Vrijdag 10; Doe het zelf

"Kunst is oorlog' stond vorige week in een paginagrote advertentie in de Volkskrant.

Daaronder volgde een lijst met de verdeling van de 250 miljoen gulden rijkssubsidie die dit jaar aan de verschillende podiumkunsten wordt toegekend. Bovenaan staat klassieke muziek met 85 miljoen, gevolgd door opera met 63 miljoen, toneel met 56 en dans met 42. Jazz moet het doen met een schamele 2,5 miljoen gulden en helemaal onderaan bungelt popmuziek met slechts 1,5 miljoen. “Is deze verdeling van subsidie representatief voor de kwaliteit, kwantiteit en publieksbereik van het kunst- en cultuuraanbod in het Koninkrijk der Nederlanden ANNO 1992?” luidde de vraag.

Het antwoord stond er niet bij, maar dat moest gezien de initiatiefnemer, de Stichting Popmuziek Nederland (SPN), natuurlijk luiden: nee! En inderdaad, als "publieksbereik en kwantiteit van kunst- en cultuuraanbod' de criteria voor de toekenning van Rijkssubsidie zijn, heeft de SPN gelijk. Popmuziek trekt van alle podiumkunsten het meeste publiek, zeker als men er de stadionconcerten van grote buitenlandse groepen als Guns N' Roses en Dire Straits bij betrekt. (Hierin schuilt overigens al een groot verschil met bij voorbeeld het Concertgebouworkest: het wereldberoemde orkest trekt vrijwel altijd volle zalen, maar kan, ondanks dit grote "publieksbereik', niet zonder subsidie; de leden van Guns N' Roses en Dire Straits zijn multimiljonair.)

Over het derde criterium, de kwaliteit van de Nederlandse popmuziek, heb ik meer twijfels, maar eigenlijk doen de drie door de SPN genoemde criteria er helemaal niet toe. De schamele rijkssubsidie aan popmuziek betekent niet een uitspraak over de "kwaliteit, kwantiteit en publieksbereik', maar geeft de houding van het Rijk tegenover popmuziek weer. Blijkbaar hoort popmuziek niet thuis in het het rijtje van respectabele kunstvormen als toneel, klassieke muziek, opera en dans, maar beschouwt het Rijk popmuziek meer als amusement en daarom niet subsidiewaardig.

De SPN betreurt dit. Maar waarom eigenlijk? Waarom wil de SPN zo graag dat popmuziek tot kunst met een grote K wordt gerekend? Wat popmuziek zo aardig maakt is toch juist dat iedereen die een klein beetje spaart een elektrische gitaar kan kopen, drie akkoorden kan aanslaan en zich popmuzikant kan noemen. Of wat elektronica kan kopen en op zijn zolderkamer house-platen in elkaar zetten.

Popmuziek is doe-het-zelf-kunst en dat moet zo blijven. Elvis was een vrachtwagenchauffeur die goed kon zingen, hij veranderde de popmuziek en werd miljonair. Johnny Rotten was een vervelende straatjongen, werd zanger, een van de uitvinders van de punk en rijk. Gesubsidieerde punk- en hardrockbands - iets gruwelijkers kan ik me nauwelijks voorstellen.