Psychiater geschorst voor verstrengeling van belangen

AMSTERDAM, 22 APRIL. Wegens zeer ernstige ondermijning van het vertrouwen in de geneeskundige stand heeft het Medisch Tuchtcollege een psychiater uit Utrecht voor drie maanden geschorst in de uitoefening van de geneeskunst. Dit vonnis heeft het college gisteren in een openbare zitting in Amsterdam bekendgemaakt.

Het tuchtcollege verwijt de psychiater verstrengeling van diens privé-praktijkbelangen met die van de de mede door hem opgerichte en voorgezeten stichting Centrum voor psychosynthese en therapie. Voorts acht het college het “zeer laakbaar” dat declaraties zijn ingediend voor groepspsychotherapieën op basis van het psychiatrisch tarief, terwijl leken een deel van de behandeling uitvoerden. Het college meent dat de psychiater de klager (zelf arts) niet in behandeling had mogen nemen, dat hij een verkeerde diagnose heeft gesteld en hem “op inadequate en insufficiënte wijze” heeft behandeld. “Klager was eerst cursist, vervolgens patiënt, daarna patiënt en cursist en tenslotte patiënt met de mogelijkheid ook weer cursist te worden”, aldus het vonnis.

Volgens de psychiater in kwestie wil psychosynthese (een niet officieel erkende vorm van psychotherapie) “de mens holistisch benaderen en gevoel, verstand, lichaam en de transpersonale dimensie integreren”. In de opleiding tot "psychosynthesegids' ligt de nadruk op “bio-energetische psychosynthese” en “het leren omgaan met beelden, het versterken van het dagbewustzijn”.

Aan het eind van het eerste opleidingsjaar tot "gids' raakte de arts na een bijeenkomst van cursisten en opleiders bij thuiskomst “psychisch gedecompenseerd”: hij maakte een psychotische indruk, was verward en ten prooi aan angsten, vreesde dat hij en zijn echtgenote dood zouden gaan.

Weliswaar meent het tuchtcollege niet dat de psychiater tijdens de bijeenkomst van een weekeinde een actieve rol heeft gespeeld bij het ontstaan van dit ziektebeeld,maar de mogelijkheid van een verband tussen de crisis en de opleiding in de psychosynthese, waarbij de psychiater zeer betrokken was, lag wel voor de hand. Toen de man zich twee dagen later bij de psychiater meldde, had deze hem dan ook “op zorgvuldige wijze voor crisisinterventie naar elders door (moeten) verwijzen”. De psychiater heeft geen zelfstandig onderzoek verricht voor hij hem overliet aan een leke-medewerkster. Deze liet de verwarde man onder meer zeer uitputtende, op de bio-energetica gebaseerde "grondingsoefeningen' doen. De psychiater kwam slechts enkele minuten kijken en merkte daarbij op “dat de geluiden die klager bij de oefeningen maakte, incorrect waren”, aldus het vonnis. Daarna behandelde de psychiater klager zelf enkele malen en schreef hij medicijnen voor.

Een klein jaar later ging de psychiater “daadwerkelijk een dubbelrol spelen” door tegelijkertijd behandelaar en opleider te zijn. “Hoe verwarrend dit moet zijn geweest is af te leiden uit het feit dat klager opnieuw verschijnselen van decompensatie kreeg”, aldus het vonnis. Van dit alles heeft de psychiater de huisarts van zijn patiënt/cursist niet op de hoogte gesteld.