Jeltsin wil bevoegdheden van parlement beperken

MOSKOU, 6 APRIL. President Boris Jeltsin van Rusland wil het parlement komende maanden gedeeltelijk uitschakelen. Volgens Jeltsin zou het “zelfmoord” zijn om de volksvertegenwoordiging nog langer de kans te geven zijn hervormingsbeleid te “blokkeren”.

Het Congres van Volksvertegenwoordigers, het voltallige 1200-koppige parlement dat vanmorgen in het Kremlin voor zijn zesde zitting bijeen is gekomen, heeft zich nog niet uitgelaten over deze wens van Jeltsin. Maar een voorstel van de oppositie om een motie van wantrouwen tegen de president op de agenda te zetten, is vanmorgen op voorhand wel door een meerderheid van het parlement afgewezen.

Jeltsin had gisteren al gisteren al gevraagd om extra bevoegdheden. In de grote filmzaal van hotel Rossia, waar zondag voor het eerst een "sobranje van burgers' (assemblée van burgers) bijeenkwam, keerde hij zich expliciet tegen een parlementaire democratie in Rusland. Volgens Jeltsin heeft het land nu behoefte aan een presidentiële democratie. “In een parlementaire republiek is de president niet meer dan een decoratief figuur. In de huidige situatie, waarin de verschillende krachten zich hergroeperen, ook de parlementaire, en het aantal partijen zich vermenigvuldigt, zou een parlementaire ontwikkeling moeilijk, niet wenselijk en simpelweg onaanvaardbaar zijn”, aldus Jeltsin tot de tweeduizend aanwezigen op de assemblée. Want, zo voegde Jeltsin er aan toe, nu “blokkeert het parlement het werk van de regering volledig”. Op deze wijze doorgaan, zou op “zelfmoord” neerkomen.

De "vergadering der burgers', die afgelopen week uit het niets tevoorschijn kwam, fungeerde aan de vooravond van het vannochtend geopend Zesde Congres van Volksafgevaardigden als een soort alternatief parlement dat druk moest uitoefenen op het echte Volkscongres.

In de legitieme volksvertegenwoordiging moet Jeltsin deze week zijn politieke koers, gericht op een vergaande presidentiële macht en een economische "shock-therapie', erdoor zien te loodsen. Zijn tegenstanders hebben zich de afgelopen weken in een informele coalitie verenigd die haar kritiek vooral heeft gefixeerd op het beleid van Jeltsins regering. Om deze critici te verzoenen, heeft Jeltsin vorige week al vier ministers min of meer ontslagen.

Dat was vooral een politieke manoeuvre, omdat allen op een of andere manier bij Jeltsins team betrokken zijn gebleven. Woensdag trad derde vice-premier Sergej Sjachrai af, formeel onder druk van de kritiek maar in feite om zijn zetel in het parlement te kunnen behouden en in die rol Jeltsin te kunnen blijven ondersteunen. Een dag later werd tweede vice-premier Jegor Gaidar, verantwoordelijk voor het economische beleid, ontheven uit zijn functie als minister van financiën. Gaidar is echter vice-premier gebleven. Vrijdag stapten vervolgens eerste vice-premier Gennadi Boerboelis en minister van arbeid Aleksandr Sjochin af. De eerste is als rechterhand van de president desondanks als "staatssecretaris' aangebleven. Sjochin behield zijn functie als vierde vice-premier. Gaidar gaf afgelopen weekeinde tijdens een spreekbeurt in Nizjni Novgorod (het voormalige Gorki) toe dat het Jeltsin hierbij slechts ging om een “herstructurering van de regering”

Het ontslag van de vier naaste medewerkers van de president en zijn oproep om hem de komende maanden met extra bevoegdheden te bekleden, passen keurig in de politieke cultuur waarin Jeltsin groot is geworden. Steeds als er een volkscongres in aantocht is dat hem niet welgezind lijkt, omdat hij daarin nooit over een stabiele meerderheid beschikt, creëert Jeltsin een crisis. Tot nu toe is hij in de aldus geschapen verwarring steeds als overwinnaar uit de bus gekomen.