Rusland lijkt partij te kiezen in strijd Moldavië

MOSKOU, 6 APRIL. Vice-president Aleksandr Roetsjkoi van Rusland heeft zich achter de afgescheiden Dnjestr-republiek geschaard. Volgens generaal Roetsjkoi, die zich na maanden van felle kritiek recentelijk weer achter zijn president Boris Jeltsin heeft geschaard, heeft de Dnjestr-republiek “bestaansrecht”. Het Russische Veertiende Leger, dat in deze door communisten en nationalisten geleide republiek is gelegerd, zou in zijn ogen via een militaire interventie een einde aan de burgeroorlog moeten kunnen maken.

Volgens Roetsjkoi en GOS-opperbevelhebber maarschalk Jevgeni Sjaposjnikov is president Jeltsin zelf daartoe inmiddels ook geneigd. Het Russische leger zou dan met een mandaat van de Verenigde Naties de strijdende partijen uit elkaar moeten houden. President Mircea Snegur van Moldavië heeft het idee dit weekeinde onmiddellijk van de hand gewezen.

De interventie van Roetsjkoi, die gisteren in de hoofdstad Tiraspol van de Dnjestr-republiek was, is een slag in het gezicht van de Moldavische regering, die gisteren dan ook onmiddellijk fel heeft geprotesteerd tegen het eenzijdige bezoek van de Russische vice-president. Roetsjkoi heeft de Moldavische president, Snegur, namelijk nadrukkelijk links laten liggen. Met zijn visite in Tiraspol heeft hij duidelijk gemaakt dat Moskou de burgeroorlog in Moldavië niet als een interne aangelegenheid wenst te zien en wellicht bereid is te preluderen op een officële afscheiding danwel autonome status van de Dnjestr-republiek. Naar eigen zeggen streeft deze republiek, onder leiding van de voormalige communistische fabrieksdirecteur Igor Smirnov, naar “economische zelfstandigheid in federatief verband”.

Roetsjkoi werd gisteren vergezeld door generaal Boris Pjankov, de onderminister van maarschalk Sjaposjnikov, en generaal en Afghanistan-veteraan Boris Gromov, tot de coup van vorig jaar onderminister van binnenlandse zaken onder putschist Boris Pugo. Ze werden in Tiraspol ontvangen door Smirnov én Joeri Netkatsjov, de commandant van het Veertiende Leger. Onder escorte van militairen bezocht Roetsjkoi de belegerde stad Bender op de rechteroever. In Bender woedt sinds midden vorige week een felle strijd tussen de politietroepen van Snegur en de gardisten van Smirnov. De eenheden van het Veertiende Leger in deze stad hebben dit weekeinde wederom een ultimatum gesteld aan de strijdende groepen. Als zij hun gevechten niet staken, zullen ze interveniëren om de stad te beschermen tegen een Moldavische overname. Het ultimatum is gisteren weliswaar zonder consequenties verstreken, maar heeft niettemin weer aangetoond dat de Russische militairen er langzaam naar toe neigen om partij te kiezen.

In een vraaggesprek met het dagblad Komsomolskaja Pravda verklaarde maarschalk Sjaposjnikov dit weekeinde dat het Veertiende Leger niet werkeloos kan toezien omdat het dan onvermijdelijk betrokken zal raken bij het conflict. Volgens Sjaposjnikov moet het leger onder Russische vlag tot interventie overgaan. “President Jeltsin is het in principe met ons eens, zij het onder de voorwaarde dat de presidenten van het GOS ermee instemmen”, aldus Sjaposjnikov. Volgens president Snegur heeft dit geen zin, omdat de “separatistische krachten op de linkeroever toch niet bereid zijn tot onderhandelingen”. Bovendien zou Moldavië zo het zelfstandige recht verliezen op eigen gezag de “rechtsorde in de republiek” te bewaren.