De absolute pret

Zoals uit de boekingen bij de reisbureaus is gebleken, waren eind vorige week al 23.000 Nederlanders vastbesloten naar EuroDisney bij Parijs te gaan.

Dat zijn de zorgvuldigen. Statistisch is bewezen dat vier maal zoveel mensen op hun geluk vertrouwen, "op de bonnefooi' gaan en dat niet alleen naar pretparken. Voorzichtig geschat koesterden dus vorige week 100.000 mensen het plan een bezoek aan het Rijk van Mickey Mouse te brengen. Tien maal zoveel hebben er nog nooit van gehoord, maar dat zal binnenkort anders worden. Juist die groep is het pretpark-gevoeligst, zodat we kunnen aannemen dat dit jaar ongeveer een miljoen landgenoten naar Marne-la-Vallée zal gaan.

Bij het aanroeren van dit onderwerp zijn de getallen met vijf, zes of zeven cijfers niet te vermijden. Deze krant had zijn degelijke beschouwing zelfs in het katern voor economie gezet. De Libération van het afgelopen weekeinde wijdt twaalf pagina's aan de zaak waaronder één die helemaal in beslag wordt genomen door een portret van de Muis, alsof we niet wisten hoe die eruit ziet. Verder was het allemaal lectuur waardoor de lezer onwillekeurig overdonderd werd. Je wist dat het veel was, maar zóveel, nee, dat had je in je stoutste dromen niet gedacht.

Ik wil graag ongezien aannemen dat het allemaal waar is, maar terwijl ik me aan het verbazen was, voelde ik me een beetje aangetast in mijn nationale trots. Ook in onze pers geen woord over De Efteling, dit door en door Nederlandse pretpark, ontworpen door Anton Pieck, onze Walt Disney, die, als hij in Amerika was geboren misschien wel beter dan Disney was geweest en in ieder geval heel anders, zodat het niet uitgesloten is dat dan bij Parijs een EuroPieck had gestaan. Op de Fransen hebben wij voor dat onze Efteling in onze cultuur is geïntegreerd, terwijl de Fransen hun geïmporteerde EuroDisney als een 'culturele invasie' nog helemaal moeten verwerken.

Behalve een mekka voor pretbehoeftigen is EuroDisney dat ook voor de cultuurcritici. De filosoof Alain Finkelkraut is bang dat deze overwinning van Mickey Mouse het begin van het culturele einde zal zijn, de laatste fase in het proces waarbij de mens totaal van de natuur vervreemd zal raken. Zijn collega André Glucksmann ziet kans, binnen het bestek van één kolom de gebroeders Grimm, Pinocchio, Karl Kraus, Francis Fukuyama, Adolf Hitler, Nietzsche, Hegel, Plato en Napoleon aan te roepen, en zich daarna op de vlakte te houden - een intellectuele prestatie waarvoor hij wel een eigen tentje in EuroDisney zou mogen krijgen. De socioloog Barry James maakt onderscheid tussen aan de ene kant toerisme en amusement en aan de andere kant het echte reizen en de leerzaamheid. 't Is niet moeilijk te raden waar EuroDisney bijhoort.

De schrik van de Franse intelligentsia maakt een schijnheilige indruk. Sinds jaar en dag laten ze toe dat aan de Côte d'Azur de ene pretinstallatie na de andere wordt gebouwd, de zee verpest door pretboten en stad en land door alles wat de pretindustrie de laatste dertig jaar heeft voortgebracht: een hel gemeubileerd met waterglijbanen, slotmachines, jukeboxen, speelautomaten en wat je verder hebt. Het is een slagveld waar de slachtoffers zelf de wapens bedienen.

Wat is "pret"? Het is geen vreugde, geen blijdschap, het heeft niets met geluk te maken, het is de meest wezenloze manier van zich instant-goed-voelen. Daarvoor zijn machines en coulissen nodig en daarvoor moet je betalen. Om je op zo'n manier goed te voelen, dien je gevrijwaard te zijn van conflicten. Vandaar dat de politie in EuroDisney bestaat uit "veiligheidsgastheren" (hôtes de sécurité). Het schijnt dat ze in het bijzonder loeren op mensen met een zakkenrollerachtig uiterlijk en alleen lopende mannen die eruit zien als pedofielen. Ben je verdacht, dan word je discreet door tien veiligheidsgastheren omringd die je naar de echte politie brengen.

Pret is een zelfstandig naamwoord waarvan nog geen werkwoord is afgeleid. Bij oorlog hoort beoorlogen. Zo kun je je voorstellen dat, als we aan EuroDisney gewend zijn, pret het aanzien aan bepretten zal geven. Hier wordt het volk massaal bepret. Vanzelf dient zich dan de vraag aan of de pret stijgt als het pretpark groter is. Ik denk: ja. De grootste pret heb je in het grootste pretpark. Daaruit volgt dat pret een kwantitatieve ervaring is waarvan dus het maximum nog niet is opgewekt. Voor De Efteling moet het een troost zijn dat er over een paar jaar een pretpark zal worden gebouwd dat EuroDisney op zijn beurt in de schaduw stelt.

Nog één ding. Bij omvang hoort organisatie. Een groot pretpark waar chaos heerst, is veroorzaakt boze ouders en huilende kinderen. Dit is de formule: omvang maal organisatie is pret. Niet gedreven door cultuurpessimisme moet ik aan de moderne oorlog denken. Hebben we "in principe" het vorig jaar niet zoiets in de Perzische Golf gezien? Disney als de Schwarzkopf van de pret. In de verplettering bewijst men zijn meesterschap.