Bladeren van beeld naar beeld

Hype nummer 4, april 1992. Prijs vijf gulden. Inl 020- 6277421.

Amsterdams enige underground glossy: zo omschrijft grafisch ontwerper Henk Fischer zijn blad Hype, een tweemaandelijks tijdschrift waarin aankomende ontwerpers zichzelf presenteren. Het vierde nummer, het eerste van 1992, is deze week uitgekomen. Met de opvallende, tekstloze omslag - tot nu toe steeds een foto in zwart-wit die doorloopt over zowel de voor- als de achterkant, en de letters HYPE in nauwelijks zichtbaar reliëf - valt het blad op een spannende manier uit de toon.

In juni vorig jaar richtte Fischer (32) Hype op met een even eenvoudige als slimme formule: de advertenties van bedrijven financieren de pagina's van de ontwerpers. Bedrijven betalen ongeveer 1250 gulden per pagina, ontwerpers tussen de 350 en de 450 of krijgen een pagina in ruil voor het aanbrengen van een aantal abonnees.

Bij de formule hoort een verhouding van "tachtig procent plaat, twintig procent praat'. De praat is vaak niet meer dan een aantal credits met telefoonnummers om contact te kunnen opnemen met de desbetreffende ontwerpers. Omdat zij allemaal hun eigen pagina's maken is iedere bladzij anders. “Het bladeren door Hype is een soort zappen van beeld naar beeld,” zegt Fischer.

Met een elastiekje in het midden gebonden zit ook Baby Hype, een stripboekje met collages van buitenissige en gewelddadige Japanse strips, gemaakt door de Amsterdamse graffiti-tekenaar TBH. Met ingang van het vorige nummer is het blad in drieën gedeeld: eerst de ontwerpers, vervolgens de fotografen (met als thema "SXS') en tenslotte korte berichten en agenda. Opvallend is dat de mode en de grafische vormgeving goed vertegenwoordigd zijn, maar dat industriële vormgevers Hype niet of nauwelijks benaderen.

Eigenlijk is Fischer al acht jaar bezig met dergelijke bladen. “Toen ik in Friesland op de kunstacademie zat heb ik met interieur-architect Huub Tigchelaar een vormgeverscollectief opgericht. We organiseerden exposities en gaven het blad Vormgever uit. In 1987 ben ik naar Amsterdam verhuisd, waar ik samen met J.P. van der Zee Megazin oprichtte.” Megazin bleef ook in meer gevestigde kringen niet onopgemerkt: op verzoek van Cees Dam en Chriet Titulaer verscheen er bij het tweede nummer een bijlage over het Huis van de Toekomst, bij het derde nummer een over Esprit.

Eind 1990 hield Van der Zee het voor gezien en kwam ook voor Fischer het bladenmaken een aantal maanden stil te liggen. Totdat vorig jaar zomer het verzoek kwam van de mode-afdeling van de Utrechtse Hogeschool voor de kunst om hun afstudeercatalogus te maken. “Ik ging met een drukker onderhandelen, Brouwer in Utrecht, en daar is dit blad uitgekomen.”

Hype wordt gedrukt - mooi gedrukt - in een oplage van vijfduizend exemplaren, die slechts vijf gulden kosten. Sinds januari is het mogelijk een abonnement te nemen, maar verder ligt het alleen in de gespecialiseerde boekhandels van Amsterdam. En natuurlijk bij de bedrijven en ontwerpers die erin staan, want die krijgen allemaal nummers om uit te delen. “Zo heeft Hype zich als een olievlek door Amsterdam verspreid,” zegt Fischer. Hij doet alles zelf: contacten met ontwerpers en bedrijven, de layout, begeleiding van het lithograferen en het drukken, tot en met de distributie en de boekhouding. Zijn tag in het colofon is dan ook X 11: ik zelf. “Ik bemiddel niet,” zegt hij nadrukkelijk, “ik stel aankomende ontwerpers in staat zichzelf te presenteren. Zij maken zelf hun pagina. Het enige wat ik vraag is dat ze het materiaal op ware grootte aanleveren om de produktiekosten laag te houden.” Het blad draait quitte, alle inkomsten worden weer in de produktie gestopt. Fischer hoopt er in de loop van dit jaar van te kunnen leven, maar voorlopig werkt hij 's avonds in een koffieshop en heeft hij af en toe zelfstandige opdrachten. Zo heeft hij een platenhoes voor de groep Urban Dance Squad ontworpen en in juni organiseert hij de eindexamenshow van de Rietveld Academie.

Tot slot kondigt Fischer Hype-tv aan, opnames die tegelijk met het blad ontstaan: mode- en fotoreportages, interviews, de feesten in Mazzo waar de nieuwe nummers worden gepresenteerd. Hype-tv moet als een kruising van CNN en MTV op de lokale omroep worden uitgezonden. De stripfiguren uit Baby Hype moeten ook in animatie verschijnen. “Hype is niet zozeer een tijdschrift als wel een tijdsbeeld. En ik ben geen uitgever, maar een troubleshooter.”