Kiezers geven gevestigde Duitse partijen waarschuwing

Op niet mis te verstane wijze hebben de kiezers in de Duitse deelstaten Baden-Württemberg en Sleeswijk-Holstein gisteren de gevestigde politieke partijen een waarschuwing gegeven: u moet het probleem van de aanhoudende stroom asielzoekers aanpakken en ons geduld raakt op met de reusachtige uitgaven voor de wederopbouw van Oost-Duitsland en Oost-Europa.

Zowel de christen-democratische CDU van bondskanselier Helmut Kohl als de voornaamste oppositiepartij, de SPD, leed een gevoelig verlies, terwijl vooral de rechts-radicalen en in mindere mate de Groenen oprukten.

Kohl en de zijnen kunnen zich niet verschuilen achter het feit dat het slechts om regionale verkiezingen ging. Niet alleen heeft Kohl zelf met name in Baden- Württemberg uit alle macht campagne gevoerd, maar uit opiniepeilingen blijkt ook dat de kiezers in beide deelstaten met hun stem de politici in Bonn hebben willen straffen.

De uitslag betekent een zware slag voor Kohl. De bondskanselier verkeert in een lastig parket: aan de ene kant willen de kiezers dat er knopen worden doorgehakt en dat de economie weer op het juiste spoor wordt gezet, maar aan de andere kant is hun geduld met verdere bezuinigingen en belastingverhogingen op. Dit laat de regering zeer weinig speelruimte.

Ook de SPD deelt in de malaise. De populaire premier van Sleeswijk-Holstein, Björn Engholm, die tevens kanselierskandidaat voor zijn partij in 1994 is, kon zich hieraan niet onttrekken: zijn partij wist met de hakken over de sloot haar absolute meerderheid in het parlement te behouden.

De Republikaner in Baden-Württemberg en de Duitse Volksunie in Sleeswijk-Holstein hebben met succes in troebel water gevist. Ze hamerden vooral op één thema, dat van de asielzoekers. Vorige maand werd een nieuw record geboekt van 35.000 nieuwkomers. Op deze voet doorgaand zullen er eind dit jaar 400.000 asielzoekers zijn, vergeleken met 260.000 vorig jaar.

De CDU wil een wijziging van de constitutie om het recht op asiel in te perken. De liberale FDP en de SPD zijn hier fel tegen. Hoewel de bevolking dit probleem als zeer dringend beschouwt, heerst in Bonn een politieke impasse.

Het ongenoegen van de kiezers beperkt zich niet tot de kwestie van de asielzoekers, maar betreft ook de uiterst kostbare reddingsoperatie voor Oost-Duitsland. Het begint velen in West-Duitsland tegen te staan dat hieraan honderden miljarden marken moeten worden gespendeerd terwijl in West-Duitsland de economie stagneert en in Oost-Duitsland nog nauwelijks concrete resultaten zichtbaar worden van de injecties. Geen enkele partij heeft het echter gedurfd om openlijk kritiek te leveren op de hulp voor Oost-Duitsland, die door de regering als vanzelfsprekende solidariteit met de verloren zonen van het Oosten wordt gepresenteerd.

Handig hebben de rechts-radicale partijen hiervan geprofiteerd door zich te concentreren op een onderwerp dat minder in de taboe-sfeer ligt, dat van de solidariteit met niet-Duitsers, de asielzoekers. Betekent dit nu dat Duitsland aan de vooravond staat van een duurzame nieuwe opbloei van onfrisse rechts-radicale partijen? Die conclusie zou te voorbarig zijn. Het merendeel van de kiezers op de Republikaner verklaarde zich afgezien van de kritiek op het asielbeleid nauwelijks met het programma van de rechtse partijen te identificeren. Hun stem was bedoeld als een protest tegen het gedraal van de politici in Bonn. Die weten dat ze nu in actie moeten komen, maar niemand in Bonn weet precies hoe.