Kroaten en Serviërs trachten "schade' alvast te beperken; VN-macht in Kroatië loopt risico's; "Ik vertrouw ze niet, het zijn katholieken, net als de Kroaten'

LJUBLJANA, 6 APRIL. De Kroatische media hadden de afgelopen dagen veel aandacht voor veel zaken, maar de aankomst van de Nederlandse VN-eenheid in Zagreb, vrijdag, behoorde daar niet bij. Het is op zijn minst een aanduiding dat de Kroaten niet staan te trappelen van ongeduld om de blauwhelmen te verwelkomen.

De 250 Nederlandse blauwhelmen werden na hun aankomst bijna geluidloos afgevoerd naar het vliegveld van Zagreb, waar zij in de door het federale leger ontruimde barakken werden ondergebracht. En ook aan Servische zijde is men niet onverdeeld gelukkig met de komst van de blauwhelmen. “Ik vertrouw ze niet, het zijn katholieken, net als de Kroaten”, was het commentaar van een Servische reservist die zaterdag in het plaatsje Gracac bij de aankomst van een Franse VN-eenheid aanwezig was.

Zijn wantrouwen tegen de VN-"beschermingsmacht' UNPROFOR wordt door menigeen in de Servische gemeenschap in Kroatië gedeeld. Iedereen lijkt zo zijn eigen problemen te hebben met de komst van de blauwhelmen en iedereen neemt zijn eigen voorzorgsmaatregelen om “de schade zoveel mogelijk te beperken”.

De komst van de eerste bataljons wordt overschaduwd door de steeds ernstiger bestandsschendingen in Kroatië, waarbij dagelijks doden vallen, en de uitbarsting van etnisch geweld in Bosnië, waar de leiding van de UNPROFOR gestationeerd is. Ook de steeds luidere dreigementen van Servische en Kroatische leiders dat zij zich desnoods met geweld meester zullen maken van de UNPA-zones (de “door de VN beschermde” zones) kunnen een bedreiging vormen voor de veiligheid van de blauwhelmen. De Servische militieleiders die de drie UNPA-zones controleren hebben er geen geheim van gemaakt dat zij niet van plan zijn hun wapens in te leveren, zoals dat in het vredesakkoord van Sarajevo werd overeengekomen. En het ziet er naar uit dat zij daar in samenwerking met het federale leger, dat zich na de komst van de UNPROFOR uit Kroatië moet terugtrekken, ook in zullen slagen. Zowel militieleden als legerofficieren hebben namelijk hun uniformen ingeruild voor politie-uniformen en vormen nu kameraadschappelijk de "lokale politie-eenheden' die volgens het akkoord van Sarajevo de orde in de UNPA-zones mogen controleren.

De strijdmakkers voor wie geen plaats was bij de politie worden ondergebracht in kazernes net over de grens in Bosnië, vanwaar zij zonodig binnen een uur in Kroatië ingezet kunnen worden. Men is in het Servische kamp zo trots op de wijze waarop men de VN om de tuin probeert te leiden dat men er niet eens een geheim van maakt. “Wij zullen onder geen enkele voorwaarde accepteren dat de UNPA-zones opnieuw onder Kroatische controle komen. Wanneer dat dreigt te gebeuren zullen wij opnieuw gewapend ingrijpen”, zo hebben Servische militieleiders gedreigd.

Het moet voor de blauwhelmen frustrerend zijn dat ook de Kroaten voortdurend dreigen de UNPA-zones met geweld te bevrijden wanneer deze zones niet binnen afzienbare tijd onder bestuur van Zagreb komen. De Kroaten vrezen dat met de komst van de blauwhelmen de UNPA-zones voorgoed voor Kroatië verloren zijn.

Reden voor zowel de Kroatische als Servische onvrede met de UNPROFOR is de regeling betreffende het toekomstig bestuur van de UNPA-zones. Beide partijen weten dat de mate waarin zij invloed kunnen uitoefenen in de UNPA-zones beslissend zal zijn voor de toekomst van deze gebieden. In het akkoord van Sarajevo is slechts vastgelegd dat het bestuur zal worden uitgeoefend door lokale bestuurders. De verschillende etnische groepen moeten in het bestuur vertegenwoordigd zijn in verhouding met de etnische samenstelling van het gebied van vóór de oorlog, zegt het akkoord. In Zagreb wordt er terecht op gewezen dat zo'n vooroorlogse evenredige vertegenwoordiging bijzonder moeilijk te realiseren is, omdat honderdduizenden Kroaten uit de UNPA-zones zijn gevlucht toen deze door Servische eenheden werden bezet. Het is ook nog niet duidelijk welke valuta, de Kroatische of Joegoslavische dinar, gebruikt zal worden, aan wie belasting betaald moet worden, welke grondwet in deze zones zal gelden, wie het ambtenarenapparaat, het onderwijs en de gezondheidszorg zal betalen. Zagreb verwijt de VN-diplomaten dat zij zich te veel laten beïnvloeden door Servische politici die de regering en de presidentiële raad van de voormalige federatie controleren.

De Kroatische president, Franjo Tudjman, heeft zich de afgelopen weken meer dan geërgerd getoond over het feit dat de overeenkomst over de stationering van een VN-vredesmacht in Kroatië alleen ondertekend hoefde te worden door de leden van het Joegoslavische staatspresidium. Kroatië, dat inmiddels door tientallen landen is erkend maar nog geen lid van de VN is, wordt in de overeenkomst slechts met "Croatia' aangeduid. “Als dat niet verandert zullen we alsnog iedere meter van bezet Kroatisch grondgebied met geweld bevrijden”, zo beloofde Tudjman het congres van de regerende Kroatische Democratische Gemeenschap vorige maand.

In Belgrado lijkt men zich inderdaad te realiseren dat men dankzij het bezit van de Joegoslavische VN-zetel een voorsprong heeft op de Kroatische leiding. Maar Belgrado voelt zich toch niet op zijn gemak.