Vertrek wethouder Baak geen verrassing

AMSTERDAM, 8 APRIL. M. Baak, de hoofdstedelijke wethouder van cultuur, onderwijs en bestuurlijke betrekkingen die gisteren haar zetel ter beschikking stelde, liet er in een brief bij haar vertrek geen onduidelijkheid over bestaan. De aanhoudende kritiek in de raad en het gebrek aan steun van collega-wethouders lieten de afgelopen maanden weinig heel van haar politieke en persoonlijke zelfrespect. “Het is onduidelijk op welke steun ik op welk moment kan rekenen”, aldus Baak.

Het vertrek van Baak komt niet als een verrassing. De "motie van treurnis' die de wethouder vorige week woensdag kreeg te verduren in het raadsdebat over de restauratie van het schilderij "Who's Afraid of Red, Yellow and Blue (III)' kwam hard aan. Hoewel geen motie van wantrouwen, betrof het een duidelijke veroordeling van het beleid van Baak door coalitie-partners PvdA, VVD en Groen Links.

En dan was er vorige week nog de behandeling van het twee weken geleden gehouden verkeersreferendum, waarvoor Baak als wethouder bestuurlijke betrekkingen direct verantwoordelijk was. Het referendum werd door Baak ondanks de lage opkomst bij herhaling gekenmerkt als een bescheiden succes. Dat haar collega-wethouders hier anders over dachten, bleek in de college-vergadering van afgelopen vrijdag. Het college verwierp twee maal een voorstel van Baak voor een verdere uitwerking van de referendum-uitslag. Er werd te weinig rekening gehouden met de lage opkomstpercentages, was de mening van de wethouders. Zondag schreef Baak haar ontslagbrief.

D66 zit lelijk met het aftreden van zijn wethouder in de maag, zo bleek op een gisteren gehouden persconferentie. Balancerend tussen de politieke overleving in de huidige coalitie en dekking van de afgebrande D66-wethouder presenteerden de democraten de val van Baak vooral als een persoonlijk drama.

De "urenlange smeekbeden' van de fractie om toch vooral te blijven konden niet verhullen dat de democraten hun wethouder het er de afgelopen weken niet gemakkelijker op hebben gemaakt. Zo schitterde collega-wethouder en D66-lijsttrekker Ten Have vorige week door afwezigheid tijdens de pijnlijke debatten over de schilderij-kwestie en het referendum. De wethouder was op een tripje naar Zürich om zich daar te verdiepen in de lokale verkeersproblematiek. Eerder had wethouder Baak van haar eigen fractie de wind van voren gekregen over de mislukte restauratie. En vervolgens werd de gewraakte "motie van treurnis' zonder noemenswaardig verzet van de democraten in de raad aangenomen.

“Het was een zeer persoonlijke aanval op het karakter van mevrouw Baak”, veroordeelde fractievoorzitter B. Robbers de raadsbehandeling van het restauratiedrama. Dat gold met name de uitlatingen van raadslid A. Grewel (PvdA), die het gedrag van Baak jegens de raad had vergeleken met dat van een ongeëmancipeerde huisvrouw die het gezin uiteindelijk een portie kwalijk bedorven kliekjes had voorgeschoteld.

“Persoonlijk buitengewoon grievend”, zo beoordeelde Baak in haar afscheidsbrief deze vergelijking. Het raadslid wist immers als geen ander dat de vrouwenemancipatie haar altijd na aan het hart had gelegen. Grewel toonde zich gisteren weinig onder de indruk van de verwijten. “Dat ze die kliekjes nou als reden voor haar vertrek opgeeft; ik vind het best”, aldus het PvdA-raadslid, “Maar het is bijzonder a-politiek.”

Baak had, anders dan D66-collega Ten Have, nu eenmaal geen dikke huid, zo verklaarde D66-fractieleider Robbers gisteren. Laatstgenoemde verliet reeds na een half uurtje schielijk de persbijeenkomst. De wethouder moest nodig naar de tandarts vanwege een losgelaten kroon. “Een ongeluk komt nooit alleen”, aldus Ten Have, die ten bewijze van zijn alibi de gouden gebitsprothese uit een luciferdoosje toverde. Politieke gevolgen heeft het vertrek niet, zo maakte Ten Have duidelijk.

Binnen de coalitiepartijen PvdA, VVD en Groen Links wordt niet bijzonder getreurd over het voortijdige vertrek van Baak. Het opereren van de wethouder werd vooral gekenmerkt door gebrek aan initiatief en ideeën, zo is de breed gedeelde mening bij de coalitiepartners. Met politiek delicate kwesties op de agenda als het referendum en het kunstenplan, was het optreden van de wethouder bovendien een risicofactor in de van tijd tot tijd gespannen verhoudingen in de Amsterdamse coalitie.

Bijkomend voordeel voor de coalitiegenoten is dat het een D66-wethouder betreft. Meedobberend op de nationale electorale golven staan de democraten op een forse winst. Vorige week ruimden in de Amsterdamse deelraad De Pijp twee D66-wethouders het veld, nadat hen wegens onvoldoende functioneren de wacht was aangezet. Deze week was het de beurt van wethouder Baak. Een politiek gezichtsverlies dat zeker de Amsterdamse afdeling van de PvdA niet ongelegen komt.