"Bejaarde hardloopjunk' wordt voorzitter KNAU

ROTTERDAM, 4 APRIL. De voormalige commandant van het Korps Mariniers, Willem van Breukelen, begint vandaag zijn werk als voorzitter van de Nederlandse atletiekunie.

“Voor mij is het sporten en niet spuiten”, zo vat hij zijn oordeel over de door dopingverhalen belaagde KNAU samen. Vier maanden vormde Van Breukelen zich een beeld van een bond die uit bijzonder veel commissies en secties bestaat. Hij wil energiek aan de slag in zijn nieuwe omgeving, waar de dopinggeschiedenissen volgens velen vragen om een direkt oordeel.

De 53-jarige Van Breukelen is vandaag op de jaarvergadering van de KNAU zonder tegenkandidaten tot voorzitter benoemd. Een jaar na het overlijden van Wim de Beer, die de unie veertien jaar leidde, is een vacature vervuld waarbij werd gezocht naar een man van buiten. Hij moest geen achtergrond hebben binnen een vereniging, maar hij diende wel te weten wat er zich afspeelt in het grote leger van wegatleten dat geen lid wordt. De KNAU zocht een fris gezicht dat niet was getekend was door interne kneuterverhalen.

Van Breukelen heeft zelf gemeld dat hij zin had in de job. Maar de directeur van de bond, Arie Kauffman, kent de nieuwe praeses heel goed. Hij was bijna majoor toen Van Breukelen bij zijn Korps Mariniers in Doorn groepshoofd was. Kauffman kwam in 1986 naar de atletiekunie als opvolger van Herman Buuts, de technisch directeur die de laatste weken wordt beschuldigd van het oogluikend toestaan van doping.

Van Breukelen noemde gisteren de dopingverhalen “verdachtmakingen uit een verleden van acht tot tien jaar terug. Het is bijna ondoenlijk om je ermee bezig te houden. Ik kom uit het Korps Mariniers waar fysieke training in hoog aanzien staat. We doen het daar clean. De belangrijkste periode bij de bond is voor mij de toekomst. Ik sta een krachtig anti-dopingbeleid voor”.

De voorzitter heeft zich in de weken dat er van dopingverwijten nog geen sprake was door alle commissies van de KNAU "geslingerd' en voelde veel voor zijn nieuwe werk. Twee dagen per week heeft hij een lobby-functie namens Maritiem Platform Nederland, hij werkt bij het parlement in Den Haag en bij de EG in Brussel. Zijn ontslag wegens zijn leeftijd bij de mariniers bood hem tijd voor meer activiteiten. Sport liep toch al als een rode draad door zijn leven. Bijvoorbeeld de biathlon. “In skiën met een rugzak met veertig tot vijftig kilogram inhoud was ik goed.” Of de moderne vijfkamp. “De cross ging goed, maar ik ben vaak van een paard gelazerd. Dat kostte me de nodige flessen sherry.”

Van Breukelen is “een bejaarde hardloopjunk”, die de mooiste gedachten krijgt wanneer hij aan het joggen is. “Als de dienstplicht straks wordt afgeschaft, wie neemt dan de fysieke training van een grote groep jongens tussen 18 en 20 jaar over? En krijgt de sportwereld dan een deel van de gelden wanneer die rol van de krijgsmacht wordt overgenomen”, zo vroeg hij gisteren al aan de overheid. “Trouwens, als je gezondere mensen hebt, dan heb je minder geneesmiddelen nodig”, zou hij staatssecretaris Simons willen uitleggen. Binnen zijn nieuwe sportbond hoopt hij meer aandacht vrij te maken voor de grote groep wegatleten zonder de van oudsher stevige baanatletiek te schofferen.

Die gedachten had Van Breukelen zich bij zijn oriëntatie gevormd. De laatse weken, zo beseft hij, bevindt hij zich in een wereld vol verdachtmakingen. “Ik ben er niet wenend door op mijn stoel gaan zitten. Als er harde bewijzen komen moet er een onderzoek worden gestart. Maar aan halfzachte beschuldigingen kun je geen aandacht besteden.”