"Alleen als Dales geld meebrengt, mag ze hier binnen'; Deuren blijven dicht in Limburg

ROERMOND, 23 APRIL. De minister kwam eindelijk, zag met eigen ogen wat de aarbeving in Midden-Limburg tien dagen eerder aangericht, maar ze overwon de boosheid van de bevolking niet echt. Daarvoor had ze te lang gewacht, vonden verschillende slachtoffers in Roermond die demonstratief de deur dicht hielden.

“Alleen als ze geld meebrengt, mag ze hier binnen”, mopperde gisteren een inwoonster van de Julianalaan in het kerkdorp Maasniel. En in Herkenbosch toonde een bewoonster van een schoorsteenloos huis ook al weinig interesse in het bezoek: “Vorige week had ze moeten komen, ik ben nu over de schrik heen. Ik slaap al weer sinds twee nachten.”

Met zijn dertigen stormen de journalisten de niet al te ruime huiskamer van de familie Van der Spek aan het Kerkplein in Herkenbosch binnen, achter minister Dales en burgemeester Smeets aan. Bijgelicht door vier cameraploegen en flitsapparaten laat de bewoonster de scheuren in de muren zien en de stutten die het plafond op zijn plaats houden. Als het circus na enkele minuten verder trekt, komt een fotograaf uit de wc te voorschijn. “Leuk plaatje van de minister gemaakt, zo door die gescheurde wc-muur”, legt hij de verbaasde bewoonster uit.

Na afloop van de rondrit zegt minister Dales dat zij nog steeds achter haar besluit staat om niet meteen na de ramp af te reizen naar Roermond. “Ik vond niet dat ik hier rond moest lopen op een moment dat ze de rommel nog aan het opruimen waren. Bovendien had het kabinet nog geen enkel besluit genomen over hoeveel geld we konden bijdragen. Als er ernstig gewonden waren gevallen of dodelijke slachtoffers, dan was ik meteen gekomen, maar nu ging het alleen om materiële schade.”

Dales zegt zelf maar twee of drie brieven te hebben gekregen die om haar komst vroegen. Een van die brieven blijkt overigens afkomstig van de Roermondse PvdA-afdeling, die protesteerde tegen haar laconieke reactie in de eerste dagen na de ramp, toen zij sprak over "een paar omgevallen schoorstenen'. En gewestvoorzitter A. Kuijper vond het nodig de minister per fax en later per telefoon erop te wijzen wat zij met haar uitspraak teweeg had gebracht. Kuijper: “Ik had daar zoveel boze reacties op gehoord van leden, dat ik haar heb gezegd dat het heel slecht was voor de beeldvorming. Maar ze heeft me in dat gesprek wel overtuigd van haar grote zorg en betrokkenheid bij de situatie. Het was alleen wat ongelukkig overgekomen.”

Tijdens de vergadering die Dales voorafgaand aan haar bezoek aan Roermond had met de instanties die bij de hulpverlening betrokken waren, heeft zij niet kunnen vaststellen dat de autoriteiten onjuist gehandeld hebben in de eerste uren na de aardbeving. “Dat er geen rampenplan in werking is gesteld, is mijns inziens een juiste beslissing geweest.” Wel zal er nog volgende week een evaluatie komen van de manier waarop de communicatie tussen verschillende instanties verliep.

Zelf had de minister in de nacht van 12 op 13 april rustig doorgeslapen. Toen zij 's morgens opstond hoorde zij van gasten bij haar in huis voor het eerst dat er een aardbeving was geweest: “Er waren toevallig andere mensen bij mij en die zeiden dat er waarschijnlijk een aardbeving was geweest, want ze hadden de kasten horen rammelen. Ik heb geen kast op mijn slaapkamer, dus ik had niets gehoord.”

Op het departement werd zij voortdurend op de hoogte gehouden van de evaluatie van de schade: “Ik heb daar een goed beeld van gekregen, dus wat ik vandaag gezien heb, heeft me niet meer kunnen verrassen. Ik had echt geen verwoeste steden verwacht.”

Over de financiële hulp zal het kabinet nog een nadere beslissing nemen, kondigde Dales gisteren aan: “Die 7,5 miljoen gulden, die het kabinet vorige week heeft toegezegd, was om de ergste nood te verhelpen. Een definitieve bijdrage kunnen we pas bepalen als de werkelijke kosten zijn geëvalueerd en uitgesplitst. Bijvoorbeeld: het herstel van monumenten wordt op een andere manier betaald.”

In totaal is nu ruim 23 miljoen gulden bijeengebracht voor hulp aan de slachtoffers. Gisteren is afgesproken dat het geld beheerd wordt door het Nederlandse Rode Kruis en dat de verdeling ter hand genomen wordt door het Rampenfonds. Volgens commissaris van de koningin E. Mastenbroek is er nog veel meer nodig om de schade aan particuliere slachtoffers te vergoeden. Hij houdt het nog steeds op een totale schade van 100 à 150 miljoen gulden, waarvan ongeveer 50 miljoen voor rekening komt van particulieren.