In Moldavië lijkt een compromis ophanden

MOSKOU, 7 APRIL. Moldavië en zijn buurlanden Rusland, Roemenië en de Oekraïne lijken op weg naar een politieke oplossing voor de burgeroorlog die nu al ruim een maand in de kleine voormalige Sovjet-republiek woedt. President Mircea Snegur van Moldavië heeft gisteren ingestemd met bemoeienis van de Veiligheidsraad met het conflict.

De separatisten van de Dnjestr-republiek maken op hun beurt aanstalten enigszins in te binden. President Igor Smirnov van de Dnjestr-republiek is bereid de volledige onafhankelijkheid op te geven in ruil voor garanties voor de Russisch sprekende bevolking en het recht op economische zelfbeschikking.

Dit kleine doorbraakje is het resultaat van besprekingen die de ministers van buitenlandse zaken van Rusland, Roemenië en de Oekraïne gisteren in de Moldavische hoofdstad Chisinau hebben gevoerd met hun Moldavische collega Nicolae Tiu alsmede met vertegenwoordigers van de Dnjestr-republiek en het Veertiende Leger van het GOS dat in Moldavië is gestationeerd en nu al een week met ingrijpen dreigt. De komst van representanten uit Tiraspol, de hoofdstad van de Dnjestr-republiek, was een concessie van Snegur. Tot nu toe had de Moldavische president steeds categorisch geweigerd de "separatisten' tot de onderhandelingstafel toe te laten uit angst dat hij zo de republiek op de linkeroever de facto zou erkennen.

Snegur zou er gisteren tijdens de onderhandelingen mee hebben ingestemd dat het Veertiende Leger als een “vredesmacht” gaat opereren, zij het niet onder Russisch vaandel maar onder internationale vlag. Eenheden van het leger, dat onder bevel staat van opperbevelhebber Jevgeni Sjasposjnikov en president Boris Jeltsin van Rusland, hebben gisteren op voorhand al posities ingenomen in Bender, de grensplaats bij de Dnjestr waarom de afgelopen week door Moldavische politietroepen en republikeinse gardisten van de overkant hevig is gevochten.

Het embryonale akkoord staat nu overigens al onder zware druk. De Oekraïne ziet weinig heil in een actieve rol voor het Veertiende Leger, omdat deze krijgsmacht volgens Kiev te “gedemoraliseerd” is om voldoende zelfbeheersing te kunnen opbrengen. Binnen het Russische parlement daarentegen wordt aangedrongen op een veel directere interventie. Vice-president Aleksandr Roetskoj van Rusland, die zondag in Tiraspol was, verklaarde gisteren dat de Dnjestr-republiek nadrukkelijk bij de onderhandelingen moet worden betrokken en dat Moskou bovendien de plicht heeft om de landgenoten overal in de voormalige Sovjet-Unie te “verdedigen”. Het Volkscongres heeft zich nog niet over Roetskojs oproep uitgelaten. Maar Jeltsins adviseur Sergej Stankevitsj, voormalig loco-burgemeester van Moskou, sprak gisteren in de wandelgangen van het congresgebouw vergelijkbare woorden. Volgens Stankevitsj dient Moldavië met heldere garanties over de brug te komen voor de Russisch sprekende bevolking en de in meerderheid Slavische Dnjestr-republiek.