Werkstraf

Op de opiniepagina's van 21 en 30 maart is, respectievelijk in het redactioneel commentaar en in een artikel van de Amsterdamse advocaat-generaal, de sinds 1989 als "onbetaalde arbeid ten algemene nutte' geformuleerde alternatieve werkstraf ter sprake gebracht in een nogal ontmoedigende context.

Uiteraard dienen waarschuwende stemmen gehoord te worden, maar de kans bestaat dat we het kind met het badwater weggooien. Het schrikbeeld van een groeiend aantal celdeuren daargelaten, is er toch wel een groeiende communis opinio over het twijfelachtig nut van opsluiting.

Voor zover werkstraf een oneigenlijke rol zou doen spelen door meer toeziende dan begeleidende reclassering, ware dit bezwaar te ondervangen door een gedisciplineerde gang van zaken te laten behartigen door Defensie. Nu Defensie tegen buitenlandse dreiging een gedateerd denkbeeld wordt, kan binnenlandse ordehandhaving een dankbaar kader opleveren, waarbinnen niet-cellulaire strafvoltrekking, te preferen boven "executie', een zinvol alternatief biedt, niet te verstaan als surrogaat.

Men beschouwe het als vruchtbare combinatie van straffende gerechtigheid, opvoedende activering èn bezuiniging op geldverslindende onproduktieve uitschakeling uit de werkerswereld.

Werk genoeg: dijken, wegen, bosbouw. "Dienstverlening' is overigens een slecht gekozen woord. We noemen boetebetaling toch ook niet "schenking'?