Brieven

Een brieven-AW om te verhinderen dat de afstand tussen actie en reactie te groot wordt.

Vóór alles moet er op gewezen worden dat het blad van de kleine eik nu valt. Op 7 november vorig jaar kwam hier ter sprake dat de bladeren van jonge eiken, beuken en haagbeuken in de herfst wel verdorren maar niet afvallen. Bij nader inzien bleken ook oudere bomen vaak aan de voet enig blad de winter door te slepen. Het overblijvende dorre blad dat alle winterstormen heeft doorstaan blijkt nu door het zuchtje wind dat een passerende fietser opwekt van de boom te worden gerukt. Wie dacht dat het bladsteeltje inmiddels zo verdord was dat het geen breuklaag meer kon aanleggen (zoals bij takken die midden in de zomer van de boom breken) had het mis. De wond maakt een verse indruk en dat bevestigt nog eens dat blad niet zomaar passief valt maar actief wordt afgestoten. De hormonale regeling daarvan blijkt dus van boom tot boom te verschillen.

De pedaalas met linkse schroefdraad (27 feb) en de theeblaadjes die zich niet aan de periferie maar juist in het centrum van het theekopje ophopen als je daarin roert (20 feb) hebben nog lang nadat ze werden opgevoerd brieven doen binnenkomen. Over de theeblaadjes een andere keer. De trapperbrieven leverden geen nieuwe verklaringen op maar onderstreepten hoe algemeen het "tegengesteld afrollen' is. Heel mooi was het zichtbaar bij het hoelahoepen dat eind jaren vijftig in de mode raakte, schrijft een lezer in Oegstgeest. Het AW-team heeft zijn twijfels: 't was iets voor meisjes, dat hoepen, er zijn geen hoepels meer te koop, maar in de herinnering draaiden heupen en hoepels dezelfde kant op. Duidelijker voorbeeld: de as van de boor die rechtsomdraait in een (te) ruim boorgat beweegt linksom. Dat effect speelt Shell parten bij het boren naar olie, zei Shell laatst. Er zijn toestellen (vertragingsbakken) waarin het tegengesteld afrollen nuttig wordt aangewend.

De werk-hypothese (5 maart) dat de druk in een gesloten champagnefles bij het schudden niet toeneemt (al wekt het overdadige schuimen daarna die indruk) heeft weinigen tot zelfwerkzaamheid aangezet. Er kwamen alleen wat minor observations. De lezers O., O. en O.-B., die zo te zien in gezinsverband leven, hadden waargenomen dat ingeschonken koolzuurhoudende drank vooral koolzuurbelletjes vormt op de plaats waar men het glas vasthoudt. Dat is in orde. Vaste stoffen lossen meestal beter op bij hogere temperatuur (al is uitgerekend keukenzout daarop een uitzondering) maar gassen lossen juist slechter op naarmate de temperatuur van het oplosmiddel stijgt.

Een lezer in Delft bericht naar aanleiding van het stukje over hagelslag en stortgoed-in-het-algemeen (26 maart) dat de metalen strooiopening (de "spout') van pakjes muisjes en hagelslag in België een gietbekje heet. Het is van belang te bedenken dat ook de uitgang van de bioscoop goedbeschouwd een gietbekje is. Willen tevelen tegelijk door dat gat naar buiten dan treden dezefde effecten op als in het pak hagelslag: het gat is groot genoeg en toch komt het stortgoed klem te zitten. Dat inzicht heeft geleid tot voorschriften voor de minimum-afmetingen van de uitgangen van theaters voor meer dan vijftig bezoekers.

Kanonniers uit de tijd van Napoleon die rechtstreeks langs de (sterk taps toelopende) lopen van hun kanonnen richtten, in plaats van de organieke richtmiddelen te gebruiken, corrigeerden daarmee tegelijk voor het dalen van de kogel in zijn vlucht. Een lichte verwarring dezerzijds, die ook het Delftse Legermuseum in zijn greep kreeg, verhinderde dat op 2 april op dit aspect van het zogeheten over de spijs richten gewezen werd.

In het kanonstukje werd de vraag gesteld waaruit vroeger de blaaspijp bestond waarmee kinderen tegenwoordig tot pijlpunten opgerold papier verschieten. Nu is dat plastic elektriciteitsbuis, maar voor de oorlog? Veel veteranen wisten zich dat nog uitstekend te herinneren.

In de jaren twintig bestond de schietbuis uit koperen gordijnroe, meldt een vertegenwoordiger van de lichting '18. Ook werd wel het gasbuis gebruikt van de gasverlichting die toen op grote schaal werd afgeschaft. Of stalen elektriciteitsbuis waarvan de naad was dichtgeplakt. Ook voor de oorlog verschoot men al opgerold papier (soms met teer verzwaard en met een speld als penetrator) maar daarnaast ook "grauwe erwten', sneeuwbessen en lijsterbesbessen. De slechte passing van de projectielen in de schietbuis (die zo op het oog het naar beneden schieten verhindert) was geen probleem: men bewaarde erwten en bessen in de mond. Het schieten hield dus het midden tussen spuwen en blazen.

Dat rijdende huifwagens (vrachtwagens met een laadbak die met zeildoek is bespannen) altijd alleen aan de voorkant (direct achter de cabine) opbollen maar verder naar achteren niet (9 april) bleek hem te zitten in de snelheid van de lucht (relatief ten opzichte van de auto) die aan de voorkant groter is dan meer naar achteren. Daardoor is de druk er lager, zegt Bernouilli. Erg mooie effecten, valt er nog aan toe te voegen, doen zich voor als een huifwagen een andere vrachtwagen heel krap passeert. Dan ziet men de opbolling van het zeildoek opeens meelopen naar achteren.

Een lezer die destijds als zee-officier op de kruisers Hr.Ms. De Ruijter en De Zeven Provinciën voer wijst erop dat op de over bakboord en stuurboord uitstekende vleugels van de brug, waarop de officieren in principe bloot stonden aan weer en wind ("met een vaart van 20 knopen en 6 Beaufort op de kop geen pretje') een simpele voorziening was aangebracht die alle windhinder wegnam.

Vlak onder de "borstwering' van de brugvleugel (maar op enige afstand daarvan) was een lange, smalle plaat gemonteerd die de van voren komende wind zo gunstig geleidde dat aanwezigen op de brugvleugel de wind nauwelijks voelden, ja, bij regen zelfs droog bleven. Het was, meent de lezer, vooral de spleet tussen plaat en borstwering die dit effect veroorzaakte. Nadere inspectie leert dat ook andere schepen een zelfde voorziening hadden (zoals de oude loodsboot Pollux/Plancius/Waterproef). Het zou aardig zijn iets meer over het hulpmiddel te weten te komen. Wie bedacht het, hoe algemeen is het, hoe werkt het precies?