De wereld van het ei; "Eieren zijn niet zo broos als ze heten te zijn. Ze kunnen best tegen een stootje en je kunt er halsbrekende toeren mee uithalen.'

Het boek van het ei. Redactie Gert van Maanen. Amsterdam, L.J. Veen 1992. 128 blz. ISBN 90 254 0451 0

Alles wat leeft komt uit een ei. Nou ja, bijna alles. Eieren zijn wonderbaarlijk efficiënte survival kits voor bevruchte eicellen. En meer dan dat: ze bevatten voldoende voedselvoorraad om van de eicel een embryo te maken.

Aristoteles was de eerste die de ontwikkeling van het kippeëmbryo beschreef, in zijn Historia Animalium (boek 6, 561a3-562a20). Hij opende eieren op opeenvolgende tijdstippen na de bevruchting en bestudeerde nauwkeurig hoever het met de ontwikkeling van het kippeëmbryo was gesteld. Zijn verslag was zo helder, dat zijn waarnemingen een plaats kregen in het boek Great Scientific Experiments. Twenty experiments that changed our view of the world door Rom Harré (Phaidon 1981).

De westerse cultuur bepaalt zich al duizenden jaren tot de eieren van de huiskip Gallus domesticus, ongeveer 2000 voor Christus in de bossen van India gedomesticeerd uit de Bankivahoen (Gallus gallus). Kippeëieren zijn ovaal van vorm. Logisch, zou men zeggen, want "ovaal' komt van het latijnse ovum = ei. Maar vogeleieren kunnen ook peervormig, elliptisch of subelliptisch (iets gespitster) zijn. Deze vier gradaties worden elk weer in verschillende lengte-klassen onderverdeeld.

Overigens is ook ons woord "ei' indirect afgeleid van ovum (dat op zijn beurt weer is afgeleid van avis, vogel), via het Germaanse ajj. Ook het Engelse egg gaat terug op ajj: het is een leenwoord uit het Oudnoors, waar een "ei' eveneens een egg heet.

Het ei in al zijn facetten is onderwerp van Het boek van het ei, een boekje waarin zeven auteurs hun licht over het ei laten schijnen. Het zijn: Boudewijn Büch, Midas Dekkers, Carel Blotkamp, Aalt Bast, Marlies Philippa, Evert Wattel en Gert van Maanen. Het boekje komt voort uit de vorig jaar tijdens de Wetenschapsweek gehouden Dag van het Ei, waar onderzoekers van divere pluimage over het ei hun zegje deden.

Uit het boekje valt een hoop op te steken. Aan de orde komen onder meer de anatomie, de fysiologie, de chemie, de kunstgeschiedenis, de geometrie en de evolutie van het ei. Daarnaast bevat het een verhandeling (van Boudewijn Büch) over de apocriefe anekdote van het Ei van Columbus (de anekdote is pas lang na Columbus in de wereld gekomen) en een stuk over het ei in de taal (dat wil zeggen, zowel het ei in allerlei uitdrukkingen en gezegden, als de - korte - ei). De bijdragen worden afgewisseld door zes experimenten met eieren en afgesloten met een weetjes-ABC van het ei.

Een van de vele merkwaardige fenomemen die in het boek aan de orde komen, is de kwestie van de ontploffende eieren. Enkele jaren geleden verschenen de eerste rapporten over in de magnetron opgewarmde eieren die plotseling uiteenspatten en daarbij ernstig oogletsel veroorzaken. Dit probleem is nog steeds actueel. In het vandaag uitgekomen nummer van de British Medical Journal staat het geval beschreven van een 22-jarige vrouw die een ei opwarmde in de magnetron, het eruit haalde en de uiteenspattende dooier in haar ogen kreeg, waardoor haar netvlies verbrandde.

Volgens de auteur van het artikel, dr. R. Corridan van de Midland Eye Clinic, was dit het vierde en tot nu toe ernstigste geval van magnetron-geïnduceerd ei-oogletsel. Overigens exploderen in de magnetron zowel eieren in de schaal als hele dooiers. In de natuur kan bij hevige koude een pas uitgebroed ei ook nog wel eens uit elkaar knallen, maar dat gebeurt minder heftig.

De kalkschaal van eieren, bestaande uit calciet of calciumcarbonaat, is onderwerp geweest van veel wetenschappelijk onderzoek. Het is immers de schaal die de sterkte van het ei bepaalt, en zes procent van alle gelegde kippeeieren breekt voor ze de consument bereiken, een schadepost die wereldwijd neerkomt op meer dan een miljard gulden.

Overigens zijn eieren niet zo broos als ze heten te zijn. Ze kunnen best tegen een stootje en je kunt er halsbrekende toeren mee uithalen. Het wereldrecord eieren gooien (en heelhuids opvangen) bedraagt niet minder dan 96,9 meter en een Japans ei overleefde een val van 200 meter op een golfbaan. Van vijf dozijn eieren die met een snelheid van 240 kilometer per uur door een vliegtuigje boven een Brits vliegveld werden afgeworpen, bleven er maar liefst drie heel.

Het record eieren leggen dateert van 1979 en is in handen van Leghorn rashoen No. 2988 van het College of Agriculture van de University of Missouri, met 371 eieren in 364 dagen. Het Britse nationale record bedraagt slechts 353 eieren in 365 dagen. Dat dateert uit 1957.

De kleinste eieren zijn die van de kolibri (minde dan een halve gram zwaar), de grootste die van de struisvogel (anderhalve kilo). Het grootste kippeëi ooit geregistreerd bevatte twee dooiers en woog bijna een pond. Zowel een kip uit de Verenigde Staten als een uit de voormalige Sovjet-Unie legde ooit een ei met negen dooiers.

Het ei is voor Pasen wat de kerstboom is voor Kerst: een aan de christelijke feestkalender toegevoegd heidens element, in dit geval een symbool voor de wedergeboorte van de natuur in de lente. Waarom het transport en de distributie van paaseieren gewoonlijk door hazen worden verzorgd, is moeilijker te traceren.

Eieren komen voor in een groot aantal uitdrukkingen en gezegden, variërend van een appel en een ei tot je kunt geen omelet bakken zonder eieren te breken. De bijdrage van Marlies Philippa staat vol van zulke ei-uitdrukkingen. Ook bespreekt zij de ontstaansgeschiedenis van het Nederlandse onderscheid tussen de lange ij en de korte ei.

De consumptie van eieren bedraagt in Nederland ongeveer 170 per jaar. Slechts een klein gedeelte daarvan wordt in toto geconsumeerd - meestal worden eieren stukgeslagen alvorens ze te verhitten en als gelei, schuim, prut of vloeistof aan het gerecht toegevoegd. Er is tegenwoordig nauwelijks een recept meer te vinden of er moet wel een ei bij. Wellicht is er een verband met de vermeende potentieverhogende werking die er aan de consumptie van eieren wordt toegeschreven. In Bargoens staan eieren wel bekend onder de naam neukpatronen.

Het boek van het ei vormt een aardige, zij het wat beknopte inleiding tot de wereld van het ei. De kip komt maar marginaal aan bod, maar zij is dan ook slechts, in de woorden van Samuel Butler, ""de manier waarop- het ei zich verzekert van de produktie van een nieuw ei'.