Achter het schap

De familiefles Coca-Cola is zojuist uit de doos met boodschappen gehaald en in de koelkast gezet. Een kwartier geleden stond hij nog in het schap bij de supermarkt van Albert Heijn in Breda. Hoe hij daar was gekomen, is voor de meeste mensen geen vraag. Dat spreekt gewoon vanzelf. We kijken er pas van op als hij er niet staat. Stel je voor, je wilt een fles Cola pakken en het schap is leeg. Lege schappen kennen we van de TV. In Oost-Europa, want daar is het een rommeltje: lege winkels met lange rijen mensen die uren en uren wachten. We lezen en horen berichten dat de spullen er wel zijn, maar dat ze de winkels niet bereiken. Een distributieprobleem; een probleem van logistiek, laten we het de beheersing van goederenstromen noemen. Hoe vloeiender een goederenstroom zich voortbeweegt en hoe minder stuwmeren erin zitten, hoe beter het is.

Bij ons in Nederland komt het bijna nooit voor dat het schap leeg is. "Nee verkopen' is een van de slechtste dingen die een winkelier kan overkomen. Maar wat moet er niet een kunst- en vliegwerk worden verzet om al die produkten op tijd op de goede plek te krijgen.

Die familiefles Cola bij voorbeeld, die hoort bij de kruidenierswaren met een hoge omzetsnelheid. Cola heeft een "leadtime' van 24 uur. Dat is het tijdsverloop tussen het plaatsen van de bestelling door de winkel bij het Regionaal Distributie Centrum (RDC) en het moment van aflevering. Het RDC Tilburg levert in Breda op dinsdag-, donderdag- en zaterdagavond. Dus de afdelingsmanager kruidenierswaren kijkt maandag om een uur of zes 's avonds in het schap en in het magazijn wat er aan familieflessen Cola staat. Op grond van zijn ervaring voorspelt hij hoeveel hij verkoopt tot en met donderdagavond - het volgende moment van levering. Het verschil tussen "nodig' en "aanwezig' bestelt hij.

En waarom dan niet een paar kratjes extra voor de veiligheid? Omdat hij dan al heel snel zou vastlopen in zijn magazijn. Daar is de ruimte beperkt. Een magazijn is nodig, dat wel, maar het moet toch liefst zo klein mogelijk zijn. Het gaat om zoveel mogelijk vierkante meters winkeloppervlak. In de winkel wordt immers de omzet gemaakt. Beperkte ruimte in het schap en beperkte ruimte in het magazijn. Het is woekeren met vierkante meters, vooral omdat de veeleisende consument een steeds gevarieerder assortiment vraagt.

De familiefles Cola is maar één van de 1650 kruidenierswaren met een hoge omzetsnelheid. Dus de afdelingsmanager kruidenierswaren verveelt zich geen moment. Hij heeft daarnaast ook nog 6000 minder snel lopende kruidenierswaren, zoals pannesponsjes en lucifers, in de gaten te houden. Die worden besteld bij het Landelijk Distributie Centrum (LDC) in Geldermalsen. En behalve 'snelle' en 'minder snelle' kruidenierswaren verkoopt AH zoals we weten ook verse artikelen zoals groenten, fruit, vlees, kaas, bloemen en planten. Die worden vanuit elf verschillende distributiecentra aangeleverd. Centra die op hun beurt dagelijks door de leveranciers worden bevoorraad. Het is er een komen en gaan van vrachtwagens.

Ook in de distributiecentra wil men de voorraden zo klein mogelijk houden. Het kan heel goed zo zijn dat die fles Cola die dinsdag bij de winkel is afgeleverd op de maandagochtend daarvoor door de Cola-leverancier bij het DC is aangeleverd. Wie dacht dat er alleen in Japan "just-in-time' geleverd werd, kan bij onze supergrutter troost vinden. In het RDC snorren de elektrische vorkheftrucks behendig door het magazijn om de bestellingen op "pallets' - die houten vlondertjes waar een vorkheftruck makkelijk mee overweg kan - te laden. Het opladen van een pallet is een vak op zich. Niet te zwaar, niet te hoog en de Cola onder de chips en niet er bovenop.

De vijftien distributiecentra leveren wekelijks circa 4,5 miljoen pakketten af bij de 576 winkels. Voor het vervoer worden elke week 400 vrachtwagens ingezet, die 3000 ritten maken. En bedenk daarbij dat veel van de verse waar ook nog op uiteenlopende temperaturen gekoeld moet worden getransporteerd. Behalve vanuit de DC's worden winkels ook nog direct bediend door externe leveranciers. Dat betreft dan diepvries, melk, brood en tijdschriften. Artikelen dus die uiterst bederfelijk zijn.

Het gevolg van een en ander is dat er gemiddeld 48 keer per week een wagen bij een winkel stopt, waarbij per keer gemiddeld drie "pallets' worden gedropt. Dat gaat veranderen. AH wil minder vaak komen voorrijden en per keer meer aanleveren. Het wordt namelijk steeds lastiger met die grote vrachtwagens de toch altijd in drukke buurten gelegen winkels te bereiken; het verkeer zit nogal eens vast; er zijn tijden dat er niet gelost mag worden; buren mogen niet teveel overlast hebben.

Nu nog worden kruidenierswaren, groenten, vlees, enzovoort apart aangeleverd. Maar men is intussen begonnen die goederenstromen te bundelen en de winkels gecombineerd hun spullen aan te leveren. Daarvoor zijn dan weer Distributiecentra nodig die al die spullen ook in huis hebben. Ze heten Composite DC's. In Zaandam verrijst er momenteel een. "Een logistiek paleis' volgens de architect. Het oorspronkelijk RDC Zaandam wordt daar gecombineerd met de Centrale Slagerij Zaandam en de groentecentrale uit Beverwijk.

Tot dusver hebben we het alleen nog maar gehad over de goederenstromen die van de leverancier, meestal via een DC naar de winkel

lopen. Maar er lopen ook stromen in omgekeerde richting. De retouren - niet meer verse spullen, beschadigde goederen - en niet te vergeten de verpakkingen: kratten met lege flessen, dozen en pallets.

Het is goed om eens "achter' een fles Cola te kijken. En als je ziet wat daar gebeurt, verbaast het niet dat de Europese Commissie aan AH heeft gevraagd zijn logistieke vaardigheden aan Oost-Europa door te geven.

Zo voorziet British Telecom (BT) in 1995 een markt van vijf tot zes miljard gulden. “De videofoon zal veel mensen eerst schrik aanjagen”, zegt woordvoerder Jim Baron van BT. “Maar over een paar jaar zal hij net zo gewoon zijn als de draadloze telefoon.”