Arbitrage in gasgeschil Nederland en Duitsland

DEN HAAG, 3 APRIL. De onderhandelingen tussen de NAM (Shell en Esso) en het Duitse bedrijf BEB (Brigitta Erdgas und Erdöl GmbH, eveneeens Shell en Esso) over de compensatie voor twintig miljard kubieke meter te veel geleverd aardgas zijn vastgelopen. De kwestie is nu voor arbitrage aan de International Chamber of Commerce (ICC) in Zürich voorgelegd. Minister Andriessen (economische zaken) heeft de Tweede Kamer hiervan gisteren schriftelijk op de hoogte gebracht.

Aan de basis van het geschil ligt een onopgelost conflict tussen Nederland en Duitsland over de ligging van de grens in het Eems-Dollardgebied. In 1960 werd een regeling getroffen voor scheepvaart en visserij in het betwiste gebied (de zogenaamde "Common Area') en in 1962 werd in een "Aanvullende Overeenkomst' bepaald dat beide landen voor 50 procent recht hadden op de delfstoffen in het gebied. Onder de Common Area bevindt zich een uitloper van het Groningenveld ("Slochteren') waaruit uitsluitend de NAM gas wint. Wat zij "teveel' wint werd volgens een technische werkovereenkomst tussen NAM en BEB verrekend. Seismisch onderzoek in de periode 1985-1988 wees uit dat onder de Common Area veel minder aardgas zat dan was aangenomen. Daarmee werd duidelijk dat BEB administratief teveel aardgas was geleverd.

BEB betwist nu een detail van de daartoe op voorhand vastgestelde compensatieregeling uit de zogeheten "Second Amendment'. Daar komt bij dat de Duitse overheid niet helemaal instemt met de laatste schating van de omvang van de aardgasreserve in het gebied. Duitsland zou nog één onderdeel van de schatting onderzoeken en daarmee is meer tijd gemoeid dan de tussen Nederland en Duitsland overeengekomen termijn. Andriessen heeft hiermee vooralsnog ingestemd. Wel zal hij in mei overleg voeren met zijn Duitse collega om “op korte termijn definitief uitsluitsel te krijgen”.

De ICC moet uitkomst bieden over de vergoeding van de twintig miljard kubieke meter teveel geleverd aardgas. “Het blijft overigens mogelijk dat de partijen tijdens de arbitrageprocedure alsnog tot overeenstemmming komen”, aldus Andriessen.

Het geld - enkele miljarden guldens - wil het kabinet gebruiken voor de versterking van de infrastructuur. Daarvoor wordt een zogenoemd Gasbatenfonds, opgericht, beheerd door de ministers van economische zaken en financiën. Naast het "Common Area-geld' wordt het fonds gevoed met de extra inkomsten uit de export van aardgas.