Zwitsers niet erg happig op samenwerking met KLM

ZÜRICH, 2 APRIL. Swiss Air staat niet te trappelen om de KLM op te nemen in de zogeheten European Quality Alliance (EQA), waarin deze Zwitserse luchtvaartmaatschappij samenwerkt met de Scandinavische SAS en Austrian Airlines. KLM's lidmaatschap van deze alliantie is een vaak genoemde optie sinds de Nederlandse poging tot verregaande samenwerking met British Airways eind februari strandde.

Bestuursvoorzitter Otto Loepfe van Swiss Air toonde zich gisteren in Zürich tijdens een gesprek na de presentatie van de positief uitvallende jaarcijfers van zijn bedrijf niet bijzonder enthousiast over de mogelijke opname van de KLM in de EQO. “Wij streven er niet direct naar”, aldus Loepfe. “Wij zijn nu tamelijk tevreden met wat we in de alliantie hebben. Breid je zo'n samenwerkingsverband uit, dan worden de zaken meer complex. Dan moet opnieuw een balans worden gezocht.” De Swiss Air-topman ziet overigens wel graag genoteerd dat hij de KLM een goede maatschappij vindt, “waarmee wij als sinds 1968 bepaalde vormen van samenwerking onderhouden”.

De EQA heeft een Europees marktaandeel van 20 procent, tegen de KLM slechts 2,5 procent en British Airways 15,5 procent. Volgens Loepfe bezorgde de alliantie Swiss Air vorig jaar een voordeel van naar schatting 7 à 20 miljoen dollar. Nieuwe vestigingen, zoals in het Litouwse Vilnius worden door de drie partners gezamenlijk gedreven en als het aan Swiss Air ligt worden meer verkoopkantoren samengevoegd.

Volgens Loepfe toont de mislukte fusiepoging tussen de KLM en British Airways aan dat een grensoverschrijdend samengaan van twee vliegmaatschappijen anno 1992 nog een moeizame aangelegenheid is. “Een van de partijen wil nu eenmaal de teugels in handen nemen en dat vind ik geen aantrekkelijke gedachte”, aldus de Zwitser. “Ook betekent een samengaan van twee bedrijven niet noodzakelijkerwijs een accumulatie van hun landingsrechten. Je kunt dus eindigen met minder. Ook is onze bedrijfstak minder afhankelijk van de economies of scale. Onze kosten zijn meer lineair met onze operaties. Als je bijvoorbeeld op één vliegtuig tien man personeel nodig hebt, zul je op tien vliegtuigen honderd man nodig hebben”.

Otto Loepfe acht het zeker niet onmogelijk dat fusies tussen luchtvaartmaatschappijen later in de jaren negentig wel mogelijk en profijtelijk zullen worden. “Maar nu zie ik meer voordeel in allianties, niet alleen in Europa, waar wij met de SAS en Austrian Airlines de European Quality Alliance hebben, maar ook wereldwijd, waardoor je culturele botsingen vermijdt. Zo hebben wij een Global Excellence Alliance met het Amerikaanse Delta Airlines en Singapore Airlines, die positieve resultaten oplevert.” Swiss Air, Delta en Singapore Airlines hebben alle een belang van 5 procent in de beide andere partners genomen. Toch klaagde Singapore Airlines onlangs over de nog gebrekkige ontwikkeling van dit samenwerkingsverband. En bij Swiss Air in Zürich is men niet echt enthousiast over Delta's opbouw van een “hub” (vliegknooppunt) in Frankfurt.

Swiss Air meldde gisteren over 1991 een nettowinst van 47,6 miljoen Zwitserse franks (32 miljoen dollar) in vergelijking met 4 miljoen Zwfr. in 1990. De totale omzet van het bedrijf steeg met 5,2 procent tot 5,3 miljard Zwfr. Op het eerste gezicht lijken deze resultaten, volgens Swiss Airs bestuursvoorzitter Loepfe, niet bijster briljant, maar bij nader inzien stemmen zij toch tot tevredenheid. Zeker gezien de talrijke problemen waarmee de wereldluchtvaart vorig jaar kampte. Daardoor duikelde het aantal passagiers dat Swiss Air vorig jaar met zijn 60 vliegtuigen vervoerde met 8,2 procent tot net onder de 8 miljoen. Het vrachtsvolume daalde wat minder: met 3,3 procent.

Het bedrijf beleefde vorig jaar ook enkele meevallers, zoals de verkoop voor niet minder dan 140 miljoen Zwfr. van vier oude DC-10 vliegtuigen en de groeiende, zeer winstgevende dienstverlening aan derden - catering en onderhoud van vliegtuigen. Ook is Swiss Air in een programma van kostenbesparingen verwikkeld dat tot 1994 440 miljoen Zwfr. moet opleveren.

De bestuursvoorzitter pleit voor een deelname van Zwitserland in de EG, waar de luchtvaart gaandeweg wordt geliberaliseerd en zijn bedrijf eenderde van de omzet behaalt. Als Swiss Air niet kan meeprofiteren van deze liberalisering wordt zijn marktaandeel bedreigd, aldus Loepfe. “Ik denk dat wij gezien de omstandigheden tevreden mogen zijn over 1991 en 1992 wordt beter”, zo concludeert Otto Loepfe.

Een oordeel dat niet door iedereen wordt gedeeld. Analist James Stettler van de Bank Julius Bear in Zürich meent: “Swiss Air kampt met turbulentie door overcapaciteit in Europa, harde concurrentie van grotere airlines, onverstandige investeringen in hotels, de economische malaise in Zwitserland en de last van een dure thuisbasis”.