Ontroering ontbreekt bij virtuoos gespeelde Beethovensonates

Concert: Natalia Gutman (cello), en Eliso Wirsaladze (piano). In de Vara-Matinee. Programma: Beethoven, de Vijf sonates voor cello en piano. Gehoord 4/4, Grote Zaal Concertgebouw Amsterdam. Radio-uitzending: 6/4 vanaf 19.30 uur, Radio 4.

Met de uitvoering van de Vijf cellosonates van Beethoven leidde de Russische celliste Natalia Gutman met haar pianopartner Eliso Wirsaladze het publiek in één middag door de drie belangrijkste stadia van Beethovens spelontwikkeling. Niet voor niets begonnen zij hun recital met de sonate opus 5 nr. 2, die, meer dan de gracieuze en virtuoze opus 5 nr. 1, vooruitwijst naar de late Beethoven, waarmee het concert werd afgesloten.

Het is verbazingwekkend hoe Beethoven het genre van de gambasonate binnen een periode van twintig jaar herschiep. In plaats van het etaleren van de virtuositeit met een slechts summier als generaalbas genoteerde clavecimbelbegeleiding, gaf Beethoven cello en en piano een gelijkwaardige rol.

Hij schreef de pianopartij geheel uit en buitte alle door de gebroeders Duport geïntroduceerde nieuwe technische mogelijkheden van de cellotechniek uit. Tijdgenoot Daniël Schubaert schreef over het spel van Jean-Pierre Duport: “Hij stuurde de strijkstok door de storm en het regende tonen. Hij besteeg de duizelingwekkendste hoogten van de toets en verdween tenslotte in de teerste flageolettonen.” Samen met deze virtuoos gaf Beethoven de eerste uitvoering van beide sonates opus 5 aan het Pruisische hof in Berlijn, en vooral in de eerste sonate kon Duport zich geheel uitleven.

Dat Natalia Gutman zich in diezelfde sonate wat moeilijk verstaanbaar kon maken lag niet aan de graad van haar virtuositeit en ook niet aan het wat forse spel van haar pianopartner. De ware schuldige was de prachtige Steinway-vleugel die voor opus 5 nr 1 niet het meest geschikte instrument was. De sierlijke loopjes en omspelingen in de cellopartij liggen vrij laag en voor een evenwichtige klankverhouding had men beter een wat lichter klinkend instrument uit de tijd van Beethoven kunnen nemen. In de sonate opus 69 ligt de cellopartij hoger en zijn de muzikale statements in piano- en cellopartij van een zwaarder soortelijk gewicht, waardoor de problemen met de klankbalans ook minder urgent waren.

Ondanks het hoge niveau waarop tijdens deze Vara-Matinee door beide Russinnen werd gemusiceerd miste men een persoonlijke kwaliteit in hun spel. Het leek of vooral de celliste zich achter het notenbeeld verschuilde en slechts sporadisch was er een moment van ontroering, zoals in de overgangsfase naar het laatste deel van opus 102 nr 1, waarin de cello na de barse expressie van het allegro vivace plotseling een onwaarschijnlijk tedere uitspraak doet.

Hier kwam even een strikt persoonlijke kant van Gutman bloot, die zij in haar recital zo angstvallig verborgen hield. “Overtuigd en ontroerd worden kan men in het leven en in de kunst slechts door een directe persoonlijke bekentenis,” schreef de beroemde Duitse dirigent Bruno Walter. Uit pure bescheidenheid en eerbied voor de componist werd er op deze middag slechts rechtgedaan aan zjn noten, en juist hierdoor deed men zowel Beethoven als de luisteraar onrecht.