Ter Beek wil nog niet bezuinigen op defensie

DEN HAAG, 10 APRIL. Minister Van den Broek (buitenlandse zaken) heeft vandaag enigszins afstand genomen van het beeld dat zijn collega Ter Beek (defensie) vorige week schetste van de veiligheid in Europa.

In een toespraak voor de Atlantische Commissie in Den Haag sprak Van den Broek over de militaire risico's van de politieke, etnische, en economische wrijvingen in Midden- en Oost-Europa voor de Europese veiligheid.

“Indien dergelijke spanningen leiden tot confrontaties op grotere schaal, waarbij verschillende staten betrokken zijn”, aldus Van den Broek, “zou de Europese veiligheid ernstig in gevaar kunnen komen. Dit zou zeker het geval zijn wanneer het overgebleven militaire vermogen van de voormalige Sovjet-Unie op de een of andere manier daarbij betrokken zou raken.”

Vorige week dinsdag ontvouwde minister Ter Beek in Den Haag zijn plannen voor een kleinere, flexibelere krijgsmacht voor het Nederlands Genootschap voor Internationale Zaken. Als basis daarvoor gaf Ter Beek een beeld van de veiligheidssituatie waarin “voor de afzienbare tijd geen sprake kan zijn van een militaire bedreiging van het NAVO-verdragsgebied”. Overigens voegde Ter Beek daar, mede op grond van de situatie in Midden- en Oost-Europa, aan toe dat “de veiligheidsrisico's buiten het Navo-verdragsgebied er niet minder op zijn geworden, integendeel.”

Deze week liet Van den Broek in een interview met Vrij Nederland weten dat Ter Beek hem niet tijdig op de hoogte had gesteld van de inhoud van de toespraak voor het Nederlands Genootschap. “De heer minister van defensie heeft natuurlijk het recht om toespraken te houden”, aldus Van den Broek. “Maar het zou beter zijn geweest als hij mij niet voor verrassingen plaatste. Het was prudenter geweest als hij mij zijn speech tijdig had doen toekomen.”

Van den Broek zei vandaag in zijn speech verder dat “het veranderende, meer politieke en economische karakter van de Europese veiligheid niet tot de schijnbaar vanzelfsprekende conclusie mag leiden dat militaire verhoudingen aan belang hebben ingeboet. Het tegendeel is welhaast waar, zelfs nu hun rol anders is dan vroeger.” De minister wees ook op de militaire risico's van het gebrek aan controle in de voormalige Sovjet-Unie over kernwapens en ander wapentuig.