Bij treffen Turks leger 37 Koerden gedood

ANKARA, 18 APRIL. Turkse veiligheidstroepen hebben de afgelopen twee dagen in het zuidoosten van Turkije ten minste 37 Koerdische onafhankelijkheidsstrijders gedood. Dat is gisteren door de Turkse autoriteiten meegedeeld.

Bij een grootschalig legeroptreden nabij de plaats Savur, in de oostelijke provincie Mardin, zouden 33 Koerden zijn gedood. Het zou gaan om leden van de marxistische Koerdische Arbeiderspartij (PKK), die gewapenderhand strijdt voor onafhankelijkheid voor de 12 miljoen Turkse Koerden. De slachtoffers zouden gevallen zijn toen Turkse militairen trachtten een soldaat en drie door de regering aangestelde burgerwachten te bevrijden die door de PKK waren ontvoerd. Een militair zou door de Koerden zijn gedood. Bij de operatie zou het lijk van een andere Turkse soldaat zijn gevonden, die gemarteld zou zijn.

Vier andere guerrillastrijders en vier soldaten zouden zijn omgekomen tijdens twee gevechten in de provincies Diyarbakir en Elazig.

Het Turkse leger heeft kort geleden zijn operaties tegen de PKK geïntensiveerd. In de gewapende strijd tussen PKK en leger zijn sinds 1984 naar schatting 3.500 doden gevallen, waarvan ruim honderd deze maand.

Syrië zal niet langer logistieke steun verlenen aan de PKK. De Turkse minister van binnenlandse zaken Ismet Sezgin zou tijdens een bezoek aan Damascus een akkoord van die strekking hebben gesloten. Dat is uit diplomatieke bron in Beiroet vernomen.

Syrië zou hebben toegezegd de Turkse Koerden voortaan te zullen beletten vanuit Syrië de grens over te steken naar Turkije. Eerder deze week had Turkije Syrië ervan beschuldigd de PKK te steunen door Koerdische opleidingskampen op zijn grondgebied te laten bestaan en door infiltraties vanaf zijn grondgebied toe te staan.

Een opleidingskamp van de PKK in het druzendorp Helwe, in het aan Syrië grenzende deel van de Beka'a-vallei in Libanon, is volgens dezelfde bron inmiddels gesloten. Het kamp in Helwe zou in 1980 zijn gebouwd. Een vertegenwoordiger van de PKK in Beiroet heeft deze week verklaard dat zijn partij het opleidingskamp in Helwe zou willen sluiten, “wanneer de Libanese regering dat vraagt”. Het gebied van het kamp staat echter sinds 1976 onder Syrische controle.