Scepsis over toekomst Filmfestival Rotterdam verdween onder Beyer

IFFR

Het Rotterdams Filmfestival, dat in tien dagen 512 films en 144 wereldpremières zal brengen, barst onder artistiek directeur Beyer van de ambitie.

Bero Beyer.

Toen Bero Beyer in 2015 aantrad als artistiek directeur van Internationaal Film Festival Rotterdam, heerste scepsis over de toekomst. Het IFFR zou zijn afgegleden tot een festival van hooguit nationaal kaliber. Te vormeloos, te veel probeersels – en internationaal zou Rotterdam onder de radar van filmprofessionals en –pers zijn gedoken.

Maar zonder dat Beyer een sterk eigen stempel op het festival heeft gedrukt, is die negatieve sfeer uit de lucht, is vast te stellen aan de vooravond van het 47ste festival, dat woensdag 24 januari begint. „Rotterdam is een unieke plek, zoveel publiek en toch zo avant-garde”, zegt hij. „We zijn echt ambitieus. In 2021, als IFFR vijftig wordt, moet niemand meer twijfelen aan onze status. We willen nog meer publiek, absoluut. Meer filmmakers, meer impact. Dit is Rotterdam, waarom gas terugnemen?”

Beyer is vooral blij dat de 314.000 bezoekers vorig jaar het aanbod van IFFR de hoogste gemiddelde beoordeling ooit gaf: 64 speelfilms kregen een score van ruim 4 (op de 5). Niet omdat hij betere films kiest, aldus Beyer, maar omdat door heldere presentatie en communicatie „de juiste mensen in de juiste zalen terecht komen”.

Rotterdam is er voor kunstfilms, dus wars van glamour en rode lopers. Wel geeft de komst van grote namen IFFR extra swung, zoals vorig jaar Barry Jenkins bewees, die met Moonlight de Oscar voor beste film won. Dit jaar woont regisseur Paul Thomas Anderson (There Will Be Blood) een vertoning van zijn nieuwe film Phantom Thread bij, onder begeleiding van het Rotterdam Philharmonisch Orkest. Actrice Charlotte Rampling komt, filmlegende Paul Schräder, schrijver van Taxi Driver en regisseur van American Gigolo, alsmede de Argentijnse arthousediva Lucrecia Martel en Sean Baker, wiens The Florida Project grote indruk maakt. Zij verzorgen masterclasses in het Hilton Hotel, ooit het epicentrum van het IFFR, dit jaar terug als festivallocatie.

Een opvallend project is het Slaaphotel dat de Thaise filmmaker en Gouden Palm-winnaar Apitchatpong Weerashetakul zal inrichten. Slecht enkelen kunnen er overnachten, maar ’s middags kan iedereen wegdommelen bij door Apitchatpong geselecteerde, steeds veranderende droomfilmbeelden die 24 uur per dag worden geprojecteerd. Wie wakker wil blijven, kan terecht bij de dansfeesten van IFFR of bij de waanzin van de Japanse performancegroep Miss Revolutionary Idol Beserker.

Onder Beyer is de wisselvallige hoofdcompetitie voor jong talent, de Hivos Tiger Awards, ingekrompen van achttien naar acht films, met één winnaar. Het filmaanbod is verdeeld in vier secties: Bright Future (debutanten, jong talent), Voices (gevestigde namen, bioscoopfilms), Deep Focus (retrospectieven) en Perspectives (thema’s). De grote thema’s zijn dit jaar ‘geschiedenis van underdogs’ (A History of Shadows), ‘de mensloze wereld’ (Curtain Call), de comeback van het filmisch ‘maximalisme’ van de jaren negentig (Maximum Overdrive), Tamilfilms (House of Fire) en Pan-Afrikanisme. Exotische cultfilms, een trotse Rotterdamse traditie, zijn verzameld onder de naam ‘Rotterdämmerung’.