Sarajevo is in de greep van de angst

SARAJEVO, 15 APRIL. Servische legereenheden zijn gisteren - in weerwil van de internationaal erkende onafhankelijkheid van Bosnië - vanuit het Servische Uzice het oosten van Bosnië binnengetrokken. Ze hebben de moslimmilities verdreven uit de omgeving van de stad Visegrad. De afgelopen dagen is de situatie rond Visegrad zeer gespannen geweest. De militie van de moslims had er de grote stuwdam bezet en gedreigd die op te blazen wanneer de Servische milities in het gebied hun beschietingen op door moslims bewoonde dorpen niet zouden staken.

SARAJEVO, 15 APRIL. “Het leven is goed”, meent Irina, de Russische stewardess van BosnaAir over haar nieuwe baan. De meeste van haar passagiers zijn een andere mening toegedaan. Tweemaal per dag vliegt zij met haar medebemanningsleden tussen de Servische hoofdstad Belgrado en de Bosnische hoofdstad Sarajevo op en neer; de nationale luchtvaartmaatschappij van Bosnië-Herzegovina heeft haar enige toestel met bemanning en al geleased bij de Russische Aeroflot. Op de heenweg naar Sarajevo zit er bijna niemand in, maar voor het traject terug, uit de door burgeroorlog geplaagde stad, verdringen honderden zich dagelijks voor de loketten op het vliegveld.

Zwaarbewapende militaire politie aanschouwt het dringen voor de loketten van de velen die het geld hebben om per vliegtuig de burgeroorlog te ontvluchten. Het Joegoslavische leger, dat vorige week gewapenderhand de luchthaven overnam van de Bosnische politie, zet eigen vliegtuigen in voor de evacuatie van de vrouwen en kinderen van beroepsmilitairen. De burgers rest weinig meer dan de vluchten van BosnaAir en enkele onregelmatige busdiensten op Belgrado, die regelmatig door gewapende benden worden overvallen.

Op het vliegveld wordt de oorlogstoestand de aankomende reiziger meteen duidelijk. Langs de landingsbaan heeft het Joegoslavische leger tanks opgesteld. Indrukwekkende stukken geschut omlijsten het parkeerterrein. In de verte zijn af en toe doffe dreunen van zware artillerie of mortieren te horen. Om ongeveer half zes, vlak voor het intreden van de duisternis, is langdurig vuren met automatische geweren hoorbaar, een van de bijna dagelijkse schietpartijen in de buitenwijken tussen Servische en moslimeenheden, en sluipschutters.

De echte rampzalige tijdingen komen van buiten Sarajevo, hoofdstad van de ook door Nederland als onafhankelijke staat erkende ex-Joegoslavische republiek. Servische vrijwilligers, voornamelijk in de vorm van de door de Belgradose onderwereldkoning Arkan geleide "Servische garde', gaan in het oosten van de republiek ijverig door met het "bevrijden' van steden, wat in de praktijk vooral lijkt te betekenen dat de bevolking de stad wordt uitgeschoten. In het zuiden leveren eenheden van het Joegoslavische leger bijna dagelijks slag met Kroatische eenheden, leden van de extremistische HOS-militie maar ook met meer geregelde Kroatische eenheden, naar het schijnt.

De aan de regering getrouwe strijdmacht, Bosnische militie, de zogenoemde Groene Baretten en andere strijders die in een soort hemelsblauwe gevangenisuniformen lijken gekleed, kunnen tegen het goed georganiseerde geweld kennelijk weinig doen. Rondom Sarajevo valt de ene na de andere buitenwijk in handen van de "Servische territoriale eenheden', die de gebieden opeisen voor hun eigen “Servische republiek Bosnië-Herzegovina”.

Pag.5: Oorlogspychose in Sarajevo

“Dit is geen oorlog tussen ethnische groepen, maar een klassieke aanval op een soevereine staat”, meende de Bosnische president Alija Izetbegovic gisteren op een persconferentie. Niets schijnt de oorlog tegen te kunnen houden: niet het al enkele uren na ingang verbroken staakt-het-vuren onder auspiciën van de Europese Gemeenschap. Evenmin de aanwezigheid van het hoofdkwartier van de vredesmacht van de Verenigde Naties in Sarajevo, en de aankondiging gisteren dat de VN aan deze lokatie wil vasthouden. En al helemaal niet de aanwezigheid van het Joegoslavische leger in de republiek, dat zegt vredestichtend tussen de strijdende partijen te willen bemiddelen, maar er door velen van beschuldigd wordt toch vooral ten gunste van de Servische kant actief te zijn.

Ofschoon omvangrijke veldslagen in Sarajevo tot nu toe zijn uitgebleven, ondanks gespierde taal van de strijdende partijen, leeft de bevolking in de Bosnische hoofdstad in oorlogspsychose. 's Ochtens na zes uur, bij het eind van de avondklok, gaat men de straat op om te proberen voedsel te bemachtigen, dat echter door het wegvallen van steeds meer aanvoerlijnen steeds schaarser en duurder wordt. In sommige bedrijven en kantoren wordt een of twee uur gewerkt, uit burgerzin eigenlijk meer dan omdat er werkelijk iets te doen valt. Ook wie overdag niet bij toeval in een vuurgevecht of in sluipschuttersvuur terecht komt - elke dag vallen er gewonden - zorgt om vier uur binnen te zijn. Om half zeven rijden de laatste trams, daarna is de stad al urenlang het domein van de diverse geüniformeerde groeperingen, voordat om tien uur de avondklok weer van kracht wordt.

In die uren zijn de incidentele explosies en schietpartijen maar één van de zorgen van de bevolking van Sarajevo. Want ook de al of niet georganiseerde misdaad laat zich in deze roerige tijden niet onbetuigd, en trotseert de avondklok en de vlug schietende politie veelal voor het plegen van overvallen en het zetten van kraken.

Toch was het geweldsniveau gisteren wat lager dan in de afgelopen dagen, naar velen aannemen in verband met de aankondiging dat VN-afgezant Cyrus Vance vrijdag voor een nieuwe vredespoging in Sarajevo aankomt. Ook de Europese Gemeenschap zal een nieuwe poging doen, het staakt-het-vuren alsnog serieus ingang te doen vinden. VN-waarnemers, EG-waarnemers en ook medewerkers van het Internationale Rode Kruis en het Hoge Commissariaat blijken inmiddels geenszins gevrijwaard van het fungeren als schietschijf in Sarajevo en andere delen van Bosnië-Herzegovina, zo is de afgelopen dagen gebleken.