Nederlands 'monument' niet meer dan hoopje los zand

Tekeningen van Nijntje voor de ramen van een School met den Bijbel, vlakke landschappen met laaghangende wolkenvelden, junks in de Damstraat, de landadel van Groningen die de eindjes aan elkaar knoopt met caravans op het terrein, een meneer van bouw- en woningtoezicht die iemand opdraagt het schuurtje in zijn tuin te slopen, een vertegenwoordiger van Gouda's Glorie op zijn ronde langs snackbars, een reünie van Indische Nederlanders - is dit het Nederland dat volgens de omineuze VPRO-aankondiging identiteitsloos dreigt op te gaan in een kleurloos Europa? Ja, dat is het.

Als een extra, nagekomen aflevering van het Gat van Nederland (een half uur korter dan de geannonceerde 2 1/2 uur) gleed het gisteravond allemaal onder de titel Herinnering aan Nederland langzaam en gedragen over het scherm, een mozaïek van montage en geluidsmixage zonder verklarende tekst.

Ik laat me doorgaans makkelijk meewiegen met zo'n meanderende televisie-avond, waarin alles met alles te maken heeft en de cirkel aan het eind weer rond is. Maar deze keer bleef ik na afloop zitten met het gevoel, dat mij knollen voor citroenen waren verkocht. Er was mij heel wat meegedeeld over de slag bij Heiligerlee, vierhonderd jaar geleden, en over de sporen die daarvan nog over zijn. Ik had een ontroerend portretje gezien van een boer in een nieuwbouwrijtjeshuis, wiens boerderij was gesloopt voor de aanleg van een rondweg en die nu enigszins ontredderd de beknotting het hoofd trachtte te bieden: “Alles wordt nieuw, maar of 't nou beter wordt, betwijfel ik wel 's.” Een jongeman demonstreerde per computer hoeveel subsidies er in Nederland bestaan en vier kunstenaars kwamen bij een gemeentelijke commissie hun voorstel voor een kunstobject verdedigen. Veel aardige momenten, kortom, maar met een hoog willekeurigheidsgehalte.

Kennelijk moest het allemaal model staan voor een grotere waarheid over het Nederland van dit moment, met zijn geschiedenis en zijn heden - zoals in Diogenes het verhaal van één individu soms model staat voor de gebeurtenissen in een ander land. Ik denk alleen dat die kunstgreep voor het binnenland heel wat minder makkelijk opgaat. Zoals hier een verzameling Nederlandse inkijkjes bijeen was gebracht, zo weet ik óók nog wel wat hoogst Nederlandse verschijnselen. Noem maar op: een plaatselijke speeltuincommissie, een paar werkloze IJsselmeervissers, een Oranje-comité, een harmonie-orkest, een marktkoopman op de Albert Cuyp, een telefonische hulpdienst, een seksclub voor invaliden, het Prins Bernhard Fonds, de kunstuitleen, een Sinterklaas-sneldichter in een warenhuis en de redactie van het Nieuw Israëlitisch Weekblad - ze hadden straffeloos de plaats kunnen innemen van wat hier wèl werd vertoond.

De avondvullende programma's die de VPRO eerder in deze stijl uitzond, hadden een dwingend verhaal, een visie die alle schijnbaar losse elementen samenbracht. Die visie, die eenheid ontbrak in Herinnering aan Nederland. Wat overbleef, was een handjevol bric à brac. Aangeprezen als een monument, maar in werkelijkheid een hoopje los zand.