De Vries: bij uitkering geen belastingvoordeel

DEN HAAG, 13 APRIL. Minister De Vries (sociale zaken) wil het verschil tussen uitkering en minimumloon verder vergroten, zodat werklozen een financiële prikkel krijgen om te gaan werken. Daarvoor wil de CDA-minister het vaste belastingvoordeel (500 gulden) van mensen met een sociale uitkering afschaffen. Het arbeidskostenforfait - het bedrag dat werkenden mogen aftrekken van hun belastbaar inkomen - blijft onveranderd.

Het plan is een onderdeel van een pakket belastingmaatregelen die de gevolgen van het loslaten van de koppeling gedeeltelijk moeten compenseren. Wanneer het kabinet de uitkeringen niet gelijk op laat gaan met de loonontwikkeling in het bedrijfsleven heeft het kabinet volgens de nieuwe koppelingswet WKA de plicht om te streven naar een evenwichtige inkomensverdeling. Daarnaast moet alles op alles worden gezet om de verhouding tussen werkenden (actieven) en mensen met een uitkering (niet-actieven) te verbeteren. Voor volgend jaar verwacht het Centraal Planbureau dat er tegenover honderd actieven 86,6 mensen met een uitkering staan (1992: 86,4). Als er op honderd actieven meer dan 86 niet-actieven zijn, hoeft het kabinet niet te koppelen.

Afgelopen zaterdag heeft het kabinet over het voorstel van De Vries gesproken, in het het kader van de begroting 1993. De ministerraad heeft nog geen knopen doorgehakt en streeft ernaar om op donderdag met een pakket maatregelen te komen waarbij de verbetering van de werkgelegenheid volgend jaar prioriteit heeft.

Volgens minister Kok (financiën) moet er voor een bedrag van bijna 3,5 miljard gulden worden bezuinigd. Minister De Vries en staatssecretaris Simons (volksgezondheid) zijn daarbij aangeslagen voor respectievelijk 1,8 en 0,2 miljard gulden. Het resterende bedrag (1,4 miljard gulden) wordt over alle departementen verdeeld.

Zaterdag is besloten dat de ministeries van binnenlandse zaken en justitie daarbij enigszins te ontzien; ten koste van defensie en ontwikkelingssamenwerking. Het ministerie van onderwijs moet ruim dertig procent van het bezuinigingsbedrag opbrengen. “Buiten elke proportie en de wereld op zijn kop”, meent het Kamerlid Melkert (financieel-woordvoerder van de PvdA). Hij ondersteunt PvdA-minister Ritzen (onderwijs) die vorige week heeft gezegd dat het kabinet extra geld moet vrij maken om de achterstand van lonen in het onderwijs ten opzichte van de rest van de overheid in te lopen. Ritzen heeft vorige week gezegd dat hij op een bijdrage van het kabinet rekent en dat het niet alleen door het ministerie van onderwijs wordt betaald.

Volgens het plan van De Vries levert het afschaffen van het forfait van uitkeringsgerechtigden per jaar 600 à 700 miljoen gulden op. Zonder compenserende maatregelen zou de koopkracht van deze groep behoorlijk dalen. Op dit moment wordt bekeken met welke maatregelen die effecten kunnen worden opgevangen; daarbij wordt onder meer gedacht aan het verlagen van de belastingtarieven.

Vorige week werd al duidelijk dat minister De Vries een zogenoemde heffingskorting in de loon- en inkomstenbelasting wil introduceren. Zo'n tax-credit - die niet afhankelijk is van de hoogte van het inkomen en voor iedereen hetzelfde belastingvoordeel oplevert - moet een bijdrage leveren aan een evenwichtige inkomensverdeling. De belastingverlaging van de minima wordt dan gefinancierd door de belastingaftrek van de midden- en hogere inkomens te beperken. Minister De Vries wil de nadelige koopkracht-effecten voor de midden inkomens compenseren door de lengte van de belastingschuiven te veranderen. Belastingbetalers vallen dan later in een hogere hoger tarief. De CDA-bewindslieden Andriessen (economische zaken) en Van Amelsvoort (financiën) zijn fel tegen het plan van De Vries.