Kok ergert zich aan bejegening Pronk door CDA

DEN HAAG, 4 APRIL. PvdA-leider en vice-premier Kok heeft zich buitengewoon geërgerd aan de manier waarop de CDA-fractie in de Tweede Kamer zijn partijgenoot minister Pronk (ontwikkelingssamenwerking) heeft bejegend.

Hij heeft dit gisteren tijdens de ministerraad aan de coalitiepartner laten weten, zo meldde Kok gisteren na afloop van deze vergadering. Hij laakte “de toonhoogte” waarop CDA-woordvoerder De Hoop Scheffer minister Pronk donderdagavond had aangesproken over diens optreden in de kwestie-Indonesië. “Die beviel me niets. Ik heb er een beetje de pest in.”

Premier Lubbers sprak even later in sussende en relativerende bewoordingen over het sluimerende conflict tussen CDA en PvdA. Hij liet blijken dat wat hem betreft noch de positie van Pronk noch die van PvdA-staatssecretaris Simons (volksgezondheid), die het deze week eveneens met de CDA-fractie aan de stok kreeg, in het geding is.

Het Kamerdebat van donderdag werd gehouden naar aanleiding van de beëindiging van de ontwikkelingsrelatie met Nederland door Indonesië en uitlatingen van Pronk daarover. Aan het slot van dat debat sprak de CDA-fractie weliswaar vertrouwen uit in de PvdA-bewindsman, maar ook zei De Hoop Scheffer dat een gewaarschuwd minister voor twee hoort te tellen. “Minister Pronk moet nu niet worden behandeld alsof hij onder curatele staat”, zei Kok gisteren daarover.

De Hoop Scheffer verwees gisteravond voor een reactie op de uitlatingen van Kok naar de voorlichter van de CDA-fractie.

Deze onderstreepte dat de harde toon van De Hoop Scheffer jegens Pronk overeenkomstig de bedoeling van de CDA-fractie was. “De fractie vond het nodig dit signaal te laten klinken.” Pronk wordt niet onder curatele geplaatst, maar, aldus de CDA-voorlichter, het kabinet had er in een brief aan de Kamer zelf aan herinnerd dat op het gebied van mensenrechten minister Van den Broek (buitenlandse zaken) de eerstverantwoordelijke is. Wat het CDA betreft is het optreden van Pronk in de kwestie-Indonesië geen herhaling waard, “maar daar moet men nu verder niet te moeilijk over doen, dit moet geen perpetuum mobile worden”.

De discussie over de positie van minister Pronk is ook volgens premier Lubbers na het Tweede-Kamerdebat van donderdagavond “beëindigd”.

Pag.3: Lubbers verdedigt minister

Lubbers gaf wel impliciet toe dat Pronk in de discussie over de beëindiging van de hulprelatie door Indonesië schade had opgelopen. “Maar dat gebeurt ons, politici, allemaal. Wij lopen littekens op, schrammen en soms zelfs een buil. Maar daarna gaan we gewoon door met ons werk. Dat doet Pronk nu ook.”

Wat Lubbers betreft geldt dat evenzeer voor staatssecretaris Simons, ook als diens prognoses over de mogelijkheid van forse verlagingen van de ziektekostenpremies voor particulier verzekerden niet uitkomen. “Als staatssecretaris Simons ongelijk krijgt, zullen we moeten zeggen: dat was een zeer optimistische raming van hem”, zei Lubbers. Simons noemde eerder premieverlagingen van 15 tot 30 procent, maar heeft inmiddels erkend dat de reductie lager zal uitvallen.

De premier vergeleek Simons' inzet met die van oud-minister Ruding van financiën in de vorige kabinetten-Lubbers. “Hoe vaak ik het niet heb meegemaakt dat Ruding voorstellen deed waarvan nog niet de helft terechtkwam... En die is ook nooit afgetreden”, zei Lubbers. De premier liet ook blijken niet opzij te zullen gaan voor luide kritiek van verzekeraars, die steeds hebben beweerd dat de premies niet of slechts in geringe mate omlaag kunnen. “Als verzekeraars hoog van de daken schreeuwen, schreeuwen ze over mijn hoofd heen.”