AHMAD SHAH MASOOD; De adelaar van de Panshir

Ahmad Shah Masood, de eerste islamitische guerrillaleider die mogelijk gaat delen in de macht in Afghanistan, lijkt een van de weinigen te zijn die wellicht voor vrede in het land kunnen zorgen. Het gebied in het noordoosten van Afghanistan, dat hij in feite al jarenlang controleert, geeft een idee van de inbreng die de in 1953 geboren Masood zou kunnen hebben in de nu (voorlopig) in Kabul regerende raad.

In de Panshirvallei, waar hij sinds 1979 vecht tegen de regeringstroepen, heeft hij een bestuur opgebouwd dat door de Franse krant Le Figaro zonder meer als "rechtsstaat' wordt gekwalificeerd. Er zijn wetten, een functionerend bestuur en een justitie - allemaal zaken die in dit deel van Azië allesbehalve vanzelfsprekend zijn. Het gebied waarop hij zijn stempel drukt, heeft dan ook de bijnaam "Masoodistan' gekregen.

In Taloqan, zijn voorlopige hoofdstad, heeft Masood gemengde scholen voor jongens en meisjes geopend, de verkiezing van een gemeenteraad georganiseerd en een bank en kranten opgericht. In het door etnische Tadjieken bewoonde deel van Afghanistan dat hij controleert, heeft Masood, zelf ook een Tadjiek, een samenleving gerealiseerd zoals zijn Jamiat-i-Islami (Partij van de Islam) voor ogen staat: een staat "gebaseerd op de islam', maar zeker geen fundamentalistische, antiwesterse heilsstaat zoals de rivaliserende Hezb-i-Islami wil. Geestelijk leider van de Jamiat is Burhanuddin Rabbani, een voormalige hoogleraar theologie aan de universiteit van Kabul, een vrome en gematigde moslim.

Masood ontwikkelde zijn politieke betrokkenheid bij de islam tijdens zijn studie in Kabul begin jaren zeventig, waar hij als leider van een islamitische studentengroepering wedijverde met de marxistische studentenorganisatie waarin Najibullah actief was. Masood studeerde aan de Technische Hogeschool in Kabul om ingenieur te worden, een opleiding die er zeker toe heeft bijgedragen dat zijn gedrag als guerrillaleider en bestuurder door Westerse waarnemers als "zeer effectief' wordt omschreven.

In 1975 begon Masood de gewapende strijd en verwierf zich sinds 1979 als bevelhebber legendarische faam. Hij kreeg de bijnamen "Adelaar van de Panshir' en "Leeuw van de Panshir'. Als hij zegevierend van dorp tot dorp trok beperkte hij zijn activiteit niet, zoals andere mujahedeen, tot het verdrijven van de gehate vertegenwoordigers van het communistische bewind in Kabul. Geduldig bouwde hij aan een netwerk van informatiekanalen en bestuursstructuren dat de basis is gaan vormen van zijn Masoodistan. Hij heeft getoond eigenschappen in huis te hebben om te komen tot een vredesregeling voor het door de burgeroorlog verscheurde land: moed, doorzettingsvermogen en vooral geduld.