Fokker houdt alle opties open in overleg met Dasa

AMSTERDAM, 10 APRIL. Fokker houdt in de gesprekken over structurele samenwerking met Deutsche Aerospace (Dasa), de vliegtuigdivisie van Daimler Benz, alle opties open om de toekomst van het eigen bedrijf zeker te stellen. Dat verzekerde gisteren Fokkers president-directeur E.J. Nederkoorn de verzamelde aandeelhouders.

Nederkoorn liet niets los over de inhoud van de onderhandelingen met de Duitsers. “We maken goede vorderingen”, wilde hij slechts kwijt. Over enkele weken hoopt de vliegtuigfabrikant nadere mededelingen te kunnen doen. In het geval van een fusie of een andere vergaande samenwerkingsvorm zullen de aandeelhouders daarover apart worden geraadpleegd.

Of de vorig najaar al aangekondigde emissie van circa 15 miljoen nieuwe Fokker-aandelen geheel of gedeeltelijk bij Dasa wordt geplaatst, wilde het Fokker-bestuur nog niets zeggen. Uit verschillende opmerkingen werd wel duidelijk dat het die kant opgaat en dat de huidige aandeelhouders niet op een voorkeursrecht hoeven te rekenen.

Nederkoorn onderstreepte dat er voor Fokker meer dan één scenario denkbaar is. “We praten nu met Dasa, maar we voeren tevens constructief overleg met de Nederlandse overheid.”

Die gesprekken met Economische zaken gaan mogelijk over de overdracht van (een deel van) het staatsbelang (32 procent) in Fokker. In ieder geval gaan ze ook over de mede-financiering van Fokkers nieuwe vliegtuigen, de F70 en de F130. Volgens Nederkoorn staat de F70 op het punt van lanceren. “De werkverdeling staat vast en alles gebeurt wat gebeuren moet om dit toestel eind 1994 bij de klanten in de lucht te hebben.”

Fokker wil de eigen toekomst als "zelfscheppende vliegtuigbouwer' wat volume en werkgelegenheid betreft veilig stellen. Uitgangspunt in de gesprekken met Dasa is dan ook, aldus Nederkoorn, “Fokker als complete onderneming in stand te houden”.

“De samenwerking is vooral gericht op de ontwikkeling van een nieuwe generatie vliegtuigen, niet op ons huidige programma. We praten over het Fokker van de volgende eeuw, niet over dat van de komende jaren. Daarvoor is de strategie al uitgestippeld. We doen dat vanuit een krachtige positie. We zijn nu, beter dan enkele jaren geleden, in staat de toekomst van het bedrijf echt veilig te stellen.”

Fokker praat weliswaar alleen met Dasa, maar Nederkoorn liet doorschemeren dat een eventuele samenwerking op een later tijdstip is uit te breiden tot anderen. Met die anderen doelde hij kennelijk op het Italiaanse Alenia en het Franse Aerospatiale met wie Dasa momenteel bezig is een concurrerend vliegtuigproject, Regioliner genaamd, op te zetten. Fokker heeft de Duitsers steeds voorgehouden dat ze “niet tegelijkertijd kunnen vrijen en vechten”. Met andere woorden: de Duitsers zouden hun plannen met de Italianen en Fransen moeten opgeven, als zij structureel met Fokker gaan samenwerken. Of die voorwaarde nog steeds geldt of dat wordt gedacht aan het in elkaar schuiven van beide programma's, werd gisteren uit Nederkoorns woorden niet duidelijk.

De Fokker-topman gaf aan dat het streven naar herstructurering in de Europese vliegtuigindustrie absoluut noodzakelijk is. “Het tijdperk van puur nationale ondernemingen en ambities loopt ten einde. De overheidsinvloed in de bedrijfstak vermindert, door geldgebrek en doordat er steeds minder nationale industriepolitiek kan worden bedreven. Daarnaast zakt de defensiemarkt sterk in. Per marktsegment is er in de vliegtuigindustrie slechts ruimte voor twee of drie concurrerende programma's. Bovendien ontwikkelt de technologie in de vliegtuigbouw zich slechts langzaam terwijl de kosten exponentieel stijgen. De economie is voor een vliegtuig steeds belangrijker. Luchtvaartmaatschappijen, doorgaans toch al in een zwakke financi"ele positie, moeten er gewoon geld mee verdienen.”

Foto: AMSTERDAM - Aandeelhouders van vliegtuigfabriek Fokker toonden zich gisteren in de jaarvergadering buitengewoon nieuwsgierig naar de voorgenomen samenwerking met het Duitse Dasa.

Veel nieuws kregen ze nog niet te horen. Een vrouwelijke aandeelhouder met een onmiskenbaar Duits accent maakte zich enigszins zorgen over het verschil in mentaliteit tussen Duitsers en Nederlanders “omdat Nederlanders niet zo gemakkelijk het gezag van chefs accepteren”. Zij kwam ook met de suggestie in de verkoopleiding iemand aan te stellen “uit gemengd Nederlands-Duitse ouders”. Het bestuur van Fokker nam de bezorgdheid en het advies ietwat lacherig voor kennisgeving aan. (Foto NRC Handelsblad/ Chris de Jongh)