Strafcornerspecialist van defensie naar linkerspitspositie; "Experiment met Bovelander zeker voor herhaling vatbaar'

AMSTELVEEN, 18 APRIL. Het is altijd de grote wens van hockeyer Floris-Jan Bovelander geweest om in de voorhoede te spelen. “Lekker dicht bij het doel en daar wil je toch naar toe”, aldus de international. Gisteren mocht hij het als linkerspits proberen en had tijdens de openingsdag van het Europa-Cuptoernooi voor landskampioenen in het Wagenerstadion een behoorlijk aandeel in de 2-0 zege van Bloemendaal tegen het stugge Alma Ata, de laatste hockeykampioen uit de voormalige Sovjet-Unie.

Het verrassende experiment met zijn captain Bovelander was een noodgreep van trainer-coach Pieter Offerman. Zijn ploeg zat de afgelopen weken muurvast en verspeelde zo goed als zeker het landskampioenschap. Met nog drie wedstrijden te gaan bedraagt de achterstand op koploper HDM vier punten. In de twee laatste competitieduels scoorde Bloemendaal helemaal niet. De titelhouder leek niet meer te motiveren en speelde slap hockey. “We hebben twee heel rotte weken achter de rug”, bekende coach Offerman. Bovelander: “We liepen een beetje te handballen.”

Daarom moest de robuuste strafcornerspecialist voor agressiviteit in de aanval zorgen. Bloemendaal speelde in de druilerige regen niet echt goed, maar de aanwezigheid van Bovelander was voorin wel duidelijk merkbaar. Zijn beste actie maakte hij in de veertiende minuut. Hij passeerde vier tegenstanders en bood daarna Van Westerop een uitstekende kans. De spits schoot tegen keeper Murtuzov op. Uiteindelijk moest na rust toch weer een strafcorner de zaak openbreken. De push van Bovelander werd door Baltabaev met de stick boven de schouder van de lijn gehaald. De aanvoerder benutte zelf de strafbal. De voorsprong bleek een opluchting voor Bloemendaal dat vervolgens beduidend beter speelde. De tweede treffer, tien minuten voor tijd, was dan ook verdiend. Remco van Wijk tikte de bal fraai in, de strakke voorzet was van Bovelander.

Bovelander zei na afloop het aanvallen “wel leuk” te hebben gevonden. Hij speelde in zijn prille jeugd een paar seizoenen in de voorhoede en verder later alleen nog tijdens noodzakelijke slotoffensieven van zijn club en van Oranje en in vrijblijvende oefenpartijtjes. “De laatste keer was met het Nederlands elftal tegen Pinoké, 14-1, ik maakte vier doelpunten”, somde Bovelander op.

Er kleven twee mogelijke nadelen aan het in de spits posteren van Bovelander. Hij wordt achterin gemist en hij komt door de grote inspanning misschien kracht te kort bij het slaan van de strafcorner. Tegen Alma Ata, dat door een Nederlandse shirtsponsor financieel in staat werd gesteld aan het EC-toernooi mee te doen, ondervond Bloemendaal daar geen schade van. Bovelander oordeelde zelf dat hij geen verzwakking bij zijn strafcorner - hij kreeg er drie - had gevoeld en de achterhoede kwam gisteren zonder hem niet in gevaar. Het is afwachten of dat ook tegen een sterkere tegenstander het geval zal zijn. Morgen staat voor Bloemendaal de beslissende groepswedstrijd tegen het Spaanse Atletico Terrassa (gisteren 3-1 tegen het Lisnagarvey) op het programma. De kans is groot dat Bovelander dan weer in de aanval zal spelen. “Dit experiment is in ieder geval zeker voor herhaling vatbaar”, maakte Offerman duidelijk. Bovelander wil zelf niets liever.

Bij het Europa-Cuptoernooi voor vrouwen is het, zoals altijd, wachten op de ontmoeting tussen Amsterdam en HGC van morgenmiddag. Beide Nederlandse vertegenwoordigers wonnen hun eerste wedstrijd met 4-0, HGC tegen het Engelse Slough (doelpunten Wietske de Ruiter drie keer en Suzan van der Wielen) en Amsterdam tegen het Ierse Pegasus (Helen van der Ben twee, Mieketine Wouters en Marjolein de Leeuw).