NPV

Dat de Nederlandse Patiëntenvereniging (NPV) zich onlangs opnieuw tegen vrijwillige actieve euthanasie heeft verklaard, was voor insiders geen verrassing.

Daartoe is de NPV opgericht. Statutair richt zij zich “op Gods woord en de daarin geboden bescherming van het menselijk leven vanaf de conceptie tot de dood.” Daarmee is de NPV geenszins representatief voor "de patiënten' in Nederland, al of niet georganiseerd in een belangenvereniging.

Voor buitenstaanders zal het curieus zijn dat de NPV zich afficheert als "Nederlands'. Bij gebruik van dit adjectief denkt men immers aan termen als algemeen, neutraal enzovoorts. Om verwarring te voorkomen zou de NPV daarom haar naam behoren te wijzigen. Dat het bestuur daar waarschijnlijk niet vrijwillig toe zal besluiten, vindt zijn verklaring in de aan de naamgeving verbonden protestantse ideologie. In essentie is dit een mythe die teruggaat naar de 17de eeuw en die in de 19de eeuw door Groen van Prinsterer nieuw leven is ingeblazen.

Centrale gedachte is: de Nederlanders vormen het "tweede uitverkoren volk'. Hun geschiedenis is daarvan een reflectie. Het gaat Nederland goed in tijden van vrome ijver, tegenslag en rampen volgen in perioden van geloofsverduistering. Bekeringsijver, door God opgedragen, dient zich te richten op de heidenen, dissidenten, roomsen en joden.

Hoewel de wetenschap geen ruimte meer laat voor een dergelijke zwart-wit interpretatie van de Nederlandse geschiedenis, wordt daaraan in rechtsprotestantse kring nog graag vastgehouden. Zij biedt zekerheid, een mogelijkheid tot oriëntatie. Daarom heeft men opzettelijk gekozen voor de benaming Nederlandse Patiëntenvereniging.