De keuze

Lang geleden, als beginneling, heb ik eens een slechte kritiek geschreven over een galerietentoonstelling van een kunstenaar waarover de oudere collega's zich lovend geuit hadden.

Een paar weken later was ik opnieuw in de galerie en werd door de uitbater op mijn oordeel aangesproken. Maar mijnheer Fuchs, zei hij, die andere heren met veel ervaring vonden het prachtige schilderijen, en U niet. Dat is toch wel bijzonder vreemd. Ik bleef bij mijn mening, wat anders kun je doen. En toen zei de handelaar, op een samenzweerderstoon: bovendien, mijnheer Fuchs, we zitten in de kunst toch allemaal in hetzelfde schuitje, de kunstenaar en U en ik - we moeten er allemaal beter van worden, toch?

Ik was het gesprek vergeten. Maar nu staat de overheid, in Den Haag (en binnenkort ook elders - zelfs in Duitsland nu), voor de keuze wel of niet op cultuur te bezuinigen. Het niet doen betekent ingrijpen in andere zorggebieden, zoals stadsvernieuwing of gezondheidswezen. Nog niet eerder was die keuze zo stringent. Tot nu toe konden al die zaken zonder grote problemen naast elkaar gefinancierd worden. Er hoefde ook niet diepgaand over gepraat te worden. Maar nog meer bezuinigingen zullen tot echte schade leiden. Daarom is de keuze nu zo moeilijk en zo onherroepelijk.

Toen dacht ik weer aan het gesprek met de handelaar. Waarom horen we niets van zijn beroepsgroep? In een interview hebben de knorrige directeuren van de galerie Art & Project ooit eens geklaagd dat musea zo weinig voor de galeries doen; wij zouden hun zegenrijke werk moeten steunen. Maar waarom doen zij niet wat voor ons? Ze zouden hun mond nu eens open kunnen trekken, net als al die andere geïnteresseerden. De verzamelaars die altijd klaar staan met goede raad, die precies weten hoe het museum eruit moet zien, de ontwerpers en architecten die er hun ideeën vandaan halen; de ouders die vinden dat hun kinderen een goede opvoeding moeten hebben - iedereen die van musea gebruik maakt. Maar er heerst stilte alom. De mensen vinden het niet sjiek om lawaai te maken. De politiek bereidt intussen de keuze voor, de musea (en de schouwburgen, danstheaters, orkesten enzovoort) staan weer alleen. Buiten doet niemand een mond open. Dat is teleurstellend en vooral beschamend.