Pogolerich' dynamiek heeft wisselend effect

Concert: Ivo Pogorelich, piano. Programma: Mozart: Fantasia in d (KV 397), Sonates nr. 5 in G (KV 283) en nr. 11 in A (KV 331); Beethoven: Sonate nr 27 in e op 90; Brahms: Capricio in fis op 76 nr. 1, Intermezzo in A op 118, nr. 2; twee Rapsodieën op 79. Gehoord 11/4 Vredenburg Utrecht.

Het fenomeen Ivo Pogorelich, eens in zijn onstuimige eigenzinnigheid de lieveling van het jonge vrouwvolk, is nog altijd een pianist die in zijn ongebruikelijke benadering van muziek en publiek heftige pro- en contrareacties kan oproepen. Nog voordat het applaus bij zijn opkomst is verstomd, begint hij al te spelen. Diverse programmanummers werkt hij achter elkaar af zonder noemenswaardige onderbrekingen. En als aan het slot van het concert de toehoorders hun intense tevredenheid betuigen over het gebodene, presteert Pogorelich het om onder andere een toegift te spelen van liefst een kwartier lengte zonder zich te verwaardigen de maker van het weinig bekende stuk te noemen.

Anders gezegd: Pogorelich' eigenzinnigheid heeft niets met zijn leeftijd te maken, maar vormt een essentieel onderdeel van zijn kunstenaarspersoonlijkheid. Zaterdagavond bewees hij overduidelijk dat hij met deze hoedanigheid terecht reacties uitlokt. Immers zijn behoefte om aan alle door hem gespeelde composities een extra Pogorelich-dimensie toe te voegen, leidt bij Brahms tot een boeiende intensivering van de muzikale expressie, bij Beethoven tot een in stilistisch opzicht niet onberispelijke, maar wel pakkende romantisering en bij Mozart tot een kompleet muzikaal fiasco. Er zijn vele manieren om Mozart voor te dragen. Wie echter zoals Pogorelich bij het vertolken van zijn composities probeert de muzikale spanning op te voeren via oneigenlijk heftige dynamische contrasten en onlogische extreme tempowisselingen, bewijst gewoon geen oor voor Mozart te hebben.

Als men bij Pogorelich' voordracht van Beethoven even vergeet wie de componist is, blijft er ondanks een aantal maniërismen dank zij de gepassioneerde aanpak en fraaie pianistiek nog genoeg te genieten over. En zoals gezegd: dank zij zijn procédé van romantische overdrijving slaagt Pogorelich er in Brahms pianomuziek te ontdoen van het laatste zweem van brave bezonnenheid.

Met een wervelend virtuoos entrain vertolkte Pogorelich aan het slot bij wijze van toegift het in technisch opzicht razendmoeilijke Islamey van Balakirev.