Het ene emplacement na het andere gaat plat

ROTTERDAM, 6 APRIL. De draagbare autotelefoon piept. Stakingsleider John Jeelof schrikt van het geluid. De categorale vakbond voor spoorwegpersoneel FSV - waar Jeelof lid van is - heeft voor de gelegenheid een aantal draagbare autotelefoons gehuurd. De communicatie moet op deze manier worden verbeterd. Maar om half tien zijn de batterijen van Jeelofs autotelefoon al op.

Als animator voor de acties van het spoorwegpersoneel in het Rotterdamse goederenvervoer doet John Jeelof deze ochtend diverse emplacementen aan. Hij port de mensen op of steekt ze een hart onder de riem. Als eerste bezoekt hij goederenoverslag Feijenoord, waar een viertal mannen voor het hek staat. Ook Carlos staakt mee. Op het emplacement bekleedt hij een bijzondere positie; vanuit een klein huisje bedient Carlos wissels en seinen voor de goederentreinen die Feijenoord verlaten. FNV-actieleider Evert van den Brink neemt met een tevreden gebaar de sleutel van het seinhuisje in ontvangst. Tenzij een werkwillige machinist de hendels overhaalt, komt vandaag geen trein meer van het emplacement af.

Vanmorgen om vier uur is Jeelof op het Centraal Station in Rotterdam gearriveerd. Samen met een handjevol frisgewassen reizigers die het zekere voor het onzekere hebben genomen en met de laatste nachttrein naar hun werk zijn gekomen. Er heerst een serene stilte, behalve op perron één. Daar klinkt in de kantine af en toe een schorre stem die "actie' roept. Voor de rest kijken slaperige ogen over plastic koffiebekertjes heen.

Jeelof heeft geen tijd voor koffie of kletspraat. Na zijn bezoek aan Feijenoord rijdt hij naar goederenoverslag Kijfhoek. Dit is zijn eigen werkplek, die hij dan ook liefkozend “de verzamelbak van Neerlands goederenvervoer” noemt. Op de wegen hebben zich om zes uur nog geen files gevormd. “Het emplacement Botlek ligt plat”, meldt een collega onderweg. “En over het goederenvervoer vanuit de Waalhaven is nog niets bekend.”

De machinisten van het goederenvervoer staan grotendeels achter de staking. Ze maken zich vooral kwaad over de aangekondigde flexibilisering van de werktijden bij het onderhoudspersoneel. “Nu zijn zij aan de beurt en volgend jaar zijn wij de klos. Nou, ik heb geen zin in meer avonddiensten of gebroken diensten.” Iedereen benadrukt dat het geld pas op de tweede plaats komt. “Een loonsverhoging kan ik altijd gebruiken”, lacht een werknemer. “Maar daar gaat het deze keer niet om.” De vakbonden eisen een onvoorwaardelijke loonsverhoging van 4,5 procent, terwijl de NS-directie 4,25 procent biedt. Maar dan moeten de vakbonden wèl akkoord gaan met flexibilisering van de arbeidstijden.

Bij Kijfhoek wacht Jeelof een onaangename verrassing. Hij krijgt van de regionale NS-directie geen toestemming om over het terrein van de poort aan de noordzijde naar het hek aan de zuidzijde te rijden. Dat betekent dat de broodnodige communicatie tussen beide ploegen stakers dreigt mis te lopen. Jeelof: “Daar heb ik goed de tering over in. Het terrein is negen kilometer lang en drie kilometer breed. Als ik moet omrijden, doe ik daar twintig minuten over.” Ook het actiecentrum van de FSV in Utrecht kan weinig aan de situatie veranderen.

Jeelof keert terug naar Feijenoord, waar het de stakers inmiddels verboden is koffie te halen. De secretaresses van het nabijgelegen Rotterdamse vervoersbedrijf RET vullen daarom de thermoskannen met warme drab. De autorit wordt vervolgens voortgezet naar het emplacement De Waalhaven, maar Jeelof strandt in een file die Rotterdam dreigt te verstikken.

De man raakt hopeloos achter op schema, zometeen moet hij alweer verder om te overleggen met zijn collega's van de Vervoersbond FNV en CNV midden in Rotterdam. Zelf voelt Jeelof veel voor een bezetting van diverse kantines. Bij Feijenoord en Kijfhoek zouden de stakers ook al geen gebruik van het sanitair meer mogen maken. “Maar ja, het is maar de vraag of de Vervoersbond FNV zover wil gaan.”