om daar op een tafel buiten vers brood en wijn klaar te zetten. “De lava is iets levends”, zegt hij, wijzend op de rokende en sissende massa waarvoor drie Japanse toeristen zich laten fotograferen. “Het was duidelijk dat de lava naar mijn huis wilde. En ook al was het een ongenode gast, ik heb die toch willen onthalen. Zo is de Siciliaanse gastvrijheid.”

Fichero had ook met grote letters "Bedankt regering' op zijn huis gekalkt. Daarmee vertolkte hij het gevoel van veel mensen in Zafferana. Bijna iedereen vindt dat Rome eerder in actie had moeten komen, dat er hoger op de helling aarden dammen hadden moeten worden opgeworpen. Maar in één adem wordt daar vaak aan toegevoegd dat de wegen van de lava moeilijk zijn te voorspellen. “De Berg heeft een eigen wil waar de mens niet in kan ingrijpen”, zegt een van de toekijkende boeren.

Veel mensen in Zafferana houden van de Etna, ondanks haar bedreigingen. “Het is een goede vulkaan”, zegt een man. “Zij heeft nog nooit mensen gedood.” In tegenstelling tot veel andere vulkanen kent de Etna, een van de meest actieve vulkanen ter wereld, geen explosieve uitbarstingen, maar korte of langer durende erupties van lava.

Het gebied rondom de Etna is sinds de vijftiende eeuw op grote schaal bewoond, door boeren die werden aangetrokken door de mineraalrijke grond. Vooral in de afgelopen twintig jaar zijn er in Zafferana en andere dorpen op de hellingen van de vulkaan veel huizen bijgebouwd, vaak vakantiehuizen voor mensen van elders. Het uitzicht is prachtig: naar het oosten het panorama van de vlakte met daarachter de zee, naar het westen de berg.

Het wonen "onder de vulkaan' brengt hier minder onderhuidse spanningen, minder absolutisme, dan Malcolm Lowry beschreef in zijn gelijknamige roman. De Etna is ook een vriend, en als de uitbarsting komt en de lava langzaam naar beneden begint te stromen, kan je altijd je spullen pakken en weglopen.

De wijn en het brood van Fichero symboliseren de speciale verhoudingen die de mensen van Zafferana en andere dorpen bij de Etna met hun berg hebben. Daarom waren zij ook zo boos toen de beroemde kunstcriticus Vittorio Sgarbi, altijd tuk op wat publiciteit, zich in het leger lavatoeristen voegde en vrolijk opmerkte dat hij hoopte dat er nog wat meer huizen aan zouden gaan, want ze waren toch te lelijk om aan te zien. Zijn uitspraak roept herinneringen op aan het bijna rascistische Forza Etna dat regelmatig tegen Sicilianen wordt gebruikt: laat de Etna ze allemaal maar opruimen.

“Sgarbi is een man zonder gevoel, met minachting voor het werk van mensen die hier niet alleen wijn en fruit verbouwen, maar ook cultuur en beschaving in stand houden”, zegt Fichero. Hij vertelt dat hij een paar dagen heeft “gemediteerd” over de beledigingen van de omstreden criticus, en heeft zijn conclusies opgeschreven op een velletje papier dat hij graag voorleest. “Allebei hebben ze erupties die veel schade aanrichten. Zonder de berg kunnen we niet leven”, zegt Fichero. “Maar we kunnen heel goed zonder Sgarbi.”