VN eens over een Handvest voor de Aarde

NEW YORK, 4 APRIL. Met het vaststellen van de tekst voor een "Handvest voor de Aarde' is vanmorgen in New York de laatste voorbereidende conferentie afgesloten voor de grote wereldtop over milieu en ontwikkeling die in juni in Rio de Janeiro wordt gehouden.

Het Handvest, dat een zelfde status moet krijgen als de Universele Verklaring voor de Rechten van de Mens, zal in Rio worden ondertekend door staatshoofden en regeringsleiders uit nagenoeg alle landen van de wereld. De topontmoeting, de VN-conferentie voor Milieu en Ontwikkeling (UNCED), moet de grootste conferentie worden die ooit is gehouden.

Na vijf weken intensief onderhandelen in het hoofdkwartier van de Verenigde Naties in New York is vanmorgen behalve het Handvest ook een "Agenda'21' vastgesteld, die een overzicht geeft van milieu- en ontwikkelingsproblemen in de wereld en de wijze waarop deze zouden moeten worden aangepakt.

De conferentie wist geen overeenstemming te bereiken over de financiering van alle plannen, waarvoor de ontwikkelingslanden (China en de 128 landen die zich hebben verenigd in de zogeheten G-77) “nieuwe en aanvullende middelen” eisen, bovenop de bestaande ontwikkelingshulp van 55 miljard dollar. Volgens eerste berekeningen van de organisator van de UNCED-conferentie, de Canadees Maurice Strong, zouden de rijke landen jaarlijks 125 miljard dollar beschikbaar moeten stellen voor het milieu- en ontwikkelingsbeleid in de arme landen. Na protesten van de zijde van de rijke landen heeft Strong dit bedrag teruggeschroefd tot “een verhoging met omstreeks 15 miljard in de eerste jaren”.

Tot nu toe heeft geen enkel land bedragen genoemd voor verhoging van de hulpgelden. De verwachting is dat de staatshoofden en regeringsleiders hiermee in Rio goede sier willen maken. Evenmin is er de afgelopen weken in New York een akkoord bereikt over de wijze waarop extra financiële middelen voor met name het milieubeleid in ontwikkelingslanden moeten worden beheerd en verdeeld. Een bestaand, nog zeer bescheiden fonds hiervoor bij de Wereldbank ontmoet grote weerstanden bij de arme landen, omdat het beheer van het fonds volledig in handen is van de geldschieters.

Volgens de Nederlandse ambassadeur bij de Verenigde Naties, drs. R.J. van Schaik, zijn er de afgelopen weken in New York belangrijke stappen gezet om de grote milieu- en ontwikkelingsproblemen op wereldschaal aan te pakken. “Met een tamelijk stevige Agenda'21 en duidelijke afspraken voor versterking van de rol van de VN en voor overdracht van technologische kennis naar ontwikkelingslanden zijn we verder gekomen dan we tot voor kort nog voor mogelijk hielden”, aldus Van Schaik.

De particuliere organisaties op het gebied van milieu en ontwikkeling (NGO's) hebben een vernietigend oordeel geveld over de tot nu toe geboekte resultaten. In een reeds donderdag uitgegeven verklaring stellen zij dat er niets is ondernomen om de werkelijke problemen, zoals consumptiepatronen, handelsbarrières, afvalstromen en bio-technologie, bij de wortel aan te pakken. Volgens de organisaties, waaronder de Nederlandse NOVIB, is de Rio-conferentie op weg naar een “mislukking van historische omvang die de aarde en haar bevolking zich niet kunnen veroorloven”.