Miljoenenschade in Limburg; Kamer: hulp voor slachtoffers beving

ROTTERDAM, 14 APRIL. De fracties van CDA, PvdA, D66 en VVD vinden dat de regering financiële hulp moet bieden aan mensen die schade hebben geleden bij de aardbeving.

Volgens de Kamerfracties is steun noodzakelijk omdat de verzekeraars de schade niet vergoeden. De Vereniging Eigen Huis dringt erop aan dat dergelijke schade in de toekomst wel wordt gedekt.

De politieke roep om de schade van de aardbeving in Limburg te compenseren volgt op schriftelijke vragen van VVD-Kamerlid J. van Rey over de maatregelen die zijn getroffen om de gedupeerden te helpen. Volgens Van Rey zouden herstelkosten fiscaal aftrekbaar moeten worden gemaakt. Ook de CDA-afdeling Roermond deed gisteren een beroep op de regering voor hulp, nadat de gemeente en de provincie Limburg lieten weten geen geld te hebben.

Vanochtend heeft CDA-Kamerlid G. Koffeman minister Dales (binnenlandse zaken) verzocht te bezien welke mogelijkheden er zijn voor hulp. Welke vorm van hulp vindt hij nu niet zo belangrijk, “als er maar iets gebeurt”. Dales voert vandaag overleg met de ambtelijke top van het ministerie om mogelijkheden voor hulp te bekijken. D66 sloot zich vanochtend bij monde van het Kamerlid D. Tommel aan bij het verzoek voor steun aan gedupeerden. Tommel vindt dat verzekeraars “er zich te makkelijk van afmaken”. Hij vindt dat de verzekeraars de omvang van de schade gratis zouden moeten taxeren, en dat er inzamelingsacties moeten worden gehouden.

Het Verbond van Verzekeraars liet gisteren weten schade aan gebouwen en inboedels niet te vergoeden. Volgens een besluit uit 1963 van de Vereniging van Brandassuradeuren is in de polis tegen brandschade geen dekking mogelijk tegen schade ten gevolge van aardbevingen of vulkanische uitbarstingen. Een woordvoerder liet vanmorgen weten dat de verzekeraars niet overwegen een dergelijke dekking in de toekomst mogelijk te maken. Van de omringende landen zou alleen in Duitsland sinds enkele maanden een speciale verzekering tegen aardbevingen mogelijk zijn.

Woordvoerster A. Snijder van de Vereniging Eigen Huis liet vanmorgen weten dat de vereniging de verzekeraars zal oproepen de schade door aardbevingen in de toekomst onder de standaarddekking te laten vallen. Bij de vereniging zijn honderden telefoontjes van huiseigenaren binnengekomen die hoogst verbaasd waren dat de schade niet onder de standaardverzekering viel.

De gemeente Roermond is momenteel bezig de schade te inventariseren. Dat gebeurt op verzoek van de provincie Limburg die cijfers gevraagd heeft om bij Binnenlandse Zaken aan te kloppen. Gouverneur E. Mastenbroek heeft gisteren tijdens een bezoek aan het getroffen gebied verklaard dat provincie noch gemeenten middelen heeft om de schade te vergoeden.

Pag.3: Naschok van 3,5 op schaal van Richter

Wel heeft de gouverneur toegezegd een beroep te zullen doen op de regering zodra het beschikt over een inventarisatie: “wellicht krijgen we dan deuren op een kier die in principe gesloten zijn.”Intussen lopen de schattingen van de schade uiteen van enkele miljoenen tot vele tientallen miljoenen. De gemeente Roermond heeft tot nu toe vierhonderd min of meer beschadigde woningen geteld. “Als we uitgaan van een schade van 30.000 gulden per woning, komt dat neer op een totale schade van 12 miljoen gulden”, zei vanmorgen de woordvoerder van de gemeente. Het Roermondse VVD-Kamerlid Van Rey, die in zijn woonplaats een assurantiekantoor heeft, schat de schade aan woningen veel hoger, tussen de 50 tot 100 miljoen gulden.

Vanmorgen registreerde de seismologische apparatuur van het KNMI bij Roermond nog een naschok met een kracht van 3,5 op de schaal van Richter. Het puinruimen in de getroffen gebieden is inmiddels bijna voltooid. Mensen die hun huis niet meer konden betreden wegens instortingsgevaar, werden door de gemeenten in noodvoorzieningen ondergebracht.

Tot dusver leken gedupeerden noch bij de verzekeraars, noch bij rijk, provincie of gemeente de schade verhaald te kunnen krijgen. Roermond was niet bereid een lokaal rampenfonds te vormen om de financiële nood te leningen. Volgens loco-burgemeester Derks konden slachtoffers weinig verwachten van de gemeente als provincie en rijk het laten afweten.

Ook het Nationaal Rampenfonds (NRF) verklaarde gisteren niet in actie te komen na de aardbeving in Limburg. Volgens B.P. Burgers, hoofd voorlichting en werving van het Nederlandse Rode Kruis ligt hier geen taak voor het fonds. Doelstelling van het NRF is in geval van een nationale ramp "medewerking te verlenen tot leniging van de ontstane noden door het bijeenbrengen van gelden en goederen'. In het geval van de aardbeving in Limburg is de ramp echter te kleinschalig, zo licht Burgers toe. Feitelijk is het NRF het laatst actief geweest bij de watersnood van februari 1953.

Twee jaar geleden nog bemiddelde het fonds bij het distribueren van uitkeringen aan slachtoffers van de januari-stormen. Die gelden werden toen ter beschikking gesteld door de Europese Gemeenschap. Hoeveel geld er bij het fonds in kas is weet de heer Burgers niet bij benadering. Wel zegt hij dat de laatste jaren geen geld meer is geworven. Dat zou eerst moeten gebeuren voordat de stichting hulporganisaties zou kunnen bijstaan.