Newman-affaire wordt Baak fataal; Wethouder weg na kritiek restauratie

AMSTERDAM, 7 APRIL. De Amsterdamse wethouder van cultuur M. Baak heeft met ingang van vandaag haar functie neergelegd. Dat is het gevolg van de kritiek op haar beleid in de affaire rondom de restauratie van Barnett Newmans schilderij Who's Afraid of Red, Yellow and Blue III. Zij zal ook niet als raadslid aanblijven. Dat heeft de fractie van D66 in de Amsterdame gemeenteraad vandaag meegedeeld.

Vorige week woensdag nam de raad met een ruime meerderheid een "motie van treurnis' tegen Baak aan, waarin haar werd verweten dat zij op cruciale momenten in de affaire te weinig initiatief had getoond. Alleen de D66stemde tegen. Baak voelt zich persoonlijk in de steek gelaten door haar collega-wethouders F. de Grave (VVD) en J. Saris (Groen Links), die beiden voor de door PvdA en Groen Links ingediende motie stemden. Zij schrijft dat in een brief aan De Grave.

Baak schrijft ook de vergelijking van PvdA-fractievoorzitter A. Grewel, die haar “een ongeëmancipeerde huisvrouw” noemde, “persoonlijk buitengewoon grievend en verdrietig makend” te vinden. Baak was als wethouder van bestuurlijke betrekkingen ook verantwoordelijk voor het als mislukt beschouwde referendum over een autovrije binnenstad.

De fractie van D66 betreurt het vertrek van Baak. “Van de raad hoefde zij niet weg, van de fractie mocht zij niet weg, maar zelf wilde zij weg”, aldus D66.

Volgens Baak kwam de steun van Saris en De Grave aan de motie voor haar als een verrassing. De twee wethouders hadden, aldus de brief, van te voren laten weten geen aanleiding te zien tot het indienen van een motie en hadden haar daar ook niet voor gewaarschuwd, noch in een collegevergadering op 31 maart, noch tijdens een schorsing van het raadsdebat van vorige week woensdag.

Grewel neemt zij het kwalijk dat zij het onderwerp vrouwenemancipatie tegen haar gebruikte. Volgens Baak hadden zij in het verleden op dat punt samengewerkt en hadden vaak dezelfde opvattingen getoond. “Zij weet dat de meeste vrouwen van mijn generatie ook in hun privéleven intensief met dit onderwerp bezig zijn geweest en dat dat ook voor mij geldt”, aldus Baak.