Zes jaar cel voor Carlo de Benedetti

MILAAN, 16 APRIL. Carlo de Benedetti, president-directeur van het Italiaanse computerconcern Olivetti, is vandaag voor een rechtbank in Milaan veroordeeld tot zes jaar en vier maanden gevangenisstraf. Hij en 33 andere verdachten werden schuldig bevonden aan fraude in verband met de ondergang van de Italiaanse Banco Ambrosiano in 1982.

Tegen De Benedetti was zes jaar en twee maanden geëist. Volgens de Italiaanse wet moet het vonnis nog worden bekrachtigd door het Hof van beroep en het Hooggerechtshof. Het proces heeft twee jaar geduurd. De Benedetti, die zelf niet aanwezig was bij de uitspraak, weigerde elk commentaar op het vonnis. Volgens zijn raadsman gaat De Benedetti in beroep tegen de veroordeling.

Direct na het bekendworden van het vonnis daalde de koers van de aandelen Olivetti op de beurs in Milaan met 5,6 procent.

Carlo de Benedetti was vice-voorzitter van de Banco Ambrosiano van november 1981 tot januari 1982. Bij zijn vertrek verkocht hij zijn aandelenpakket (2 procent) tegen een zeer gunstige prijs. In de zomer van 1982 ging de bank failliet. De schuldenlast van de Banco Ambrosiano bedroeg ruim 1 miljard dollar.

Een andere verdachte in de zaak, Licio Gelli, leider van de verboden vrijmetselaarsloge P-2, werd veroordeeld tot 18 jaar en zes maanden gevangenisstraf voor zijn rol in het grootste Italiaanse bankschandaal sinds de Tweede Wereldoorlog. Gelli betaalde een deel van de activiteiten van de loge met nooit terugbetaalde miljoenenleningen van de banco Ambrosiano. Tegen Gelli was 18 jaar en vier maanden geëist. Een andere leider van P-2, Umberto Ortolani, werd veroordeeld tot 19 jaar celstraf.

Enkele weken voor het bankroet werd de president van de Banco Ambrosiano, Roberto Calvi, hangend onder een Londense brug aangetroffen. Het is nooit duidelijk geworden of hij zelfmoord heeft gepleegd dan wel is vermoord.

Volgens de aanklacht hebben alle verdachten “met Calvi samengewerkt in de vernietiging” van de bank. (Reuter)