De grafkamer van de koningin; Een Vikingtombola in Parijs

Een bronzen boeddha, een rekenstokje, een opvouwbaar weegschaaltje, kammen, pionnen van ivoor en een dobbelsteen gebruikt voor het spel hneftafl - meer dan zeshonderd voorwerpen uit het tijdperk 800-1200 geven op een tentoonstelling in Parijs een indruk van het leven en de veroveringszucht van de Vikingen. “Langzaam, heel langzaam moeten de dingen worden gelezen en nu is het of zij het verhaal overnemen.”

De Vikingen, Galeries du Grand Palais, Parijs, tot 12 juli. Dagelijks van 10 tot 20 uur. Dinsdag gesloten; woensdag tot 22 uur.

Het schip is eens in tweeën gebroken. Misschien ging iemand er per ongeluk op staan en knapte het onder zijn voeten. Of brak hij het met opzet omdat hij er te oud voor was geworden? Het fragment dat bewaard bleef is zo klein dat het in de palm van een hand zou passen. Maar het ligt bij een schemerig licht onbereikbaar achter glas. Het is de voorsteven van een houten stuk speelgoed. Een kind uit het noorden van Europa moet dat vroeger in een Duitse rivier te water hebben gelaten.

In de buurt van St. Petersburg sneed een Scandinavische vader voor zijn zoon een degen, met de beminnelijke lengte van twintig centimeter, uit hout. Het is vakwerk; de punt ziet er nog heel scherp uit. Ook het paardje dat uit de Russische grond te voorschijn is gekomen maakt geen afgeraffelde indruk. De benen zijn verloren gegaan, maar het hoofd schiet nog steeds in een flits naar voren, dit is het ogenblik van de sprong.

De kleine hengst die op een van de Faeröer-eilanden is gevonden heeft met die dikke benen en het gedrongen hoofd wel iets van een Shetland-pony. Op dat laatste eiland zou het dier nog onder aarde bedolven kunnen zijn. Ook daar maakten vaders uit noordelijke streken, ver van hun geboorteland, speelgoed voor hun kinderen.

Zelf speelden ze schaak op de Hebriden, de groep eilanden ten noordoosten van Schotland. De stukken sneden ze uit de ivoren tanden van de walrus. Op het eiland Lewis zijn nauwelijks geschonden koningen, koninginnen, raadsheren, paarden, torens en pionnen gevonden. De koningin is niet van humor gespeend. Ze ondersteunt haar hoofd met een hand en kijkt alsof ze van geen enkele zet iets goeds verwacht.

In sommige pionnen zijn geometrische figuren gesneden. Andere zijn onbetekend. Het motief kan niet weggesleten zijn, daarvoor werd het te diep in het ivoor gekerfd. De ontwerper is vermoedelijk niet meer aan het vervolmaken van de blanke pion toegekomen. Of hij maakte er voor een bepaald spel altijd een paar meer dan zestien, als reserves, voor het geval dat een figuur op een pion mislukte.

Het licht is zo zwak in het Grand Palais, dat de directie zich er op een afzonderlijk bord voor verontschuldigt. Ook de temperatuur en de vochtigheidsgraad zijn een bron van grote zorg. Men lijkt te vrezen dat bij de geringste afwijking van de gunstigste omstandigheden de hier getoonde schatten tot stof zouden kunnen verpulveren, al zien ze er af en toe nog zo kloek uit.

Tachtig pionnen van ivoor, een koning en een dobbelsteen, beide uit been gesneden, lijken maar weinig schade te kunnen oplopen. Ze werden op IJsland gebruikt voor het middeleeuwse spel hneftafl en zouden nu onmiddellijk weer dienst kunnen doen. De bezorgdheid van de conservatoren om het voortbestaan van het getoonde wordt begrijpelijk bij een kinderschoen.

Hij komt weer uit de buurt van St. Petersburg. Misschien heeft een kind hem tijdens het spelen met de degen wel gedragen. Het bovenstuk en de zool zijn met veters aan elkaar vastgemaakt. Het leer is zo gebarsten dat de oorspronkelijke huid onzichtbaar is geworden. Dit is een schoen van donkere beschuit.

De kinderschoen, het speelgoed, de schaakstukken en de hulpmiddelen voor hneftafl stammen uit het tijdperk 800-1200 en ze werden door de Vikingen gemaakt. Met meer dan zeshonderd andere, over drie verdiepingen opgestelde dingen probeert men in Parijs een beeld te geven van hun leven en veroveringszucht. Met hun snelle en smalle schepen bereikten ze niet alleen de genoemde eilanden en Rusland; de naam Rus is zelfs door de Vikingen ontstaan, zo worden zij door het Slavische deel van de bevolking genoemd. Over zee en de grote rivieren vielen ze ook de grote Westeuropese steden als Utrecht, Antwerpen, Rouaan en Parijs aan. Ze kwamen ten slotte zelfs tot Konstantinopel, Bagdad, Groenland en Amerika.

Dat alles is een bekend verhaal: de plunderingen die in het drijven van handel overgingen, het stichten van nederzettingen in Normandië en Oost-Engeland en het uitblijven van hun grote vloten toen het westen te sterk was geworden. Het leven van de Vikingen is zelfs in strips gepopulariseerd.

De samenstellers van de expositie hebben duidelijk met hun onderwerp geworsteld. Hoeveel van de geschiedenis mocht bij de Parijzenaars bekend worden verondersteld? Het moest in elk geval wel tot de verbeelding van de bezoekers spreken dat de Vikingen in 843 en 885 over de Seine Parijs belegerden. De tweede keer brandde de stad. Daarom is er nu een drakkar, een Vikingschip met dat grote rechthoekige zeil, nagebouwd waarop een tocht over de rivier kan worden gemaakt.

Bruine beer

Hoe moest het in het museum zelf? Iemand kwam op de gedachte een ereplaats aan een opgezette bruine beer te geven. Waarom? Er wordt geen uitsluitsel over gegeven. Het dier zal wel zinspelen op het ruwe karakter van de Noormannen, plunderaars, brandstichters, verkrachters. Verderop staat een meer dan levensgrote etalagepop, die is gekleed in een recent kostuum van grove wol, zo moet de vrouw van een Viking er hebben uitgezien. In de geschenkenwinkel zijn natuurlijk kraagloze hemdjes en paraplu's met een afbeelding van een Vikingschip te koop. Er zijn zelfs bouwdozen en puzzels die van de bezoeker een scheepsbouwer kunnen maken.

De top wordt bereikt in de aankomsthal. Op een reusachtige gebogen wand worden dia's van een niet met name genoemd landschap geprojecteerd: een rotskust met kreken, boven de zee hangen dreigende wolken. Plotseling verschijnt uit het niets de voorsteven van een drakkar om na vijf, zes seconden weer te verdwijnen, als een onderzeeboot die altijd nog ergens kan opduiken, het gekrulde uiteinde van de hooggeheven boeg als periscoop.

Bij de vitrines is het stil. In het bijna gestorven licht bewegen de bezoekers zich zorgvuldig, alsof elke onverhoedse beweging kan worden bestraft. Daar staat een drakkar (draak). Hij heeft de vorm van een kandelaar met drie metalen punten voor een kaars en is zeventig bij vijftig centimeter groot. Om de hoge voor- en achtersteven is een rood geschilderde weerhaan geschoven met in het midden een wit halfmaantje. Het schip heeft wellicht in een kerk gestaan; de Vikings namen de christelijke godsdienst over. Maar het kan ook een huis hebben gesierd; het komt voor op een testament uit 1360.

Misschien is het hier maar het best om in deze kandelaar scheep te gaan. Langzaam, heel langzaam moeten de dingen worden gelezen en nu is het of zij het verhaal overnemen. Ze zijn meestal beschadigd, verroest, kapot of gebroken, hersteld of gelijmd. Meer dan tien eeuwen zijn voorbijgegaan en toch komt de bezoeker met hen het dichtst bij wat eens is gebeurd.

Ze zorgen voor de close ups van de reis naar het vreemde land, van het verblijf op onbekende grond, van de terugkeer en de aankomst in het moederland. Met hen hoeft het verhaal niet alleen meer in jaartallen te worden gevangen, valt het in korte fragmenten en vragen uiteen.

Die bronzen boeddha, nog geen negen centimeter hoog, is door Zweedse Vikingen mee naar het noorden gebracht. Het voorhoofd is met goud ingelegd. Misschien was het 't eerste voorbeeld van dit afgodsbeeld dat ze ooit zagen. Zouden ze iets van de voorstelling hebben begrepen? En hoe is het beeldje voor de terugreis aan boord gegaan? Werd het samen verpakt met de gekochte stoffen en andere handelswaren? Het is ook mogelijk dat het op het schip, tijdens de lange tocht over de Russische rivieren, een afzonderlijke plaats kreeg.

Een eikehouten kistje in de vorm van een huis werd door Deense Vikingen uit Limoges meegenomen. Het dak kan aan een kant worden opengeklapt. Op de andere zijden zijn de drie wijzen uit het Oosten afgebeeld. In de twaalfde eeuw hadden sommige schepen al een lengte van zestien meter en een capaciteit van zestig ton aan vracht. Stond het kistje tussen de andere goederen in of werd het met andere kunstvoorwerpen in een aparte afdeling van het ruim gezet?

Deining

Het mooiste beeld van de binnenkomst van een drakkar staat op een scherf die van een witte kalkmuur is gebroken. Een deel van het rechthoekige zeil is onzichtbaar, maar verder zie je alles: de schilden langszij, het roer en vooral de deining van het oorlogsschip. De tekenaar moet het met zwart krijt heel snel op die muur in de streek Seine-et-Marne hebben vastgelegd, een vlugge schets, te vergelijken met het kiekje, de boot komt werkelijk aan, is een en al beweging.

Naast elk voorwerp ligt een wereldkaart. Daarop is de plaats van herkomst met een rode stip aangegeven. Die nauwkeurigheid maakt de omzwervingen van de Vikingen aan het geringste zichtbaar. Resten van het alledaagse leven zijn over de wereld verstrooid.

Op de Faeröer-eilanden werd een rekenstokje gevonden. In het uiteinde is een gat geslagen zodat het aan de muur kan worden gehangen. In het hout zitten inkepingen, op een gelijke afstand van elkaar. Het is niet zeker hoe het werd gebruikt, maar het heeft in elk geval een rol gespeeld bij de dagelijkse boekhouding.

Een opvouwbaar weegschaaltje komt uit Smolensk, Rusland. Het ziet er heel rank uit. De twee schalen, elk met een middellijn van zeven centimeter, zijn met touwtjes aan de hefboom vastgemaakt. In het brons van iedere schaal is een roos gegraveerd.

En dan de kammen in St. Petersburg, Reykjavik, York, Dublin, Parijs. Houten kammen, ijzeren kammen, onopgesmukt of juist van doorwerkte voorstellingen voorzien, alleen de kam geeft de route van de Vikingen al aan, alsof die met opzet is achtergelaten, zodat het nageslacht het spoor terug zal kunnen vinden.

Boven mijn hoofd hangt een drakkar hoog in de lucht. Ik kijk tegen de kiel aan. Het is een replica die ik straks vanaf het balkon op de tweede verdieping beter zal kunnen bekijken. Zo'n schip zal straks ook in de Seine komen te liggen, al is het een paar dagen voor de opening van de tentoonstelling de rivier nog niet opgevaren.

Mijn aandacht wordt getrokken door een ander schip. Het staat op een paar foto's uit 1904. Op de eerste foto is de drakkar een wrak dat uit meer dan tweeduizend stukken bestaat. Het lijkt onmogelijk dat het ooit nog hersteld zal kunnen worden.

Op de tweede foto bevindt het schip zich een beetje op de achtergrond. Het is niet meer alleen. Voor de boeg staan tien mannen. Volgens het bijschrift zijn het archeologen en arbeiders aan het werk bij een grafheuvel in Oseberg, Noorwegen. Ze kijken ernstig en ook wel een beetje trots naar de fotograaf.

Daar is dan ook alle reden toe. Toen ze de heuvel afgroeven ontdekten ze niet alleen een zeldzame drakkar. Een grafkamer maakte deel uit van de boot en daarin lagen de geraamtes van twee vrouwen. Een van hen was omgeven door een grote rijkdom aan persoonlijk bezit. De andere moest haar bediende zijn. Het kwam vaker voor dat een meisje haar werkgeefster tot in het graf volgde.

Aan de aard van de grafkamer kon worden vastgesteld dat het hier om een koningin ging, al weet men niet welke. Ze kan niet met een historische figuur worden vereenzelvigd. Ze leefde dan ook lang geleden, waarschijnlijk in de eerste helft van de negende eeuw.

De boot is inmiddels herbouwd en kan in het museum voor Vikingschepen bij Oslo worden bekeken; in Parijs zijn andere reconstructies van drakkars te zien.

Het schip uit Oseberg is ruim eenentwintig meter lang. Het heeft een mast, roeispanen en andere scheepsbenodigdheden die bewaard zijn gebleven. Maar het mooist is de scheepsgrafkamer, die in Scandinavië zijn weerga niet kent.

Het schip mag dan niet in Parijs zijn, de inhoud van de grafkamer is dat wel. Er is niet geprobeerd om het vertrek na te bouwen. De verschillende voorwerpen zijn over de vitrines verspreid. Toch vormen zij het hoogtepunt van de tentoonstelling.

Schoen

In het Grand Palais lijkt het of de Vikingen met een tombola aan voorwerpen hun sporen hebben uitgezet. Hier een kam, daar een munt, een weegschaal, een schoen, ze hebben de wereld met de kleinste voorwerpen bestrooid. Alles bestaat verspreid, de dingen zijn door zeeën, rivieren en continenten van elkaar gescheiden.

De inhoud van de grafkamer vormt een eenheid. Men is erachter gekomen dat de grafheuvel al in de negende eeuw door de familie van de koningin is geschonden, maar wat overbleef is met zorg gekozen, bijeengebracht. Dit moest mee de dood in en niets anders. Wat nu zo braaf in de vitrines ligt diende eens het hoogste doel.

Een schoen, gemaakt uit één stuk leer, om de enkel moet een riem van anderhalve meter worden gewikkeld, is nog steeds in goede staat, zou wellicht nog kunnen worden gedragen.

Een kam waaraan maar een paar tanden ontbreken. De over de wereld verspreide kammen van de Vikingen zijn volkomen aangevreten. Deze kam is aan de uiteinden zelfs gebeeldhouwd met de koppen van onbestemde dieren.

Een standaard voor een kaars. De slanke ijzeren steel loopt uit in een schaaltje.

Een houten emmer met een ijzeren hengsel. Geen bijzondere kenmerken.

Een kistje van zeven planken met een plat deksel. Hierin moeten appels en graankorrels hebben gezeten, de mondvoorraad voor de koningin en haar bediende.

Het bruine bed is jammer genoeg een kopie. Het origineel was te fragiel om van Oslo naar Parijs te kunnen worden vervoerd. Tegen het hoofdeinde zitten twee schotten die uitlopen in vervaarlijke, gebogen drakekoppen. Een vergelijking met een vikingschip ligt voor de hand.

Een stoel voor de koningin. Recht en simpel. Verscheidene panelen zijn met voorstellingen van dieren beschilderd.

Een weefgetouw voor de bediende. Ook in de grafkamer moest het nog mogelijk zijn de garderobe van de koningin aan te vullen.

Drie gebeeldhouwde, gekromde standaards, elk met de kop van een woest dier, de muil is open. Het is onbekend waarvoor die moesten dienen. Ze kunnen aan geen enkel voorwerp worden vastgemaakt. Ze zijn er, zonder meer.

Dat zijn de belangrijkste schatten uit de grafkamer. Het zijn stevige, solide meubels en voorwerpen. Nu zien ze er nog duurzaam uit.

Zou de koningin op de hoogte zijn geweest van de rooftochten? Ze werden door haar onderdanen ondernomen. De grafvoorwerpen zijn veel minder beschadigd dan de andere Viking-objecten. Ze zien er zelfs enigszins machtig uit.

Wie in het Grand Palais loopt ontkomt er niet aan een rangorde te geven aan wat hier wordt getoond. Door zoveel dingen omgeven is hij niet ver meer van het animisme af. Misschien dat de rijke meubels en voorwerpen uit de grafkamer van de koningin de opdrachten hebben gegeven. En daarna zijn ze uitgezwermd, de kinderschoen, de weegschaal, het speelgoedpaard en alle andere lager geplaatsten om bij St. Petersburg, op Lewis, in Konstantinopel tot rust te komen.