MISSING IN ACTION

M. I. A. or Mythmaking In America door H. Bruce Franklin 225 blz., Lawrence Hill Books 1992, f 39,50 ISBN 1 55652 118 9

Volgens een recente Time /CNN-opiniepeiling gelooft ruim zestig procent van de Amerikanen dat op geheime locaties in Indochina nog steeds Amerikaanse krijgsgevangenen vastzitten. Sinds 1982 wordt op het Witte Huis jaarlijks op een vaste dag de zwart-witte POW / MIA-vlag uitgehangen met daarop het opschrift "You are not forgotten' (bedoeld zijn de Prisoners of War en de militairen "Missing in Action'). Onlangs nog verklaarde president Bush dat de POW / MIA-kwestie de "hoogste nationale prioriteit' had, en dat de betrekkingen met Vietnam en Cambodja alleen genormaliseerd konden worden als het lot zou zijn opgehelderd van de 2273 MIA's die nu nog op de lijst van het Pentagon staan.

In zijn boek M. I. A. or Mythmaking in America beschrijft de Amerikaanse natuurhistoricus H. Bruce Franklin hoe dit even hardnekkige als absurde geloof in levende MIA's en POW's tot een nationale religie uitgroeide. Volgens de hoogleraar aan de prestigieuze Rutgers Universiteit begon het allemaal bij Nixon. Deze deed het voorkomen alsof de Vietnamoorlog zich vooral voortsleepte omdat de Vietnamese communisten bij de vredesonderhandelingen zouden weigeren de vrijlating van de Amerikaanse POW's te garanderen. ""We will fight on until we get them back'', zo motiveerde Nixon keer op keer de bommentapijten die hij over Noord-Vietnam liet uitstrooien.

Uiteraard claimde Nixon na the "Peace with Honor' in 1973 dat hij alle POW's had thuisgebracht en al was Nixon dan doorgaans een grote leugenaar, volgens Franklin had hij dit keer wél gelijk. Niettemin huldigden al zijn opvolgers een op zijn minst dubbelzinnig standpunt. Aan de ene kant gaven zij te kennen dat zolang geen zekerheid bestond over alle MIA's, het niet uitgesloten was dat Vietnam nog Amerikaanse POW's had achtergehouden. Dit argument kwam, aldus Franklin, het Witte Huis goed van pas om de economische en diplomatieke boycot van Vietnam en Cambodja te legitimeren. Aan de andere kant moesten zij evenwel het bestaan van POW's ontkennen, omdat zij anders gedwongen zouden zijn om iets van actie te ondernemen.

In toenemende mate raakte, aldus Franklin, het Witte Huis verstrikt in haar eigen dubbelzinnigheid. In 1979 was de verlegenheid groot toen de Amerikaanse ex-marinier Garwood opdook die naar zijn zeggen uit Vietnam was ontsnapt. Daar zou hij nog ""talloze'' Amerikaanse POW's in bamboe-kooien en strafkampen hebben gesignaleerd. Maar van Garwoods geloofwaardigheid bleef weinig meer over toen bleek dat hij in 1965 gedeserteerd was.

Toch lag de zaak-Garwood aan de basis van de mythe die door Hollywood-produkties als Uncommon Valor en Rambo tot cultureel gemeengoed van de natie werd. Volgens deze mythe mochten de Vietnamese communisten dan wel sadisten zijn, maar de echte vijand woonde in Washington. Dat waren cynische bureaucraten en opportunistische politici die in een geheime "deal' met de communisten de eigen POW's hadden opgeofferd. Dat deze mythe nog steeds springlevend is, bleek in 1990 met het verschijnen van het boek Kiss the Boys Goodbye. How the United States Betrayed its Own POWs in Vietnam.

Over dit boek maakt Franklin de schampere opmerking dat sinds de Watergate-affaire en het Iran-Contraschandaal er kennelijk geen complot-theorie meer te dol is. Bovendien is in de afgelopen jaren het geloof in levende POW's en MIA's nog eens extra aangewakkerd door een continue stroom van foto-trucages die door een heuse "POW / MIA-industrie' gefabriceerd wordt.

In het laatste hoofdstuk van M. I. A. or Mythmaking in America beschrijft Franklin hoe sinds 1985 in samenwerking met de Vietnamese autoriteiten, een commissie van het Pentagon minutieuze opgravingen verricht op plaatsen waar Amerikaanse vliegtuigen zijn neergestort. Daarbij merkt hij op dat de ijver waarmee nu naar de stoffelijke resten van de MIA's wordt gespeurd, nogal schril afsteekt tegen de Amerikaanse gewoonte om de slachtoffers van de vijand in massagraven te bulldozeren. En bovendien, zo stelt Franklin, staat het ook in groot contrast met de zorg die besteed wordt aan de andere groep van MIA's, zijnde de duizenden Vietnam-veteranen Missing-In-America.