Eigengereide "rechtsbuiten' van het CDA; Profiel van W.A. MATEMAN

Het CDA-Kamerlid W.A. Mateman (46) omschreef vorige maand de Chinese leiders als "bejaarde spleetogen'. Deze uitspraak viel niet in goede aarde bij de leiding van het CDA. Vorige week nam Mateman de kwalificatie terug, maar hij houdt vast aan zijn standpunt dat Nederland duikboten had moeten leveren aan Taiwan. Mateman is voorzitter van de Vaste Kamercommissie voor buitenlandse handel.

In Den Haag staat Wim Mateman bij een aantal fractiegenoten te boek als de "rechtsbuiten' van het CDA, maar bij zijn achterban in de Achterhoekse grensgemeente Aalten is hij de held van de regio. “Hij voelt aan wat er leeft onder de mensen”, zo kenmerken inwoners van Aalten hun volksvertegenwoordiger met zijn onafscheidelijke pijp. “Hij is eigengereid, maar recht door zee.”

Mateman zorgt ervoor dat het CDA in de regio zijn bastion blijft. Aalten telt met zijn 18.000 inwoners bijna duizend CDA-leden. CDA-fractieleider Brinkman vereerde Aalten onlangs met een bezoek. Hij sprak er honderden mensen toe. De CDA-leden luisterden aandachtig, maar ze werden pas enthousiast toen Mateman naar voren snelde om de belangen van de regio bij Brinkman te verduidelijken. “Wij willen dat de autosnelweg via Aalten wordt doorgetrokken naar Enschede. Niet omdat we voor auto's zijn, maar omdat we hier de werkgelegenheid willen. De plannenmakers in Den Haag slaan ons altijd over.” Op zijn woorden volgde luid applaus: Mateman heeft zijn reputatie als beschermheer van Aalten weer bevestigd.

Veel CDA-afdelingen nodigen Mateman uit als spreker. In de meer conservatieve streken speelt hij een thuiswedstrijd. Zo ook in Staphorst, waar hij onlangs met zijn "duidelijke taal' scoorde voor open doel. De Chinese leiders noemde hij "bejaarde spleetogen', het minderhedenbeleid hekelde hij. De verslaggever van het Staphorster Nieuwsblad was onder de indruk. “Mateman noemt man en paard”, kopte hij zijn artikel. “Niets warrige en stoffige kamertaal. Geen verontschuldigingen voor halve maatregelen. Geen angst voor de waarheid. De heer Mateman is te prijzen.”. En hij concludeerde: “Er is nog hoop. Mateman heeft laten zien dat politiek kan boeien. Ja zelfs leuk kan zijn”.

In Den Haag was Brinkman minder gecharmeerd van Matemans uitlatingen en riep hem op het matje. Het CDA-Kamerlid nam zijn omschrijving van de Chinese leiders terug, maar niet zijn argumentatie. “Het was stom van mij om dat te zeggen”, zegt Mateman later op het Binnenhof. “Maar goed, het was in het vuur van mijn betoog. Ik zet mijn toespraken nooit op papier.” Bij Matemans achterban in Aalten hebben de gewraakte uitspraken geen negatief gevolg voor zijn populariteit. Integendeel. “Het woord "spleetogen' had hij niet mogen zeggen, maar verder heeft hij groot gelijk”, aldus K.J. Joldersma, ex-fractieleider van het CDA in de gemeenteraad van Aalten. Ook het voormalige CDA-Statenlid uit Aalten, H. Obbink, is vergevingsgezind. “ Ook het beste paard struikelt wel eens. De mensen hier kennen hem. Ze zeggen: dat is nou typisch Mateman.”

Obbink kent Mateman, die op 7 mei 1945 in Aalten werd geboren, vanaf zijn prille jeugd. Politiek betekende in Aalten het bestuur van gereformeerden - verenigd in de ARP - en hervormden die zich aansloten bij de CHU. En de meest populaire organisatie is er de Oranjevereniging. Aalten is trouw aan God en Oranje sinds prins Maurits de Heerlijkheid Bredevoort - waartoe Aalten behoorde - veroverde op de Spanjaarden. Voor de hervormde Mateman begon de politiek in de Gereformeerde Jeugdvereniging (GJV) omdat “gereformeerden het beste jeugdwerk hadden”. Hij leerde er argumenteren en debatteren. Maar de hervormden wilden hun eigen jeugdorganisatie, en Obbink benaderde Mateman om de CHJO op te richten. “Hij was op school altijd al met politiek bezig. Een pienter kereltje met een zeer brede belangstelling.” Obbink werd eind jaren vijftig voorzitter van de Aaltense CHJO, Mateman (16) trad op als secretaris.

Na de Christelijke HBS in Aalten besloot Mateman sociologie te studeren. Tot schrik van Obbink koos de jonge Mateman als studentenstad voor Nijmegen, katholiek en links bovendien. “Wim dreef helemaal af naar links. Hij vond dat de wereld moest veranderen”, zegt Obbink. In Nijmegen deelde Mateman de studentenkamer met T. Regtien, de latere provo en bezetter van het Maagdenhuis. Met Regtien - de "Rudi Dutschke' van Nederland - richtte hij de Studentenvakbeweging (SVB) op en werd landelijk "studiecommissaris'. Hij pleitte voor studieloon, omdat de student een “intellectuele arbeider” was. Regtien leidde zijn kamergenoot uit Aalten door kringen van linkse intellectuelen. Syndicalisten, maoïsten, trotskisten en leninisten: voor Mateman waren het begrippen die hij in Nijmegen heeft leren kennen. Hij spreekt nog altijd met bewondering over Regtien die in december 1989 overleed. “Hij was een intellectueel die boeken verslond, een man met een formidabel geheugen.”

In het midden van de jaren zestig brak Mateman met de linkse beweging. “Wat me vooral stoorde was het intolerante klimaat. Daar knapte ik helemaal op af. Ze vraten elkaar op wegens komma's en punten.” Hij gaf zijn studie op, keerde Nijmegen de rug toe, en deed later een staatsexamen om leraar staatsinrichting en economie te kunnen worden. In de politiek had hij nog enkele draadjes met zijn vertrouwde christelijke milieu weten te behouden, omdat hij af en toe wat werk verrichtte voor het CHU-Kamerlid H. Schuring, voormalig rector van de HBS in Aalten. Schuring zag veel in Mateman en wilde hem graag aanstellen als beleidsmedewerker van de CHU-fractie. De procedure liep echter vast op het veto van freule Wttewaall van Stoetwegen, die vond dat Mateman van een te "lage komaf' was. Wttewaall van Stoetwegen zou later de bijnaam "rode freule' krijgen, nadat zij zich op verkiezingstournee tussen de hippies op de Dam in Amsterdam begaf, maar Mateman had haar binnenskamers leren kennen als een conservatief. In de carrière van Matemans beschermheer Schuring kwam ook een "knik' toen hij in 1968 met zijn ex-leerling op vakantie was in de Ardennen. In een café zagen Mateman en Schuring op televisie de aankomst van de Tour de France in Parijs. Op het allerlaatste moment werd de Belg Van Springel verslagen door Jan Jansen. Schuring - een groot wielrenliefhebber - was trots op de eerste Nederlandse tourwinnaar en snelde naar het postkantoor om Jansen een gelukstelegram te sturen “namens de CHU”. Het CHU-hoofdbestuur reageerde ontstemd: het telegram was verstuurd op zondag. Schuring keerde bij de volgende verkiezingen niet terug in de Tweede Kamer.

Voor Mateman, inmiddels leraar in Enschede, begon de politieke carrière in de Provinciale Staten van Gelderland. Obbink, zelf Statenlid en voorzitter van de CHU-Kamerkring, zette hem hoog op de lijst. “Na zijn terugkeer uit Nijmegen is Mateman flink naar rechts geschoven”, zegt Obbink die de "bekering' van de jonge CHU-kandidaat toeschrijft aan de invloed van H.K. Beernink, een prominente CHU-voorman die minister van binnenlandse zaken was in het kabinet De Jong (1967-1971). Obbink vond dat Mateman “weer op de juiste koers” zat er zorgde ervoor dat hij op 24-jarige leeftijd Statenlid werd. Kort daarop werd Mateman ook raadslid en loco-burgmeester van Aalten. Mateman voelde zich thuis in de CHU: niet een partij maar een Unie, eigenlijk een soort politieke Oranjevereniging. “In de CHU heerste een mild klimaat. De ARP was strak en rechtlijnig. Je kon in de CHU een keer links of rechts uit de bocht vliegen, als je maar in de Unie bleef.”

Beernink wierp zich in het CDA op als nieuwe beschermheer van Mateman, en zag erop toe dat de loco-burgmeester van Aalten in 1977 hoog op de lijst van het CDA kwam te staan. Mateman werd verkozen, maar liet zijn beurt voorbijgaan wegens familie-omstandigheden. Zijn zoon kampte met leermoeilijkheden op school en Mateman wilde voorkomen dat de geruchtenmachine in Aalten dit zou toeschrijven aan “een vader die altijd maar op pad is”. Hij bleef in Aalten waar hij eind jaren zeventig een belangrijke rol speelde in de Bagwan-affaire. De Bagwan had besloten zijn hoofdkwartier van het Indiase Poena naar Aalten te verleggen. De inwoners in de regio schrokken op. Een religieuze leider in een Rolls Royce, vrije liefde, verstoring van de zondagsrust: Aalten zag de plagen van Egypte op zich afkomen. Mateman leidde het verzet toen Bagwan een gebouw wilde kopen en enkele bedrijven wilde vestigen. “Dat was tegen het bestemmingsplan”, oordeelde Mateman. De affaire liep uit de hand. Het gebouw dat Bagwan op het oog had, ging door brandstichting in vlammen op. De daders zijn nooit gepakt, het onderzoek van de politie liep vast.

In 1979 kreeg Mateman alsnog een kans om in de Kamer te komen als opvolger van T. Tolman die lid werd van het Europese Parlement. Mateman zegde toe. In de landelijke politiek kreeg Mateman vrij snel een rechts imago. Hij was voorstander van plaatsing van kruisraketten en sloot zich aan bij het ICTO, de tegenhanger van het IKV. Ook reisde hij naar Zuid-Afrika, en niet stiekem zoals sommige CDA-Kamerleden. Mateman is niet verbaasd over het etiket. “Op gebied van defensie was ik rechts, en over Zuid-Afrika ook. Ja, dan hang je van alle kanten.” Hij zette zich flink af tegen de "loyalisten' in het CDA, en veegde de groep rondom J.N. Scholten in de fractie soms flink de mantel uit. Scholten trad later met zijn geestverwant S. Dijkman uit het CDA. De nieuwe tweemansfractie eiste de werkkamer op van Mateman. Hij weigerde. “Het zijn Scholten en Dijkman die de rotzooi hebben gemaakt. Ze zitten op illegale zetels. Moet ik dan ook nog mijn kamer afstaan?”

Mateman ontwikkelde zich tot het boegbeeld van de rechtervleugel in het CDA, en kreeg veel voorkeurstemmen. Hij had in het CDA zijn draai gevonden. Alles ging goed, totdat hij eind augustus 1990, toen hij voor de NAVO-assemblée op Sicilië zat, werd gebeld. De commandant van de Rijkspolitie te Aalten meldde zich. “Meneer Mateman, ik zeg het maar meteen. Uw zoon is verongelukt”. Voor Mateman stortte een wereld in. “Mijn zoon was 16. Een wijs kereltje. Hij was mijn sparring partner. Hij vroeg me altijd: hoe was het in Den Haag? Thuis spraken we urenlang over de politiek.” Maandenlang was Mateman uit het veld geslagen. Het verlies heeft enorme invloed op hem gehad. “Ik heb leren relativeren, ben milder geworden. Je gaat je afvragen waarom we hier zijn. Ik was vroeger monomaan, alleen met de politiek bezig. Dat is voorbij. Het is jammer dat het op zo'n harde manier moest gaan.”

Bij sommige CDA-Kamerleden bestaat irritatie over de "rechtse' standpunten van Mateman, maar er is respect voor zijn kracht verder te gaan. In het debat over de levering van de duikboten aan Taiwan was hij weer “ouderwets tegendraads” en hekelde het kabinetsbesluit. “Mateman is een parlementariër pur sang. Hij is een fenomeen”, zegt CDA-Kamerlid J. Gualthérie van Weezel die binnenkort de Haagse politiek verlaat om Nederland te vertegenwoordigen bij de Raad van Europa in Straatsburg. Gualthérie en Mateman zijn beiden “opgeleid” in de CHU, ze zijn politieke bloedverwanten. En beiden dekken de rechtervleugel van het CDA af, die dreigt over te lopen naar de VVD. Volgens recente peilingen snoept de VVD steeds meer weg bij het CDA. Na het vertrek van Gualthérie is Mateman nog de enige die in de fractie herkenbaar als "rechtsbuiten' opereert. Gualthérie: “Het CDA heeft juist mensen als Mateman broodnodig”.