"Werkwilligen duwen alle melk er doorheen'

ZUIDLAREN, 18 APRIL. Over de snelweg van Beilen naar Zuidlaren trekt een vreemde stoet. Twee autobussen en een drietal auto's, gevuld met teleurgestelde mannen. De stakingen in de zuivel zijn afgeblazen. Even tevoren heeft de eerste collega van het CNV zich in het actiecentrum vertoond. “Hé, daar heb je zo'n CNV'er”, klinkt het. De jongen dempt zijn stem: “Maar we hebben wel mooi gewonnen.”

In Zuidlaren organiseerde de Voedingsbond FNV gisteren een massale bijeenkomst. Om uit te leggen waarom de actievoerders weer aan het werk moeten. Geen uitzicht op verdere onderhandelingen, een dreigende escalatie en milieuproblemen hebben de FNV-bond hiertoe genoodzaakt.

De emoties in Zuidlaren lopen hoog op, want de FNV'ers voelen zich "belazerd' door iedereen. Door hun collega's van het CNV, door werkgevers en boeren en door hun eigen bond. Al wordt bondsbestuurder Dick Heinen nog altijd met een staande ovatie ontvangen.

“We gaan door, we hebben toch niet de hele week voor de kat z'n viool gestaakt”, zegt een werknemer. “Ach man, wat wil je nou. Bij ons zijn de tanks leeg. Directie en werkwilligen duwen alle melk er doorheen”, reageert zijn collega. Uit de zaal klinkt een zwak "werken nooit, werken nooit'.

Bij de uiteindelijke stemming blijkt een overgrote meerderheid voor hervatting van de werkzaamheden te zijn. De groene petjes van de Voedingsbond FNV verdwijnen langzaam in de binnenzak. En de stakers nemen nog maar een biertje op de slechte afloop. Zolang de bierpomp tenminste nog loopt, want om half vier sluit de barkeepster de tap. “Dat moet van de FNV, anders loopt het uit de hand”, fluistert ze.

Pag.16: "We krijgen het CNV nog wel'

De Industrie- en Voedingsbond CNV is in dit conflict de grote boosdoener. “Als die leden ons niet in de kou hadden laten staan, was de staking heel anders gelopen.” Bondsbestuurder Dick Heinen speelt op deze emoties in. “Werkgevers, boeren en CNV hebben een front gevormd om de Voedingsbond FNV kapot te krijgen. Die krijgen we nog en dat moment bepalen wij. We hebben nog een rekening te vereffenen met het CNV en zijn achterban.” De zaal juicht.

Stakingsleider Jan Hoogeveen van de Frico Domo fabriek in Beilen kijkt stil voor zich uit. “Het is gebeurd, we hebben een nederlaag geleden.” Op het podium roepen intussen verschillende sprekers op de produktie pas dinsdagochtend te starten.

“Zij hebben makkelijk praten”, zegt Hoogeveen. “Al die verwerkingsfabrieken zijn toch gesloten tijdens de feestdagen. Maar de fabriek in Beilen slaat de melk op die in dit weekeinde vanuit heel Drenthe wordt aangevoerd.” Zijn collega: “Als wij tot dinsdag staken, lopen morgenavond de tanks alsnog over.”

Maar Hoogeveen kijkt wel uit om tijdens de emotionele bijeenkomst te zeggen dat de fabriek in Beilen nog diezelfde avond moet draaien. “Ik trek hier geen grote broek aan”, zegt hij op zijn Drents.

Over verdere acties wordt alleen nog nagedacht. Dat geldt niet voor de kaasfabrieken van Frico Domo in Tuk en Oosterzee. Daar zijn op 6 april al stakingen uitgebroken omdat beide vestigingen met sluiting worden bedreigd. De werknemers daar zijn niet van plan om dinsdag de produktie te hervatten.

Andere werknemers van Frico Domo waarschuwen voor zogenaamde stakingen die hun solidariteit met de vestigingen in Tuk en Oosterzee duidelijk moeten maken. “Wat mij betreft gaan we volgende week voor 24 uur plat.” Maar sommige personeelsleden krabbelen terug. “In Tuk en Oosterzee weten ze al jaren dat ze moeten sluiten. Laten ze hun eigen zaakjes maar opknappen.”

De strijd is gestreden en de actievoerders gaan naar huis. De gang, waar twee uur geleden nog gepocht werd over de hoeveelheid autobussen, (“wij zijn met drie bussen, hoeveel hebben jullie”), is bijna leeg. Een laatste staker rijdt op de fiets van de portier nog een rondje over de plavuizen. Hij zucht: “We hebben verloren. Tja, wat kan ik meer zeggen, we hebben verloren.”