Bosnisch bestand

IN BOSNIË zwijgen de wapens, voor even. Vannacht is een bestand ingegaan.

Maar het is beter alvast met tellen te beginnen. In Kroatië kwam pas bij de dertiende poging een staakt-het-vuren tot stand dat die naam verdiende. En zelfs daar hebben sinds dat bestand van 3 januari de wapens te vaak gesproken om van vrede te kunnen spreken en is een oplossing van het territoriale conflict nog lang niet in zicht.

In Bosnië zal het niet anders gaan. De burgeroorlog hier is even onvermijdelijk als de komst van de lente - letterlijk, want het tijdstip van de hervatting van de strijd wordt wel degelijk door het seizoen gedicteerd. De oorlog maakt deel uit van de boedelscheiding in het gedesintegreerde Joegoslavië, net zoals de strijd in Kroatië dat deed. In Kroatië is zes maanden lang gevochten. Hier hebben de Serviërs aan grondgebied zo ongeveer gekregen wat ze wilden hebben. Het bestand, gekoppeld aan de inzet van VN-troepen, doet daar niets aan af, want de taak van de blauwhelmen is een onmogelijke en de Serviërs hebben veel reden tot tevredenheid.

In Bosnië moet het allemaal nog beginnen, en als de voortekenen niet bedriegen wordt de strijd bloediger nog dan in Kroatië. Nergens in Joegoslavië is in de Tweede Wereldoorlog immers zoveel bloed vergoten als in deze deelrepubliek.

De strategie van de Serviërs is identiek aan die in Kroatië. Uit Servië worden cetnici aangevoerd, die met behulp van plaatselijke bondgenoten een guerrilla openen tegen plaatselijke moslims en Kroaten. Vervolgens grijpt het federale leger in om “de orde” te herstellen, en die orde is vanaf dat moment een louter Servische orde. Wie zich verzet wordt zonder pardon vermoord. Wie zich niet verzet loopt trouwens ook een gerede kans om vermoord te worden.

HET MAAKT de taak van de EG tot een onmogelijke. De EG is een hulpeloze buitenstaander die kan en moet bemiddelen en die moet werken aan bestanden, maar die de naleving daarvan niet kan afdwingen. Zodra de federale legercommandanten en de Servische milities besluiten dat er verder moet worden gevochten, wòrdt er verder gevochten, terwille van het Groot-Servië van de toekomst, het Groot-Servië waarvan volgens de Serviërs (30 procent van de bevolking van Bosnië) 66 procent van het grondgebied van de republiek deel moet uitmaken.

Ook de blauwhelmen van de VN zullen dit tij niet kunnen keren. Niemand is in staat dat tij te keren. Bosnië is een ideaal gebied voor een guerrilla en de hele bevolking heeft in het tijdperk van Tito een opleiding in de guerrillastrijd gehad, een opleiding die was toegesneden op de bestrijding van een bezettingsleger. Dat gegeven, gekoppeld aan het fanatisme waarmee de Serviërs tot elke prijs trachten hun doel te bereiken, maakt de inzet van blauwhelmen bij "peace keeping'-operaties riskant.

En het maakt hun inzet bij "peace enforcing'-operaties nog moeilijker, tenzij men bereid is zware verliezen te accepteren. Er is een eerste bestand in Bosnië, maar het zal nog vele maanden en waarschijnlijk jaren duren voordat het vrede is.