Publieke opinie is nieuwe vijand van vakbeweging

DEN HAAG, 18 APRIL. De melk gaat weer in de fles en de trein blijft gewoon rijden. Het is geen goede week geweest voor de bonden van de Federatie Nederlandse Vakbeweging. De Voedingsbond FNV blies gisteren de stakingsacties in de zuivel af. De Vervoersbond FNV zag er van af het treinverkeer opnieuw plat te leggen.

Aan de langste zuivelstaking uit de geschiedenis (vijf dagen) kwam een einde zonder dat een van de eisen van de FNV-bond was ingewilligd. Dat laatste gebeurde eerder in de suikerverwerkende industrie. De Vervoersbond FNV is ontevreden over de CAO voor het NS-personeel, maar staat machteloos.

Boeren goten melk over straat, consumenten troffen lege schappen in de supermarkt en de Unie van Waterschappen stond op het punt het milieu door een kort geding van melkoverlast te redden. Zo was het deze week in de zuivel. Bij de spoorwegstaking vorige week probeerde actiegroep ROVER de belangen van "de' reizigers te behartigen via een kort geding.

Deze beelden en berichten deden de acties, vooral die in de zuivel, geen goed. Opnieuw is gebleken dat vakbonden bij stakingen niet alleen met de werkgevers als hun natuurlijke opponent hebben te maken, maar ook met zo'n betrekkelijk ongrijpbaar fenomeen als de publieke opinie. Als boeren hun melk in het riool dreigen te gieten, is dat slecht voor het milieu en krijgt de Voedingsbond de schuld. Prof.dr. P.F. van der Heijden, hoogleraar arbeidsrecht in Amsterdam, kijkt er met verbazing naar. “Ik vond die actie van de boeren zeer dubieus, ook voor het gehalte van onze rechtstaat. De politie stond erbij en keek ernaar.”

Gisteren dook het gerucht op dat de vakcentrale zelf de acties van de bonden veel te ver vond gaan, uit vrees voor een verslechtering van het imago van de FNV. Van FNV-zijde werd dat met stelligheid ontkend, maar wat ook de rol van de vakcentrale is geweest, zij beraadt zich inmiddels op methoden die wel de werkgever, maar niet het publiek treffen. Dat is eerder vertoond. De wegblokkades die een aantal jaren geleden werden gericht tegen de werkgevers in het wegvervoer, leidden vooral ook tot boze automobilisten die niets met het conflict te maken hadden. Dat actiemiddel zal de Vervoersbond niet snel meer toepassen. “Stakingen die 50 jaar geleden nog heel normaal waren”, constateert een FNV-woordvoerder, “zijn dat nu niet meer. Het is dus logisch dat we over andere actievormen nadenken.”

Buitenstaanders zijn in toenemende mate van invloed op het succes van stakingen. “Werkgevers weten dat en leunen achterover”, zegt Van der Heijden. Stakingsrecht bestaat, maar blijkbaar niet overal in gelijke mate. Naarmate het publiek meer slachtoffer wordt van de actie, is dat recht minder uit te oefenen. Bij de oprispingen van Voedingsbond en Vervoersbond - het meest radicale deel van de FNV - hielp het ook niet echt dat zij leken te gaan om één VUT-jaar meer of minder en de arbeidstijden van één bedrijfsonderdeel.

Wat de beeldvorming evenmin goed deed, was het isolement waarin de FNV-bonden terechtkwamen. Dat deed zich voor bij het spoor, in de suikerverwerkende industrie en in de zuivel. Andere bonden bleken eerder tot een akkoord met werkgevers bereid. Bij de FNV wordt daar laconiek op gereageerd: als een olifant en een muis eerst samen stampend over een brug lopen en de muis doet daarna niet meer mee, wat dan nog? Maar de vraag is of de wèl doorstakende bond niet de publieke verdenking over zich heen krijgt een notoire dwarsligger te zijn.

Aan het beeld van onredelijke vakbonden droegen de werkgeversvoorzitters Rinnooy Kan (VNO) en Kamminga (KNOV) nog eens bij door openlijk te twijfelen aan het nut van centrale afspraken, nu met bonden in de praktijk niet blijkt te praten over "negatieve prikkels' tegen het ziekteverzuim.

Een vakbeweging die geen exorbitante looneisen stelt, acties voert die vooral gaan over het behoud van verworven rechten en dan toch de publieke opinie tegen zich krijgt, heeft een probleem.

Het vergaren van informatie over de republieken van de voormalige Sovjet-Unie, het onderzoek naar de vraag of landen in het bezit zijn van vernietigende technologie - het zijn zaken waarin de ouderwetse spion, die zich ter plaatse op de hoogte stelt, tot zijn recht komt. De gegevens van spionagesatellieten, die tijdens de Koude Oorlog een overheersende rol speelden, voldoen hier niet altijd.