Die meneer

Martin van Amerongen bespreekt in NRC Handelsblad van 27 maart de "Shylock' van Louis Bouwmeester, die indertijd zo beroemd was dat hij in de schouwburgen van Londen en Parijs een Nederlandstalige creatie van deze figuur mocht geven.

Hij haalt een letterkundig-cynematografische studie aan van Coen Hissink, uit het Dramatisch Jaarboek 1910, die met “pen en papier in de stalles is gaan zitten, waar hij tot in details noteerde wat hij zag en hoorde”. Van Amerongen beschikt over opnamen van sommige scènes en komt tot de conclusie dat de weergave van “die meneer Hissink” tot in de kleinste nuances klopt.

Van Amerongen vermeldt niet dat die Hissink (mijn oom) in het begin van deze eeuw een bekend toneelspeler was en dus zeer wel in staat tot een competent oordeel. Hij debuteerde voor de film in Berlijn en de ouderen zullen hem zich stellig herinneren in zijn rol als "de boekhouder' in Op hoop van zegen. Als toneelspeler trad hij op onder de regie van Royaards en later van Eduard Verkade.

In de wandelgangen van de Amsterdamse Stadsschouwburg hangt een fraai geschilderd portret van hem. Daar hij blijkbaar communistische sympathieën had, is hij bij de inval van Hitler in Rusland opgepakt en in het kamp in Amersfoort terechtgekomen. Nadat hij van daar naar Hamburg werd gestuurd, is hij bij een bombardement van die stad omgekomen.

Foto: Leden van een toneelgezelschap, onder wie Coen Hissink (in het midden zittend met een hoed in de hand) en Eduard Verkade (met wandelstok).